Niet trainen in Papendal betekent geen deelname internationale wedstrijd

Judobond wil beste judoka's bij elkaar zetten

De judobond eist dat de beste judoka's bij elkaar trainen op sportcentrum Papendal. Velen voelen daar niets voor. Zij ondervinden nog meer tegenwerking.

Juul Franssen kan vanwege de trainingsregels van de judobond niet meedoen aan WK's of de Olympische Spelen. Beeld Hollandse Hoogte

De judobond treedt hard op tegen sporters die niet op Papendal willen trainen. Wie weigert naar het nationale sportcentrum te komen, wordt niet geselecteerd voor internationale wedstrijden. Judoka's die voor een ander land willen uitkomen, worden doelbewust tegengewerkt. Zowel de atletencommissie van NOC*NSF als vakbond NL Sporter vindt het beleid verkeerd. Volgens juristen is er sprake van machtsmisbruik en broodroof.

Topjudoka Juul Franssen is het recentste slachtoffer van het judobeleid. Zij wenst zich met haar eigen begeleiders in Rotterdam voor te bereiden op wedstrijden.

Volgens Trinko Keen, voormalig voorzitter van de atletencommissie van NOC*NSF, moet zij de kans krijgen zelfstandig topsport te bedrijven. Ze moet niet worden gedwongen naar Papendal te gaan, waar een speciale judofaciliteit is gebouwd. 'Topsport gedijt bij rivaliteit en concurrentie. De besten dienen op een toernooi aanwezig te zijn. Laat Franssen maar bewijzen dat ze alleen beter af is.'

'Buitengewoon onwenselijk'

Die mening is ook oud-tienkamper Chiel Warners, de huidige voorzitter van de atletencommissie, toegedaan. Hij noemt het 'buitengewoon onwenselijk' dat een bond een sporter uitsluit als die beslist zijn eigen weg te kiezen. 'Er zijn meerdere wegen die naar Rome leiden.'

De judobond heeft anders besloten. Judoka's die niet fulltime op Papendal trainen worden niet uitgezonden naar internationale wedstrijden. De nadruk op centrale trainingen is voortgekomen uit het geringe succes van de afgelopen jaren. Bij WK's en Olympische Spelen werden nauwelijks medailles veroverd. Judoka's trainden bij verschillende clubs en coaches.

Vanwege het nieuwe beleid kan Judoka Franssen niet meedoen aan WK's of de Olympische Spelen. Ook verloor ze haar stipendium van NOC*NSF. Volgens juristen maakt de judobond misbruik van zijn monopoliepositie. Universitair docent mededingingsrecht Ben van Rompuy zei eerder dat de maatregel indruist tegen de doelstelling van de bond: het bevorderen van de medaillekansen voor Nederlandse judoka's.

Judoka Juul Franssen. Beeld epa

Schorsing

Een vergelijkbare zaak speelde ruim twintig jaar geleden. De tafeltennisbond wilde Bettine Vriesekoop en Mirjam Hooman uitsluiten van deelname aan het Europese kampioenschap omdat zij zich, net als Franssen, los van de bond wilden voorbereiden. Ook wensten ze hun trainer mee te nemen. De rechter oordeelde dat de bond de twee tafeltennissers moest inschrijven voor het individuele toernooi. Zij waren aantoonbaar de besten. Uitsluiting betekende broodroof.

Trinko Keen: 'De judobond moet heel voorzichtig omgaan met dit soort besluiten. Het zou betekenen dat je als sporter nooit een conflict kunt hebben met de bond, omdat je anders je beroep niet meer kunt uitoefenen. Een sporter kan immers niet overstappen naar een andere 'werkgever'. Dat maakt de situatie uniek.'

Formeel

De judobond treedt niet alleen hard op tegen judoka's die weigeren op Papendal te trainen, ook sporters die vanwege de liefde, betere carrièrekansen of het nieuwe beleid willen uitkomen voor een ander land worden tegenwerkt. Officieel moet een judoka die van nationaliteit verandert drie jaar wachten voordat de overstap kan worden gemaakt. Indien beide nationale bonden toestemming verlenen, kan de procedure worden versneld. De judobond interpreteert de regels zo formeel mogelijk.

De organisatie wees in november het verzoek van Noël van 't End om voor Frankrijk uit te komen af. De judoka woont sinds kort in Parijs bij zijn vriendin, topjudoka Clarisse Agbegnenou. 'Als we met onze relatie verder wilden, moest ik naar Frankrijk verhuizen. Bovendien staat judo hier veel hoger aangeschreven dan in Nederland. Het is professioneler, er is meer concurrentie en het wordt financieel beter ondersteund. Voor mij zou het alleen maar voordelen hebben gehad.'

Nieuw is het niet. Twee jaar geleden hield de judobond de overgang van het judotalent Do Velema naar Kroatië al tegen. De redenering: er was niet voor niks jaren in haar ontwikkeling geïnvesteerd. De wereldkampioen tot 21 jaar van 2013 speelt tegenwoordig rugby.

Noël van 't End. Beeld anp

Concurrentiestrijd

Toch is de bond niet altijd zo streng geweest. In 2009 kreeg Eelco van der Geest toestemming om voortaan namens België op de tatami te staan. Ook Esther Stam (Georgië) en Linda Bolder (Israël) konden in 2014 rekenen op clementie van de judobond. De judoka's vreesden de concurrentiestrijd met Kim Polling in de categorie tot 70 kilogram niet te kunnen winnen.

Drievoudig Europees kampioen Polling verhuisde begin dit jaar naar haar vriend in Italië omdat ze zich niet kon vinden in de Papendalplannen. Ze is nog in gesprek met de bond om te kijken of ze in de toekomst toch voor Nederland kan blijven uitkomen. Ook judoka Van 't End is in onderhandeling over zijn toekomst. Hij zit niet te wachten op een schorsing van drie jaar. Dat zou zo goed als zeker een vroegtijdig einde van zijn carrière betekenen, zegt hij vanuit Parijs.

Lastige stituatie

Van 't End: 'Het is een lastige situatie, maar ik houd vol. Wat moet ik anders? Ik wil in Frankrijk blijven. De afgelopen jaren heb ik alles opzijgezet voor judo. Dat heeft geresulteerd in twee minuten op de mat in Rio de Janeiro. Daar ben ik niet tevreden mee. Ik wil de komende jaren laten zien wat ik waard ben. Ik heb niks tegen Papendal, maar het is voor mij niet de juiste stap op dit moment.' Zolang er geen akkoord is, zendt de bond Van 't End niet uit naar internationale wedstrijden.

NOC*NSF steunt het beleid. De judobond is er niet om de buitenlandse concurrentie te versterken, zegt Charles van Commenée, als prestatiemanager van NOC*NSF verantwoordelijk voor judo. 'De bond houdt zich aan de internationale afspraken en heeft geen gebruikgemaakt van de optie de overgangsregeling te verkorten.'

NOC*NSF subsidieert de judobond jaarlijks met 1,5 miljoen euro, het overgrote deel van het jaarbudget. De sportkoepel dringt erop aan sporters zo veel mogelijk op dezelfde locatie onder te brengen, om op die manier coaches, sporters en faciliteiten te bundelen.

Olympische medailles

2016 (Rio): 1
Anicka van Emden, brons

2012 (Londen): 2
Edith Bosch, brons
Henk Grol, brons

2008 (Peking): 4
Edith Bosch, brons
Elisabeth Willeboordse, brons
Henk Grol, brons
Ruben Houkes, brons

2004 (Athene): 4
Edith Bosch, zilver
Deborah Gravensteijn, brons
Dennis van der Geest, brons
Mark Huizinga, brons

2000 (Sydney): 1
Mark Huizinga, goud

1996 (Atlanta): 3
Claudia Zwiers, brons
Jessica Gal, brons
Mark Huizinga, brons

1992 (Barcelona): 2
Irene de Kok, brons,
Theo Meijer, brons

1988 (Seoul): 1
Ben Spijkers, brons

1980 (Moskou) 1
Henk Numan, brons

1972 (München): 2
Wim Ruska, goud (2x)

1964 (Tokio): 1
Anton Geesink, goud

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.