Ook in kunstrijden geldt: hoe jonger, hoe beter

Wie de jeugd heeft in het kunstrijden, heeft meer dan de toekomst. Rijdsters van jonge leeftijd zijn veelal de vrouwen van het heden....

Hun onbevangenheid betaalde zich op die dagen uit. Oksana Bajoel, Tara Lipinski en Sarah Hughes kwamen naar de Spelen om te genieten van die gedroomde olympische omgeving. Ze blonken uit in de allergrootste wedstrijd, waarin de ouderen werden bevangen door de druk die ze zichzelf oplegden.

Jongeren in het kunstrijden hebben ook het voordeel van hun lenigheid. Ze kunnen de benen verticaal trekken, of in een onmogelijke hoek achter het hoofd vouwen. Het is als de wet uit het vrouwenturnen: hoe jonger, hoe beter.

Dat patroon begon ooit met Sonja Henie die in 1924 in Chamonix, bij de eerste Winterspelen, als elfjarige deelnam. De Noorse, de beroemdste kunstrijdster uit de geschiedenis, werd laatste en viel op door tijdens de kür regelmatig naar haar trainer te rijden en te vragen wat ze nog meer op het programma had.

Vier jaar later werd Henie in Sankt Moritz olympisch kampioene. Dat succes herhaalde ze in Lake Placid (1932) en Garmisch Partenkirchen (1936). Tegen die tijd was ze zo populair dat de politie moest uitrukken om de menigte in bedwang te houden. Ze identificeerde zich met het nazi-regime door op het ijs de Hitlergroet te brengen.

Kimmi Meissner, met 16 jaar, 4 maanden en 17 dagen de jongste rijdster in Turijn, beëindigde haar voorbereiding op de Spelen met enkele bezoekjes aan het Henie-bedevaartsoord Chamonix. De jonge Amerikaanse, de nummer twee van haar land, had zich teruggetrokken in het bergplaatsje Courmayeur, aan de andere kant van de Frans-Italiaanse grens .

De Amerikaanse pers bestookte haar met herinneringen aan de historie. Jonge meisjes kunnen winnen. Een journalist noteerde dat ze achttien keer moest giechelen bij de ondervraging. Haar coach, Pam Gregory, zei dat alles mogelijk was.

De Amerikanen kwamen na het terugtrekken van Michelle Kwan aanzetten met nog een junior: Emily Hughes, het 17 jaar oude zusje van olympisch kampioene Sarah. Uit de jeugdrangen startten verder nog de Estse Glebova (16), de Finse Korpi (17) en de Luxemburgse Maxwell (17).

De grootste bedreiging uit de juniorensector, de Japanse Mao Asada, ontbreekt in Turijn. Topfavoriete Irina Sloetskaja werd deze winter één keer verslagen, bij de Grand Prix in Tokio door Asada.

De Japanse mag door de aangescherpte leeftijdsregel niet starten in Italië. Ze is drie maanden te jong. De IOC-regels schrijven voor dat kunstrijdsters op 1 juli van het pre-olympische jaar 15 moeten zijn. Asada was toen nog 14.

Als Sloetskaja donderdag het goud wint, is dat een trendbreuk met het verleden. De Russin, tweede na de korte kür, net achter Cohen, zou met haar 27 jaar ook meteen de oudste kampioene uit de olympische geschiedenis worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden