Nihilisme brengt Ajax aan de top

Niets heeft het Ajax-voetbal dat de club in twee Twentse duels terugbracht naar de top te maken met de traditionele deugden van Ajax....

Van onze verslaggever Willem Vissers

Twee kansen, twee goals; een intikker van Siem de Jong en een schitterend boogballetje van Lindgren in blessuretijd, na een counter. Ajax was net zo effectief als Internazionale in de hoogtijdagen van het catenaccio, de defensieve spelstijl.

‘We willen wel voetballen’, zei trainer Marco van Basten bijna verontschuldigend, na de 0-2 bij FC Twente. Zijn lachje tijdens de beschouwing was veelzeggend. Van Basten was een poëet onder de spitsen, doch meer nog is hij een winnaar, een trekje in zijn karakter dat bij AC Milan is gerijpt.

Zelden zo’n armoedig Ajax-voetbal gezien als afgelopen week. Maar mocht Ajax kampioen worden, dan zal het met vreugde terugdenken aan twee bezoekjes aan Twente, eind oktober en begin november. Nul punten had de beloning kunnen zijn bij Heracles en FC Twente, of eentje misschien. Het werden er zes.

Voor een sportploeg in opbouw was de afgelopen week, waarin het aantal zeges op rij is uitgebreid tot vier, louterend. Renovatie begint, zelfs bij Ajax, met hard werken. De mooiweervoetballers, zoals Van Basten zijn spelers onlangs noemde toen ze ten onder gingen in de Friese hoosbuien, wierpen dat imago in de Twentse stortregen van zich af.

Negen blessures telt de selectie, en ook voor een grote club is dat veel. Anderzijds: ze zouden natuurlijk niet allemaal meedoen, want onder die negen zijn ook jongelingen als Van der Heijden en Donald, of derde doelman Gentenaar.

Sulejmani, Aissati – die overigens nog geen enkele keer speelde – en de geschorste Suarez waren de voornaamste afwezigen. Plus natuurlijk doelman Stekelenburg, wiens vervanger Vermeer een uitstekend alternatief is. Edoch: de opstelling die Van Basten nog steeds in het veld kan brengen moet tot meer in staat zijn dan het armetierige spel van zaterdag.

De club die voor 30 miljoen euro vooral aanvallend ingestelde spelers aantrok, eindigde de wedstrijd met middenvelder/verdediger Emanuelson als linksbuiten, middenvelder Sno als balvaste spits en de al afgeschreven Bakircioglu als rechtsbuiten.

Waar Huntelaar was? Gewisseld, twintig minuten voor tijd. ‘Ik was helemaal kapot, ik kon mijn ene been niet meer voor het andere zetten.’ Op een gegeven moment liep hij de bal gewoon buiten de lijnen, als een marathonloper die controle over lijf en leden kwijt is. Hij moest achter de beurtelings inschuivende Douglas en Wielaert aan. Assistent-trainer Van Wonderen van FC Twente vroeg zich na afloop af wat Van Basten daarvan zelf zou hebben gevonden in zijn tijd.

In aanvallend opzicht werd nauwelijks iets van Ajax vernomen. De eerste kans, vijf minuten voor rust, leverde een doelpunt op. De verder onzichtbare rechtsbuiten Martina mocht van Wielaert voorzetten, Siem de Jong tikte de bal binnen. De Jong glom na afloop en gaf onophoudelijk op over de vechtlust.

Want de bereidheid te strijden tekent het huidige Ajax. Nu het elftal zeker buiten Amsterdam te weinig aan mooi voetbal toekomt, loopt Emanuelson te buffelen zoals hij nog nooit deed. Oleguer organiseert, Vertonghen en Vermaelen gaan voor in de strijd, Lindgren is een slimme balveroveraar en de fans zijn een ware steun. In de hunkering naar succes wordt het resultaatvoetbal aanvaard.

De ploeg heeft intern gesprekken gevoerd na de afgang bij Heerenveen. Toen probeerde Ajax nog de aanval te zoeken, maar bleek de defensie niet bestand tegen de Friese druk. Sindsdien is meer zekerheid ingebouwd.

Hoe het voetbal oogt, is even niet belangrijk. Het onlangs in Oslo door het Nederlands elftal gevestigde inofficiële wereldrecord terugspelen op de doelman werd aangescherpt door Ajax, dat al in de eerste helft tijd rekte.

De beste speler van het veld was Elia van Twente, wiens passeerbewegingen en lef tot de verbeelding spraken. Een keertje was hij Van der Wiel voorbij en tikte Gabri hem tegen de benen in het strafschopgebied. Alleen omdat Elia bleef staan en schoot, kreeg hij geen strafschop.

N’Kufo en Douglas hadden moeten scoren, invaller Huysegems ramde de bal tegen de lat. En FC Twente moest zichzelf verwijten dat het tot de rust veel te passief was. Zo ontstond een eerste helft die hevig deed verlangen naar een terugkeer in de bijna oneindige file richting Grolsch Veste, het sfeervolle stadion dat zich iets te vaak opwond over scheidsrechter Luinge. Er was veel meer aanleiding tot ergernis over het voetbal dan over de scheidsrechter.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden