Nieuwsvoetbal in de VS

Ongekende luxe voor Amerikaanse voetbalploeg

Nooit eerder konden de VS een voetbalteam met meer talent op de been brengen. Dit is nog maar het begin, verwacht Earnie Stewart, technisch directeur bij de Amerikaanse voetbalbond. ‘De mogelijkheden in dit land zijn eindeloos.’

Sergino Dest van het Amerikaanse team (in wit) probeert de bal weg te houden bij Tom Lawrence van Wales.Beeld AP

Voor het eerst sinds februari, na een lange coronapauze, kwam de gouden generatie van het Amerikaanse mannenvoetbal weer eens in actie. Afgelopen donderdag toonde het nationale team zich in een oefenduel met Wales (0-0) als een dartel, soms onstuimig, maar bovenal getalenteerd collectief vol tieners en jonge twintigers die vrijwel allemaal in de grote Europese competities spelen. Nooit eerder kenden de Amerikanen een dergelijke luxe.

Commentator John Strong kon zijn opwinding nauwelijks verhullen toen zijn land aftrapte in het kleddernatte Swansea. ‘Het verhaal van de Verenigde Staten?’ begon hij. ‘Amerikanen die scoren in de kwartfinale van de Champions League, in de finale van de FA Cup, die teamgenoten zijn van Messi en Ronaldo en in recordaantallen uitkomen in de Champions League.’

Strong doelde op Tyler Adams (21), de middenvelder van RB Leipzig die zijn club afgelopen zomer langs Atlético Madrid schoot, Christian Pulisic (22) van Chelsea, de eerste echte Amerikaanse voetbalster, Sergiño Dest (20) van FC Barcelona en Weston McKennie (22) van Juventus. 

De commentator van het Amerikaanse Fox Sports had nog even kunnen doorgaan: Gio Reyna (18, Borussia Dortmund) en de 20-jarige Josh Sargent (Werder Bremen) zijn vaste waarden in de Bundesliga, de piepjonge Yunus Musah (17) klopt op de poort bij Valencia en Chris Richards (20) maakte in juni zijn eerste minuten voor Bayern München.

In de handen wrijven

Kortom: Earnie Stewart, als technisch directeur bij de Amerikaanse voetbalbond verantwoordelijk voor het nationale mannenelftal, kan zich in de handen wrijven. ‘We hebben nog nooit zo veel spelers op dit niveau gehad,’ zegt hij vanuit het hoofdkantoor van US Soccer in Chicago. 

Verrast is de 101-voudig Amerikaans international niet. De populariteit van voetbal in het land blijft groeien, de laatste jaren is de infrastructuur flink verbeterd. ‘Als je daarin investeert en goede omstandigheden en coaches kunt bieden, gaat dat zich vanzelf uitbetalen.’

Sommige talenten kregen de Verenigde Staten in de schoot geworpen: Dest, met Amerikaanse vader, leerde voetballen in Almere, Yunus Musah werd geboren tijdens een vakantie van zijn Ghanese moeder in New York City, maar groeide op in Italië en Engeland.

Internationals als McKennie, Adams, Reyna, Richards en doelman Zach Steffen (Manchester City) zijn producten van de voetbalacademies die de Amerikaanse bond in 2007 begon. Momenteel zijn het er 113, waarvan er dertig zijn verbonden aan clubs uit de MLS, de hoogste landelijke voetbalcompetitie. (Sinds de coronacrisis nam de MLS het project over van de voetbalbond.)

Meerdere wereldtitels

Jongens van 13 tot 19 jaar worden er klaargestoomd voor het echte werk, waar het voorheen nog ontbrak aan een landelijke jeugdopleiding. (In een voetbalnatie waar vrouwen decennialang het goede voorbeeld geven en meerdere wereldtitels wonnen, zijn er sinds 2013 ook academies voor meisjes.)

Volgens Stewart is er nog veel winst te behalen. ‘We moeten zorgen dat we het vangnet voor de jongste spelers groter maken.’ In de leeftijdscategorie 6 tot 12 ontbreekt het nog aan een landelijke structuur, en door het pay to play-model missen talenten uit armere buurten en gezinnen de boot.

Amerikaanse ouders die hun kinderen willen laten voetballen, moeten diep in de portemonnee tasten. ‘De bedragen rijzen de pan uit’, zegt Stewart. ‘Amateurclubs zijn duur. Dat komt deels door de grootte van het land. Voor een goede wedstrijd moet je al snel een paar uur in de bus zitten.’

Door de toename van Amerikaanse talenten op de Europese velden vervagen vooroordelen uit het verleden. ‘Het beeld dat men van Amerikaanse spelers heeft is dat ze hard willen rennen en werken, een goede mentaliteit hebben, maar tactisch en technisch minder bekwaam zijn,’ zei Jesse Marsch, de Amerikaanse coach van RB Salzburg, vorige maand in een radio-interview.

De Amerikaanse Pelé

‘Omdat deze generatie zich blijft ontwikkelen, zien we dat beeld nu veranderen.’ Volgens Marsch werd Christian Pulisic vanwege zijn nationaliteit aanvankelijk niet op waarde geschat door Chelsea-coach Frank Lampard.

In de flankspeler uit Pennsylvannia heeft de Verenigde Staten eindelijk een internationaal uithangbord, nadat talenten als Freddy Adu, in 2004 haastig bestempeld als de Amerikaanse Pelé, de verwachtingen niet hadden waargemaakt. Aan de hand van Pulisic willen de Verenigde Staten zich volgend jaar kwalificeren voor het wereldkampioenschap van 2022, nadat dat van 2018 werd misgelopen door een beschamende nederlaag tegen Trinidad en Tobago. Uit een ooghoek richt het team de blik alvast op het WK van 2026 in eigen land.

De gouden generatie is geen piek van een golfbeweging, denkt Stewart, maar het begin van een structurele aanwas aan talenten. Met ruim 11 miljoen voetballers hoeft de sport in de Verenigde Staten alleen basketbal (24 miljoen) en honkbal (15 miljoen) voor zich te dulden. Stewart: ‘We moeten nog wat hordes nemen, maar de mogelijkheden in dit land zijn eindeloos.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden