Opvolgers Sven Kramer laveren tussen haast en geduld

De voorhoede van het Nederlandse schaatsen leunt zwaar, misschien wel te zwaar, op ervaren krachten. Maar 30-plussers als Sven Kramer en Ireen Wüst weten dat er nieuwe toppes aankomen. In het drukke weekeinde van de KNSB Cup, de opening van het schaatsseizoen, toonden zich gezichten van de toekomst.

Sven Kramer op de 10 km, een van de drie afstanden die hij zou winnen.Beeld Klaas Jan van der Weij

Van sprinter Kai Verbij (22) was al bekend hoe goed hij de 500 en de 1.000 meter kan combineren. Van Daidai Ntab (22), een rijzige atleet met een Senegalese vader, was diens kwaliteit op de 500 meter ook erkend. Het optreden van Patrick Roest (20) op de 1.500 meter werd beloond met de goudkleurige KNSB Cup.

De toekomstige driemansvoorhoede in het Nederlandse mannenschaatsen wordt momenteel nog duidelijk aangevoerd door Kai Verbij. De sprinter, die een Japanse moeder heeft, brak begin dit jaar door met de derde plaats bij de WK sprint in Seoul, achter de omstreden wereldkampioen Pavel Koelizjnikov (meldonium) en landgenoot Kjeld Nuis.

Verbij wist na vorig seizoen dat hij, als hij een kans wilde maken op het hoogste eremetaal in de sprintvierkamp, zijn 1.000 meters diende te verbeteren. 'Ik kon vorig seizoen in de strijd met Koelizjnikov en Nuis mee tot 600 meter. Daarna verloor ik veel in de slotronde. Ik heb meer omvang getraind dan de vorige twee seizoenen. Vaak gaat meer op je uithoudingsvermogen trainen ten koste van je snelheid. Mooi daarom dat het gelukt is.'

De suggestie dat Verbij 1.500 meters diende te gaan schaatsen om zijn uithoudingsvermogen te vergroten, was aan de sprinter niet besteed. 'Ik kan niet een heel goede 1.500 rijden. Ik doe er dit seizoen misschien een voor training. De 500 en de 1.500 gaan naar mijn mening niet samen', trapte de hardrijder maar eens op de rem.

Velen zien in hem al jaren een kampioen die de sprintwereld op termijn kan regeren. Zelf is hij voorzichtiger. Over dit seizoen: 'Vorig seizoen ging al heel goed. Dan is het lastig dat niveau nog eens te evenaren. Het maakt onzeker. Ga je dat niveau wel weer halen?'

Na zijn zege op de 1.000 van Groningen wist hij dat het goed zat. Hij verbeterde het baanrecord met 6/10 van een seconde, naar 1.09,54. Wereldtopper Nuis moest passen. Hoe die verbeterde inhoud zich verderop in het seizoen gaat uitbetalen, liet Verbij open. Hij rekent erop bij de WK sprint in Calgary, eind februari, sterk te zijn. Voor de Olympische Winterspelen van Pyeongchang rekent hij zich niet rijk. 'Nederland is supersterk. Ik wil graag in Korea starten. Dat wordt al uiterst lastig.'

Patrick Roest krijgt KNSB Cup

Allrounder Patrick Roest werd tot zijn verbazing uitgeroepen tot winnaar van de KNSB Cup, de juryprijs. Zijn tweede plaats op de 1.500 meter (1.47,02) werd door de jury van oud-schaatsers en schaatsstatistici hoger aangeslagen dan de drie afstandszeges van Sven Kramer, die onder meer op de 1.500 meter won (1.46,88).

De jury vond dat Roest met de snelste slotronde (28,1) aansloot bij de wereldtop. Ze vermoedt dat hij bij de Winterspelen in het Koreaanse Pyeongchang de heerser op die afstand, de Rus Denis Joeskov, kan bedreigen.

Over medailles en kleuren laat Verbij zich niet uit. Toen het olympische goud van zijn coach Gerard van Velde, de 1.000 van 2002 in Salt Lake City, ter sprake kwam en het feit dat hij die op 30-jarige leeftijd binnenhaalde, viel de jonge schaatser uit zijn rol. '30? Ik hoop het niet. Hoe eerder hoe beter', zo schetste hij zijn toekomst.

Een man die rustig het woord 'goud' in de mond nam, was Verbij's teamgenoot Daidai Ntab. 'Olympisch goud is het hoofddoel.' Ntab zegt echter geduld te kunnen betrachten. Voorlopig is in eigen land Verbij, ploeggenoot bij Team Plantina, nog beter. 'Zo'n slotronde als Kai rijdt op de 1.000, die kan ik niet. Zulke benen heb ik nog niet. Maar Kai en ik hebben onderlinge strijd. Daar worden we alle twee beter van.'

Ntab concentreert zich vooralsnog op de 500 meter, de ultieme sprintafstand. Hij veroverde vrijdag zijn eerste wereldbekerticket. Hij kan zich vier wedstrijden op rij ontwikkelen op die afstand. Het gaat allemaal met een razend tempo. 'Tot en met mijn 18de had ik heel andere dingen aan mijn hoofd dan hard schaatsen. Het ging toen over studeren. Maar nu heb ik de keuze gemaakt. Ik maak stappen.'

Uitdager

Maar de schaatser die afgelopen weekeinde de grootste stappen maakte, was Patrick Roest. Hij heeft het voordeel sinds anderhalf jaar deel uit te maken van het team van Sven Kramer. Dat Roest wereldbekertickets greep op twee afstanden (1.500 meter en 5 kilometer) deed hem deugd. Dat hij de KNSB Cup kreeg, een juryprijs, in plaats van de verwachte winnaar Kramer, verbaasde hem.

De naam Kramer viel voortdurend in de nabeschouwing van Roest. 'In de training rijd ik het liefst achter Sven. Ik houd van zijn slag. Maar ik moet niet zo veel poweren als hij. Ik moet het van souplesse hebben.'

Het sterker worden van Roest had alles te maken van de vele fietsritten met Kramer, Douwe de Vries en Alexis Contin. 'Het is per man een half uur op kop. En dan komt de volgende. Hoeveel uren? Nou, we zitten tien uur per week op de fiets. Het betaalt zich nu uit in mijn duurvermogen. Daarom reed ik die sterke slotronde op de 1.500 meter.'

De pijn van het vorige schaatsseizoen ('ik heb overal reserve gestaan') wil de flyer Patrick Roest deze winter achter zich laten. Al ziet de wereld hem als een uitdager op de 1.500 meter die van 'drie rondjes van 26' droomt, voor de jonge Zuid-Hollander gaat niets boven de EK en de WK allround. Ook daarin kopieert hij Sven Kramer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden