NieuwsVolleybal

Op sprongkracht richting Tokio: Thijs ter Horst wil stunten op OKT

Volleyballer Thijs ter Horst kan op het olympisch kwalificatietoernooi in Berlijn een van de sleutels tot Nederlands succes zijn. Tegen Europees kampioen Servië zou dat maandag een stunt zijn, maar de springveer uit Nijverdal heeft reden om optimistisch te zijn.

Thijs ter Horst staat te boek voor een smash­hoogte (‘spike’) van 3 meter en 64 centimeter.Beeld EPA

Volleybalinternational Thijs ter Horst geldt met zijn 2 meter en 4 centimeter en twee krachtige benen als de ware hoogspringer. Er gaat een internetfilmpje rond met beelden van het WK 2018, waarin de reus uit Nijverdal als ‘het monster van de hoogtesprong’ wordt geafficheerd.

‘Ja, ik hoorde er laatst van in de kleedkamer. Er zijn genoeg van die volleybalgekken die zulke dingen maken. O, dit is van de wereldbond FIVB?! Nou ook leuk toch’, reageert de man wiens sprongkracht de komende week op het olympisch kwalificatietoernooi in Berlijn een van de sleutels tot Nederlands succes kan zijn. ‘Het is een van mijn sterkere punten. Hoog springen op linksvoor. Over het blok heen slaan.’

Hij staat te boek voor een smash­hoogte (‘spike’) van 3 meter en 64 centimeter. Bij het blokkeren reikt hij tot 3.45. In het filmpje komt hij bij zijn aanvalsslag tot 3.35. ‘Het verschil is dat je bij zo’n sprongmeting in de zaal een latje moet wegtikken. Bij blokkeren net zo. Maar wat je in zo’n video ziet, is het raken van de bal. De langste Russen, die volgens de statistieken nog 10 centimeter hoger kunnen aantikken dan ik, komen ook aan die 3.35 bij de aanvalsbal.’

Zuid-Korea

Uitmuntende cijfers geven richting aan een buitenlandse carrière. Ter Horst kwam door die glanzende reeks aan een Koreaans contract. Hij speelde de voorbije drie jaar, voor zijn terugkeer in de zomer naar Italië, in het fabrieksteam van Daejeon Samsung Bluefangs. ‘Die Koreanen kijken allereerst naar lengte. Onder de 2 meter hoeven ze je niet, hoe goed je misschien ook bent.’

De Nederlander werd in 2016, toen spelend voor het Italiaanse Piacenza, ­benaderd om mee te doen aan de Koreaanse clubcompetitie. Hij was 24 en, na de royaal gemiste Olympische Spelen van Rio, rijp voor een avontuur. ‘In Zuid-Korea zijn zeven clubs die elk één buitenlander mogen aantrekken. Voor die zeven plekjes is er een draft. Je stuurt een video in en een aantal spelers wordt dan gevraagd naar Korea te komen, voor een centrale training van een aantal dagen, waarbij de coaches van de clubs hun ­gewenste speler kunnen uitkiezen.

‘Van de dertig spelers worden er uiteindelijk dus zeven uitgekozen. Ik heb er drie jaar van mogen proeven. Het is veeleisend. Jíj moet alles doen. Daar ben je die buitenlander voor. Er wordt veel van je verwacht. Je krijgt de gekste ballen als aanvaller, want daar ben jij voor aangetrokken. Maar als je dat aankan, als je er goed tegen kunt om ver van huis te zijn en een andere cultuur wilt treffen, dan is het een heel gaaf avontuur.’

Ter Horst (28) was in 2019 rijp voor een terugkeer naar Europa. ‘Italië had mijn voorkeur. De competitie in de A1 is weer ouderwets sterk. Alle grote spelers komen momenteel terug naar Italië. Een paar jaar geleden was er crisis. Toen gingen zelfs de Italianen weg uit Italië, naar Polen, Turkije en Rusland. Nou, dat gebeurt niet snel hoor.’

De Nederlander, weer in beeld gekomen door een sterk WK van 2018, kreeg al snel Ravenna aan de lijn. Het is een club met een grote naam. ‘Met Modena is Ravenna een van de twee grote traditionele volleybalsteden van Italië. Het laatste landskampioenschap dateert van lang terug (1991), maar nu is het de club die veel jong talent doorsluist naar de nu heersende teams. Ravenna is de club die Karch Kiraly (beste volleyballer aller tijden, red.) onder contract heeft gehad.’

Verona

Ter Horst heeft Italiaanse ervaring. ‘Ik was 19 en speelde voor Orion in Doetinchem, toen ik benaderd werd door Verona. Man, ik had gedacht via de eredivisie misschien ooit eens in België en dan in Frankrijk terecht te komen; was ik opeens in beeld voor Italië. Mijn moeder vond Doetinchem al ver. En toen ging ik nog veel verder weg. Ik kreeg een eigen appartementje, een auto, want ik had mijn rijbewijs, en het eten gebeurde bij het vaste restaurant. Zo is dat geregeld in Italië.’

Ter Horst, de nummer 9 in het topscorersklassement, doet meer dan uitstekend mee in zijn positie van passer­loper, de man die de service ontvangt en vervolgens aan de buitenkant aanvalt. De grote aanvallers zijn de ‘opposti’, de diagonalen. De beste is collega-international Nimir Abdelaziz. Ter Horst, met brede lach: ‘Nimir is dit seizoen in Italië een verhaal apart. Hij serveerde tegen ons tien aces en één bal fout. Dan wordt het lastig winnen.’

Ter Horst heeft zijn sprongservice zelf ook verbeterd. ‘Het is een lastig kunstje dat je heel veel moet oefenen en dat heel persoonlijk is. Het ontvangen van de bal, de pass, is weer gemakkelijker te trainen, met zo’n ballenkanon van ­tegenwoordig. Ik maak in Italië stappen, dat zeker.’

Voor het kwalificatietoernooi dat voor Nederland maandag in Berlijn ­begint, met het topduel tegen ­Europees kampioen Servië, hoopt Ter Horst op een stunt. Veel van zijn hoop is gevestigd op bondscoach Roberto ­Piazza. ‘Hij heeft de fysieke problemen bij zijn club Milano weten op te lossen en zijn ploeg naar de derde plaats geloodst. Nou, dan ben je een aardige coach hoor.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden