Achtergrond EK Turnen

Nog even en dan is de flow terug bij Epke Zonderland

Epke Zonderland weet hoe gelukzalig het kan voelen, als turnen aan het rek vanzelf lijkt te gaan. Vier jaar terug had hij dat gevoel. Nu, bij de EK in Glasgow, bijna weer. En dat was, ondanks het zilver, pure winst.

Epke Zonderland tijdens de EK-toestelfinale aan het rek. Hij voerde alleen een zwaaielement niet correct uit. Foto ANP

Het Europese zilver van Glasgow op het rek leek zo op het oog een pittige teleurstelling voor turner Epke Zonderland. Maar dat was het niet.

Sinds zijn olympische titel van 2012 staat hij te boek als een winnaar, een man die competities domineert en bij een klassering naast de hoogste trede detoneert met de algemene verwachtingen. De werkelijkheid van de net niet gewonnen Europese titel van 2018 - het goud viel toe aan de Zwitser Hegi - was dat de ware specialist van het ‘hoog rek’ zijn vorm van dit moment juist durfde te vergelijken met die van 2014, de WK van Nanning. Dat mondiale toernooi in China, door hem afgesloten met de wereldtitel, is in de beleving van Zonderland nog altijd de beste wedstrijd uit zijn loopbaan.

Destijds deed hij zijn vier vluchtelementen, met salto’s los boven de stok, met de ogen dicht. Hij was, zoals dat heet, in een flow. Hij voerde uit. Hij dacht niet na. De tunnel van succes heet dat ook wel, in de sportpsychologie.

‘Ik hoefde er bijna niet over na te denken. Dat had ik toen, in Nanning, in Antwerpen (WK 2013, red.) en in Londen (OS 2012, red.). En dat komt nu terug’, vertelde de 32-jarige Fries over zijn succeservaringen die destijds gemakkelijker kwamen dan hij zich de laatste jaren kon voorstellen.

Zonderland werd olympisch kampioen, eenmaal Europees kampioen en eenmaal wereldkampioen. In 2015 brak de ketting van succes. Hij viel in Montpellier op de EK. Bij de WK in Glasgow van dat najaar was hij geforceerd gereed gemaakt, na het oplopen van een hersenschudding waardoor hij met een zonnebril door het eigen Heerenveen moest fietsen. Het hoofd deed pijn. Zonderland werd in Glasgow 31ste. Dat was een schokkend resultaat. Later bleken de bijholtes aangedaan. Er waren neusoperaties nodig. De topturner liep vingerblessures op.

Foto ANP

Zijn coach Daniël Knibbeler haalde het zondag nog even aan, toen hij over de vooruitgang van dit moment sprak. ‘Epke is nu fit. Dat is wel anders geweest de voorbije jaren.’

Na de mislukte olympische finale van 2016 - door een late blessure aan de vinger greep hij de stok mis en ging plat op het gezicht - begon Zonderland in 2017 aan een nieuwe cyclus. Die moet leiden tot succes op de Olympische Spelen van 2020. In Montreal, zijn internationale comeback, greep hij vorig jaar juist naast de wereldtitel. Hij greep ook de stok half mis bij de Kovacs, de dubbele hurksalto op enkele meters boven het rek, maar hield greep met één hand. Het was het WK-zilver dat door Epke Zonderhand werd veroverd. De misgreep in Canada werd zondag door Zonderland nog eens verklaard. Hij kampte toen nog steeds met onzekerheid bij het pakken van de stok na zijn zweefvluchten, los van het toestel. Hij had niet verwacht in Glasgow die stabiliteit reeds terug te vinden. Hij vond het wel.

Hij turnde zonder mankeren twee stuntcombinaties. In vakjargon: de Cassina gekoppeld aan de Kovacs en vervolgens de Kolman en de Gaylord 2. Die aanpak krikt zijn D-score (de moeilijkheid van een oefening wordt daarin uitgedrukt) op naar forse hoogte. Combinaties worden door de jury extra beloond. Het had 6,8 punten moeten opleveren. Het werd 6,7, omdat Zonderland aan het einde van de oefening (toen het lichaam vermoeid raakte) een Stalder wegliet, een B-element dat slechts eentiende punt scoort.

De wedstrijd van zondag leverde slechts de tweede plaats op, omdat Zonderland de Adler een zwaai waarin hij het lichaam maximaal moet vouwen - niet correct uitvoerde. Hij kwam niet over de stok en zwaaide terug. Hij werd minimaal met een half strafpunt gekort op de E-score, het uitvoeringscijfer. Dat was het verschil tussen zilver en goud. Hierbij kwamen coach en turner nog met de verklaring dat op het vouwen van het lichaam nog weinig getraind was. Het is te belastend voor de onderrug om het voortdurend in training uit te voeren.

Bij de WK van eind oktober in Doha denken de Fries en zijn trainer ook dat probleem opgelost te hebben. Zij vinden dat een kleine hobbel. De vooruitgang voor het ultieme stokgevoel is van groter belang. Dat Zonderland slechts tweede werd, kon coach Knibbeler nauwelijks uit zijn humeur brengen.

‘Vorig jaar tweede in Montreal, hier tweede. Dat mag van mij nog even blijven doorgaan’, sprak de coach die preciseerde dat hij dat in Tokio 2020 niet voldoende zal vinden.

Foto EPA
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.