ReportageTour de France

Op de flanken van de cols lijkt het alsof de Tour een regionale zondagskoers is

Vier gezinsleden uit Bretagne lopen 20 km naar de top van de Col de Turini. De Col was afgesloten voor auto's vanwege coronamaatregelen.Beeld Klaas Jan van der Weij

Vanwege coronamaatregelen zijn de bergen in de Tour afgesloten voor verkeer. Zelfs voor Didi Senft, beter bekend als ‘de Duivel’ wordt geen uitzondering gemaakt.

‘Kom op jongens, nog een paar kilometer!’ Vader Olivier en moeder Sonia moedigen hun zoons Quentin en Nathan nog maar eens aan. Om acht uur ’s ochtends vertrok de Bretonse familie te voet vanuit hun vakantiehuisje in het dal. Inmiddels zijn ze vierenhalf uur en zeventien kilometer verder. Maar hun bestemming – een van de bovenste bochten van de Col de Turini, vlak onder de top en met een brede berm, als het even kan – is nog altijd niet in zicht.

‘Ja, je moet er wat voor over hebben’, geeft Sonia toe. ‘Maar ook dit jaar moet iemand de renners toch aanmoedigen?’

Wie een blik werpt op de flanken van de Col de Turini, zo’n tweeënhalf uur voordat het Tourpeloton hier wordt verwacht, krijgt de indruk dat straks niet de Ronde van Frankrijk voorbijraast maar de eerste de beste regionale zondagskoers. Op een grasstrook met uitzicht op een haarspeldbocht, waar de auto’s en campers in normalere tijden hutjemutje geparkeerd zouden staan, zit welgeteld één man op een klapstoeltje.

Voor een Tourorganisatie die volledig in de ban is van het coronavirus en de maatregelen die dat buiten de deur moeten houden was het publieksmanagement in de bergetappes op voorhand een hoofdpijndossier. In het peloton werd gevreesd dat toeschouwers op de cols zouden meerennen en de renners van dichtbij zonder mondkapje naar voren zouden schreeuwen. Maar in de tweede etappe van de Tour - meteen de eerste bergetappe, over de zuidelijke uitlopers van de Alpen - bleek die vrees ongegrond. Op plekken waar het publiek normaliter rijen dik samendromt bleef het onwaarschijnlijk rustig.

Dat ging niet vanzelf. Al op de avond voor de etappe had de gendarmerie de toegangswegen naar de cols hermetisch afgesloten. Automobilisten werden tegengehouden. Alleen wie met de fiets of te voet omhoog ging, werd doorgelaten. Ten gevolgde van dit systeme de filtrage werd het peloton op de beklimmingen slechts aangemoedigd door lokale dorpsbewoners en plukjes devote sportievelingen. Veel waren het er niet.

Volgens Norbert Ackermann, die vanochtend op de racefiets vanuit zijn woonplaats Cannes naar de Col de la Colmiane is gereden, is dat niet verbazingwekkend. ‘Fransen zijn lui’, zegt hij vanaf een picknickkleed, met het plaatselijke dagblad Nice Matin op schoot. ‘We kijken wel graag naar sporters, maar als we eerst zelf een stuk moeten lopen of fietsen, hoeft het voor de meesten niet zo nodig.’

Door toedoen van oranje codes, rode zones, negatieve reisadviezen en verplichte dan wel streng aanbevolen quarantaines bestaat het Tourpubliek dit jaar voor de overgrote meerderheid uit Fransen. De Belgische vlag die Arno Bertels en zijn vader Gilles naast zich hebben liggen valt dan ook op. Alleen blijkt Bertels een Francobelg: zijn moeder komt uit Turnhout, maar hij werd in Nice geboren.

‘De ambiance is totaal onvergelijkbaar met andere jaren’, zegt Arno, die iedere Tour een aantal bergetappes bezoekt. ‘De sfeermakers zijn er niet bij. Normaal heb je de Hollanders, de Italianen, de Noren. Die drinken en schreeuwen en draaien luide muziek. Dat zorgt op de cols altijd voor reuring.’

Dieter Senft is een duitser die beter bekend is als De Duivel in de Tour de France. Dit jaar is hij voor de 27e keer in de Tour aanwezig.Beeld Klaas Jan van der Weij

Tenminste één buitenlandse wielerfan is ondanks alles wel naar Frankrijk afgereisd. Aan de voet van de Colmiane staat Didi Senf, beter bekend als ‘de Duivel’. Voor de 27ste keer staat de Duitse wielerfanaat met zijn drietand – en dit maal ook met mondkapje - langs het Tourparcours. Maar voor het eerst blijft hij met zijn camper beneden. Zelfs voor de beroemdste wielerfan ter wereld konden de gendarmes geen uitzondering maken.

De Duivel is naar eigen zeggen niet bang voor het virus, maar wel blij dat er hier in het dal niet zoveel fans zijn die met hem op de foto willen. ‘Je kunt beter maar voorzichtig zijn.’

Niet iedereen is rouwig om het ontbreken van de meerderheid van het carnavalesk uitgedoste en bier hijsende smaldeel van de toeschouwers. ‘Het draait nu tenminste om de koers, en niet om de gekkigheid eromheen’, zegt Pascal Hugues, die vlak onder de top van de Turini tegen een muurtje een boek zit te lezen. Hoewel er in een straal van een paar honderd meter om hem heen geen levende ziel is te bekennen heeft hij toch maar zijn mondkapje opgedaan, nadat hij zo-even berispend werd toegesproken door een motoragent.

Gelukkig heeft ook in de Tour ieder nadeel zijn voordeel: het vinden van ‘de perfecte spot’ was nog nooit zo gemakkelijk. ‘We zijn gewend dat je ’s ochtends vroeg al moet dringen om een plekje’, zegt Arno Bertels. ‘Nu kunnen we staan waar we willen.’ Bijkomend pluspunt: je hoeft dit jaar niet gek te doen om de aandacht te trekken van de rondstrooiende reclamecaravaan. ‘Ze kunnen al die petjes en snoepzakjes niet eens kwijt’.

Geen angstige blikken bij Jumbo-Visma na val Dumoulin – Alaphilippe in tranen na ritwinst
De ploeg van Tom Dumoulin pakt in het tumultueuze openingsweekeinde de regie, zonder meteen alle kaarten op tafel te leggen.

Alles over de Tour van 2020
Van de etappes tot de ploegen en de teamleiders: we hebben alle belangrijke informatie over de Tour van dit jaar overzichtelijk op een rij gezet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden