'Oranje heeft nog voldoende energie'

De grens voor de overbelaste topvoetballers lijkt bereikt, stelt inspanningsfysioloog Luc van Agt...

Van onze verslaggever Robèrt Misset

johannesburg De WK-finale tegen Spanje wordt het tiende duel voor Oranje binnen zes weken. Maar inspanningsfysioloog Luc van Agt constateert dat de nauwgezette, in 2007 begonnen voorbereiding op het WK in Zuid-Afrika haar vruchten afwerpt. Uit metingen bleek dat de internationals tegen Uruguay meer arbeid konden verrichten dan in hun voorgaande WK-wedstrijden.

Van Agt, werkzaam bij PSV en sinds 2005 op grote toernooien lid van de technische staf van van Oranje, vergeleek de gemiddelde loopafstand van de vier teams in de halve finales. ‘De Duitsers hadden in hun vijf WK-duels de meeste kilometers afgelegd’, zegt hij in een mondain hotel in Johannesburg. ‘Uruguay en Nederland hielden elkaar gemiddeld in evenwicht, Spanje zat er iets boven.’

Uit zijn analyse van de statistiek tegen Uruguay kwam naar voren dat Nederland extra energie kon leveren. Van Agt: ‘We waren in staat om een stapje harder te lopen. Het zijn kale cijfers, de tegenstander dwingt je wellicht tot meer loopwerk. Maar ze geven wel voldoening.’

Trainen op hoogte, in het Oostenrijkse Seefeld, was de ideale voorbereiding op het WK in Zuid-Afrika, aldus Van Agt. ‘Martin Truijens heeft ons als expert op het gebied van hoogtestages geadviseerd. Voetballers leveren nu eenmaal andere inspanningen dan zwemmers of wielrenners.’

Er was nog een belangrijk onderscheid met de duursporters. Van Agt: ‘Zij bereiden zich juist met hoogtestages voor op wedstrijden op zeeniveau. Zo kweken ze meer rode bloedlichaampjes en dus meer inhoud. Wij hadden het probleem dat de voetballers moesten presteren in Johannesburg op een hoogte van 1.600 meter én op zeeniveau in Kaapstad, Durban en Port Elizabeth.

‘We hebben ervoor gekozen om in Seefeld te trainen, op 1.200 meter. Dat is 400 meter lager dan in Johannesburg, maar zo konden we na enkele dagen acclimatiseren dezelfde intensiteit leggen in de trainingen als op zeeniveau.’

De periodieke testen onderschreven de visie van de medische staf. Van Agt: ‘Het trainingskamp in het Oostenrijkse Seefeld was het ideale tussenstation. Daardoor is de aanpassing aan de hoogte in Zuid-Afrika sneller verlopen. Fysiek gingen de spelers telkens vooruit.’

Van Agt erkent dat de omweg via Nederland ook een commerciële reden had. Oranje moest immers voor het WK nog twee oefeninterlands spelen. ‘De KNVB moet geld verdienen, dat telt ook mee. Toch konden we op die manier de verplaatsingen in Zuid-Afrika van hoogte naar zeeniveau nabootsen. We hadden ook al in het Duitse Freiburg gespeeld, dat lager ligt dan Seefeld. Het ritme werd niet onderbroken.’

De fysieke preparatie van toch al overbelaste topvoetballers is precisiewerk, zegt Van Agt. De staf stelde verschillende schema's op. ‘Begin mei begonnen we met de spelers die zo uit de nationale competitie kwamen. Ook bij hen hebben we tijd voor herstel ingebouwd. De spelers die nog aan de bekerfinale hadden meegedaan, begonnen pas in Oostenrijk met de training. Het idee was alle spelers een week rust te geven.’

Sneijder, Van Bommel en Robben voegden zich pas na de finale van de Champions League bij de selectie. Van Agt: ‘We hebben ze rustig laten instromen, terwijl het team al met een hogere intensiteit trainde. Zo konden ook deze spelers snel aansluiten.’

Hartslagmeters, lactaattesten; de wetenschap reikt de topcoach voldoende informatie aan om overbelasting bij zijn spelers te voorkomen. ‘Het is ook een kwestie van communicatie tussen de technische staf, de medische staf en de speler’, zegt Van Agt. ‘Dat zorgt voor finetuning van het trainingsplan. Zo stemmen we de belasting voor elke speler vast. Zie het als tandwieltjes die precies in elkaar moeten grijpen.’

Uit onderzoek van de FIFA uit 2002 bleek al dat spelers uit de Europese topcompetities hun niveau vaak niet haalden op een eindronde. Messi, Rooney, Cristiano Ronaldo, Kaka; ze waren al opgebrand voor het WK begon. Met een uitgekiend programma hopen de Nederlandse internationals zondag tegen Spanje nog één ultieme krachtsinspanning te leveren.

Maar de bijna moordende revalidatie van Arjen Robben illustreerde dat de grens in de belasting van topspelers lijkt bereikt. Van Agt: ‘De wedstrijdkalender is overvol. Het is bizar dat je een WK speelt na competities die voor de meeste spelers loodzwaar zijn. En terwijl wij nog een WK-finale moeten spelen, zijn de Nederlandse clubs alweer in voorbereiding op het volgende seizoen. Zij wachten met smart op hun spelers die juist dringend aan rust toe zijn.’

Het leven van een topvoetballer is als een perpetuum mobile. Van Agt: ‘Ze moeten een jaar lang goed in hun vel zitten. Het is een groot verschil met sporters die een olympische cyclus volgen. Zij kunnen het zich permitteren om na een toernooi een rustperiode in te bouwen. Een topvoetballer kan na het WK niet kalm aan doen, dan komt hij op de reservebank terecht. Het houdt nooit op en dat gaat eens ten koste van de kwaliteit. Je kunt niet eindeloos grenzen blijven verleggen. Ik voorzie dat spelers het straks niet meer accepteren.’

Ook mentaal raken de voetballers volgens Van Agt in een spagaat. ‘Het is bijna niet op te brengen. Stel je voor dat Nederland wereldkampioen wordt, dan is het absurd om te verwachten dat de internationals over twee weken weer vrolijk voor hun clubs gaan spelen. Maar er is bijna geen oplossing voor te verzinnen.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden