ReportageVoorbereiden op Spelen

Op atletiekbaan Papendal wordt wél getraind

Hoewel het NOCNSF alle collectieve trainingen heeft verboden, weten atleten handig gebruik te maken van de atletiekbaan op Papendal.

Trainingscentrum Papendal is gesloten vanwege het Coronavirus. Toch werd er getraind. Beeld Klaas Jan van der Weij

Ook de sport is tot stilstand gekomen door het coronavirus en de stilte overheerst op het nationale sportcentrum Papendal. Op last van Maurits Hendriks, technisch directeur van sportkoepel NOCNSF, zijn alle trainingslocaties gesloten en mogen ook topsporters niet collectief trainen. Niet iedereen houdt zich aan die richtlijn. Op de atletiekbaan op Papendal trainen atleten in kleine groepjes om hun olympische droom levend te houden.

Woensdag maakt Papendal een uitgestorven indruk. Achter de slagboom herinnert de klok aan de route naar de Spelen van Tokio: nog 128 dagen. Maar het congrescentrum inclusief hotel en alle sporthallen zijn gesloten, op de deur van de Arnhemhal voor de zaalsporters en de Ruskahal voor de judoka’s hangt hetzelfde bord. ‘Maatregel Coronavirus. Deze trainingsomgeving is gesloten’.

Voor de atleten die op Papendal verblijven, is een creatieve oplossing gevonden. Hoewel ook de atletiekbaan formeel een ‘verboden’ Oh is, trekken Eva Hovenkamp (400 meter) en Eveline Saalberg (400 meter horden) diverse sprintjes om hun snelheid te toetsen op de laatste 80 meter. Bondscoach Laurent Meuwly en assistent-coach Bram Peters klokken de tijden.

Meuwly begeleidt met Bart Bennema het sprint- en hordenprogramma van de Atletiekunie en is hoofdcoach van de estafetteteams. De 44-jarige Zwitser prijst de noodoplossing voor zijn atleten, die in de buitenlucht aan de lockdown in de Nederlandse sport kunnen ontsnappen. ‘We mogen van deze faciliteiten gebruikmaken, zolang we met groepjes van maximaal drie atleten werken.’

Zolang Nederland niet kiest voor complete isolatie, hopen de coaches de atletiekbaan op Papendal te kunnen gebruiken. Peters: ‘De atletiekunie is er nu nog mee akkoord. We trainen soms ook op de atletiekbaan in Wageningen en grotendeels in de bossen. Natuurlijk is het maatschappelijk onverantwoord om in grote groepen te werken, we houden het klein. We zien het niet als een probleem, maar als een uitdaging. En wie verkouden is, blijft meteen thuis.’

Indirect is het coronavirus een zegen voor zijn sporters, aldus Meuwly. ‘Het is heerlijk rustig op Papendal en onze atleten krijgen meer aandacht, nu ze in kleine groepen trainen. We weten dat de indoorfaciliteiten op Papendal niet beschikbaar zijn. Zolang ons seizoen niet is beëindigd, hanteren we speciale oplossingen om aan de gang te blijven.’

In dit dossier leest u de laatste ontwikkelingen en alles wat u verder moet weten over het coronavirus.

Meuwly begroet de verslaggever met de ‘elleboog-groet’, de coaches houden gepaste afstand tot de twee atleten. Illegaal of niet nu Nederland massaal aan ‘sociale onthouding’ doet; op de atletiekbaan van Papendal houden de sprinters en de hordelopers twee keer per week de focus gericht op Tokio 2020.

‘Ook als er maar één procent kans is dat de Spelen doorgaan, zullen wij er klaar voor zijn’, zegt assistent-coach Peters. ‘Stel dat we er nu al van uitgaan dat ook de Spelen worden geannuleerd, dan staan we straks een streepje achter als ze toch worden gehouden. Zo houden we onze atleten scherp en hebben we straks zelfs een streepje voor op de concurrentie, die het wellicht nu al opgeeft.’

Op een bord schrijft Peters de tijden op. Groen is goed, rood niet de gewenste score op de laatste 80 meter voor Hovenkamp en Saalberg. ‘Eva moet tussen de 9.7 en 9.9 lopen, Eveline als hordeloper ongeveer dezelfde tijd.’

Hovenkamp: ‘Het is mooi dat wij nog kunnen trainen, terwijl dat voor andere sporters nu onmogelijk is. Het is een onzekere periode, niemand weet hoe lang het coronavirus aanhoudt. We doen wat we kunnen, gelukkig kunnen wij overal hardlopen.’

Saalberg: ‘Ik denk dat iedereen naar alternatieven zoekt om toch te kunnen trainen. Sommige atleten bouwen een gym in hun huis.’ Hovenkamp: ‘Twee coaches voor twee atleten, het is een luxe.’

Ze woekeren met de beperkingen die het coronavirus hen oplegt. Hovenkamp: ‘Ik ga nog naar de supermarkt, doe boodschappen voor mijn opa en oma. Tegelijkertijd probeer ik zo min mogelijk met oudere mensen in contact te komen. Het wordt ons aangeraden om de sociale kring zo klein mogelijk te houden, ook ter bescherming van de atleten met wie je traint.’

Saalberg: ‘Ik studeer geneeskunde en loop co-schappen, maar die zijn vanwege het coronavirus stilgelegd. De co-assistenten worden juist geweerd uit de ziekenhuizen, omdat ze het virus mogelijk kunnen verspreiden en momenteel weinig kunnen bijdragen. Ik kan me nu geheel op de sport richten.’

Tak, tak, tak, Hovenkamp en Saalberg flitsen om beurten voorbij. Hovenkamp klokt 9.84 en Saalberg 9.87, missie volbracht. Na twaalf ‘honderdjes’ is hun trainingssessie voorbij en is het volgende groepje aan de beurt. ‘Ik hoop dat we ook zo sprinten in Tokio’, zegt Hovenkamp.

Maar als de sprinters en de hordelopers straks worden geweerd van de atletiekbaan op Papendal? Meuwly: ‘Dan kunnen ze nog altijd rennen in het bos. Wanneer de situatie ons dwingt om alleen nog individueel te trainen, passen we de programma’s daarop aan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden