ColumnPeter Winnen

Op mijn ranking van existentiële slechtheid scoort Lance Armstrong een mager zesje

In de eerste scene van deel 2 van de documentaire LANCE vraagt maakster Marina Zenovich hem, Lance Armstong dus, of hij het gevoel heeft weer relevant te willen zijn. Voor mij had het woordje ‘weer’ er niet bij gehoeven. Zolang het wielrennen blijft bestaan, is Armstrong relevant. Als is het maar omdat op de lange lijst tourwinnaars de vakjes 1999 tot en met 2005 zwart zijn gelakt. Alles wat zwart is, is uiterst relevant.

Zeven zwartgelakte vakjes, het lijken wel zeven graven.

De nummers twee en drie van de zeven onthoofde Franse rondritten hebben elk hun eigen onbesmeurde vakje behouden. Niemand is een plekje opgeschoven. Ik heb een nummer twee ook nog nooit op hoge poten een tourzege horen opeisen, zelfs niet in beschonken toestand in de luwte van het informele circuit: zolang Lance de kop van Jut is zitten wij goed.

In The Guardian wordt de documentairemaakster gevraagd of ze er enig idee van heeft waarom Lance Armstrong wilde meewerken aan de documentaire. Ze stelt dat ze, na twee jaar werken met hem, het nog steeds niet weet. Wat ze wel weet is dat hij vooraf geen grenzen stelde. ‘Nothing is off limits.’ Ze ging erin met een open blik om het goed en het kwaad in de man te ontdekken.

En, vond ze het goed en het kwaad in de man? Vond ik het goed en het kwaad in de man?

Om met het laatste te beginnen: de gedopeerde sportman Armstrong was tegen het dopingdecor van die tijd maar een kleine jongen. Hij pimpte zich op, en deed dat bescheiden maar uiterst effectief. Van de meer barokke praktijken die toen in zwang waren moest hij niets hebben. Volgens de topsport- c.q. wielermores van die tijd kun je hem bezwaarlijk een slecht mens noemen. Het ging fout met hem toen hij zichzelf serieus begon te nemen als star. ‘Ik heb medelijden met de cynici die niet groot kunnen dromen en niet in wonderen geloven’, orakelde hij in 2005.

In de documentaire zegt ex-kankerpatiënt Armstrong dat hij zijn stichting Livestrong nooit gebruikt heeft, nooit heeft willen gebruiken om zijn atletische fraude te verhullen. Ik geloof dat onvoorwaardelijk. Op mijn ranking van existentiële slechtheid scoort Armstrong een mager zesje; het zou veel beter kunnen, ook al houdt Lance in de documentaire vol dat haat hem in leven houdt.

Ontdekte Marina Zenovich het goede en het kwade in de man? In elk geval was Lance niet onverdeeld gelukkig met de film. Hij was niet in controle en dat stak hem, zo vat ze het samen. Nadat ze hem het eindresultaat had gestuurd van ‘de film die gemaakt moest worden’ was er geen contact meer geweest. ‘Wellicht is hij het nog aan het verwerken.’

Of Armstrong geschrokken is van zijn goedheid dan wel zijn slechtheid blijft onduidelijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden