Ook op het gravel is Van Vleuten een klasse apart

Ze lagen nog behoorlijk ver uit elkaar op de laatste gravelstrook in de Strade Bianche: de Spaanse Mavia García (36) en de op haar jagende wereldkampioen, Annemiek van Vleuten (37). Maar de krachtsverhoudingen waren al glashelder.

Annemiek van Vleuten bij de winst van de Clasica Femenina Navarra, op 24 juliBeeld Hollandse Hoogte / EPA

Garcia reed een afdaling uiterst behoedzaam naar beneden, angstig voor een glijpartij over het losse grind. Van Vleuten daverde onversaagd in wolken van stof van de voor haar rijdende motoren over het vervaarlijk knerpende gesteente de helling af. En waar het vervolgens omhoogging, zocht de Spaanse tevergeefs naar ritme, terwijl haar belager in een strak tempo de klim bedwong.

Twaalf kilometer later was het pleit dan ook beslecht: meteen aan het begin van de steile Via Santa Caterina in Siena, op weg naar de finish op het Piazza del Campo, liet Van Vleuten García achter zich, nadat ze haar op 6,5 kilometer van de eindstreep had bijgehaald. Waar mogelijk zocht ze in de laatste meters nog de reepjes schaduw op om aan de loeiende hitte te ontsnappen. Met slokjes uit een blikje Cola kwam ze zittend op het plaveisel op adem, neus en wangen onder laagjes gruis. García moest 22 seconden prijsgeven. Anna van der Breggen eindigde als vierde op 2.05, Marianne Vos was zesde op 2.26.

De veel aangehaalde vloek van de regenboogtrui gaat bepaald niet op voor Van Vleuten. Ze is een ongekende reeks aan het neerzetten. Niemand heeft haar dit seizoen weten te kloppen. De winst in de Strade Bianche betekende haar vijfde achtereenvolgende zege. Eind februari was ze de sterkste in de Omloop het Nieuwsblad en na de hervatting van de door het coronavirus stilgelegde seizoen, schreef ze vorige week drie koersen in het Baskenland op haar naam. Ze is ook nog eens de eerste renner die erin slaagt twee keer achtereen als eerste in Siena aan te komen. Dat is ook bij de mannen nog niemand gelukt.

Haar niveau verrast haar trainer. Louis Delahije begeleidt haar al bijna negen jaar en dacht dat zo’n vier jaar geleden dat ze haar top wel had bereikt. ‘Tot dan was het altijd beter geworden. Toen dachten we: laten we dit niveau maar zien vast te houden. Maar ze zet nog steeds stappen vooruit. Dat had ik destijds niet voorzien.’

Volgens hem onderscheidt Van Vleuten zich zowel fysiek als mentaal. ‘Ze is in trainingen heel belastbaar, ze kan grote volumes aan. Dat ze pas op haar 25-ste serieus is gaan wielrennen, is in haar voordeel. Ze is fris in het hoofd. Het plezier is er nog. Ze is altijd op zoek naar een nieuwe horizon, naar andere uitdagingen.’

Afgelopen winter trainde ze mee met de mannen uit haar ploeg Mitchelton-Scott. Ze verbleef wekenlang in Colombia om toppen in de Andes te bedwingen. Begin juni legde ze op één dag 400 kilometer af in het gezelschap Jan-Willem van Schip; ze wonen bij elkaar in de buurt in Wageningen. Delahaije gelooft niet dat ze wel eens te ver gaat. ‘Absoluut niet. Het zijn alleen de extremen die naar buiten komen. Ze fietst vaker gewoon drie tot vier uur per dag. Als die mannen van haar ploeg bergop gingen, moest ze lossen. Ze kon stoppen als ze wilde – nee, dat heeft ze dan weer niet gedaan. Ze weet wat ze aankan.’

Van Schip traint vaker met haar. Dan kiezen ze bestemmingen met intrigerende namen: Oventje, Hel, Appel, Engbertsdijksvenen. Hij is niet verbaasd over haar capaciteiten. ‘Je rijdt wel samen met de wereldkampioen. Dan denk je niet: wat raar dat ze zo goed is.’ Wat ook telt: ‘De juiste instelling, het juiste eten, het juiste materiaal, de juiste positie op de fiets; Annemiek heeft haar bv perfect op orde.’ Dat ze erin slaagt zichzelf voortdurend te verbeteren, schrijft hij toe aan ‘de truc met de spiegel’. ‘Dat is: naar jezelf kijken en je afvragen waar je nu staat en waar je nog naar toe wil. Je moet jezelf blijven ontwikkelen. Annemiek weet hoe dat werkt.’

Haar zege in Italië week wel af van de strategie waarmee ze de afgelopen wedstrijden zo domineerde. Daar bleek een solo telkens het wapen waarmee ze haar tegenstanders de moed uit de benen reed. De wereldtitel vorig jaar was het magnum opus in dit oeuvre, toen ze 105 kilometer in haar eentje reed. Maar in Toscane moest ze in de achtervolging.

Haar ploeggenoot Amanda Spratt zat in een vroeg weggereden kopgroep, waardoor ze geen reden zag om het initiatief te nemen. Maar toen García haar medekoplopers achterliet, lagen de kaarten plotseling anders en kon ze gas geven. Na de finish: ‘Het leek een makkelijk dagje te worden, ik dacht dat het voorbij was. Ik reed met gemengde gevoelens. Het was alsof ik hier voor niks was gekomen.’ Dat ze het alsnog kon afmaken, maakte de emoties er alleen maar groter op. ‘Dit is de allermooiste plaats om te finishen.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden