‘Op amateurveld hoor ik meer gevloek dan bij profs’

Scheidsrechter Eric Braamhaar zet zich behalve voor zijn eigen carrière in voor het Masterplan, gericht op behoud en werving van scheidsrechters in het amateurvoetbal....

Eric Braamhaar, rasoptimist van huis uit, kan het somberen nu en dan niet laten. Nee, het is niet zijn carrière als scheidsrechter die hem het lachen soms doet vergaan. Daar is niets mis mee.

En ook heeft zijn humeur niet te lijden onder het vooruitzicht dat hem een nieuw seizoen van confrontaties met onwellevend voetbalvolk wacht. Want met de waarden en normen op de profvelden is het helemaal niet zo bedroevend gesteld.

Wat de 39-jarige topper van het nationale fluitersgilde dan wel dwarszit? Dat de voetballerij zucht onder een groot tekort aan scheidsrechters en dat dat tekort door de vergrijzing alleen maar dreigt op te lopen.

Braamhaar kan het weten, want hij houdt er naast het scheidsrechteren nóg een betaalde hobby op na; gedurende twintig uur in de week zet hij zich als functionaris op het kantoor van het KNVB-district Noord in voor het Masterplan, dat is gericht op behoud en werving van scheidsrechters in het amateurvoetbal.

Dat Masterplan kwam er niet voor niets. De leegloop was groot, en daar stond maar weinig aanwas tegenover, maar het aantal cursisten neemt alweer wat toe. ‘We doen wat we kunnen en we vinden echt wel jongeren die scheidsrechter zouden willen worden. Logisch, want een leukere hobby is er niet.’

Nochtans is de vergrijzing dramatisch. Het komt voor dat een man van 70 een wedstrijd in de tweede klasse moet fluiten. Maar het gebeurt ook, vertelt Braamhaar, dat een jongen van twaalf de leiding over een wedstrijd van de F-jes wordt toevertrouwd. Voetballertjes van 6, 7 jaar, maar toch.

‘In mijn tijd, toen ik begon, moest je zestien zijn om te fluiten. Nu mogen ze al op hun twaalfde beginnen. Mijn ervaring is dat die kinderen het echt leuk vinden om te fluiten. Ze hebben een cursus gevolgd, kennen de spelregels en stralen in hun pakje ook wel gezag uit.

Dat is ook wel nodig, want zelfs bij de E-tjes en F-jes is het geregeld niet pluis. ‘Vorig jaar zijn alleen al in het district Noord tien wedstrijden in die categorieën gestaakt omdat ouders zich misdroegen. Dat wangedrag zie je overal.

‘Als ik hier zaterdag en zondag een rondje langs de velden maak, dan zie ik dat het met de wellevendheid niet al te best gesteld is. Ik hoor, zelfs bij de veteranen, meer getier, meer gekanker en meer gevloek dan bij de profs.’

Maar daar valt wat aan te doen, om te beginnen bij de jeugd. Braamhaar zou willen dat alle voetballende kinderen op 12-jarige leeftijd op cursus gaan. Om de spelregels te leren, om het een en ander op te steken over waarden en normen en om kennis te nemen van het werk van de arbiter. ‘Dan kweek je begrip en hoe meer begrip hoe groter de kans dat ze gaan scheidsrechteren.’

Aan begrip in Enter in elk geval geen gebrek. Tijdens het gesprek, op het terras van het plaatselijke eetcafé, wordt Braamhaar, ook al is hij als Rijssenaar van geboorte een vreemde eend in de bijt, door vrijwel elke passant allervriendelijkst begroet.

Nog even en hij gaat op de ranglijst van lokale sporthelden Bert Boom en Hennie Stamsnijder voorbij en ook de voetballers Hans Polko en Folkert Velten moeten langzaam aan vrezen voor hun plaats in de topvijf.

De carrière van Braamhaar mag er dan ook zijn. Nog geen veertig en toch al vijf jaar internationaal scheidsrechter en sinds twee jaar zelfs prijkend op de elitelijst van de UEFA, die dertig namen omvat.

Hij is er trots op en geniet van zijn baan, vooral als die hem voert naar landen die hij als vakantieganger niet gauw zou bezoeken. ‘De internationale wedstrijden zijn de krenten in de pap. Ik ben in landen geweest als Georgië en Albanië. Interessant, leerzaam. Ik probeer mijn verblijf zo lang mogelijk te rekken om nog iets te zien van het land.’

De KNVB, zijn baas voor 20 uur, heeft er geen problemen mee als hij een dag extra verlof neemt. ‘Een betere werkgever kun je niet hebben. Het is nooit een probleem om vrij te krijgen als ik voor drie dagen naar het buitenland moet. Als ik weg moet, ga ik weg, als ik wil trainen, dan ga ik trainen.’

Trainen om fit te blijven, want het is nog niet gedaan. Braamhaar zet zijn zinnen op het EK van 2008, maar hij weet dat hij een van de velen is. ‘Van de dertig scheidsrechters op de elitelijst zijn er bij het EK maar vijftien nodig. Ik zal het, in interlands en in de Champions League, zelf moeten afdwingen. Ik zal me hoe dan ook moeten onderscheiden.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden