INTERVIEW

'Niet in het buitenland, maar hier in Nederland leer je voetballen'

Kenji Gorré en Nigel Hasselbaink verlieten Groot-Brittannië om hun debuut te maken in de eredivisie. Wat zoeken ze hier? Over kunstgras, huisregels en hun beroemde achternaam.

Kenji Gorré (links, ADO Den Haag) en Nigel Hasselbaink (Excelsior): 'In het buitenland krijg je the hard work, maar hier leer je voetballen.'Beeld Guus Dubbelman/de Volkskrant

'Waar ik me dit seizoen het meeste op verheug?' Op een terras in Amsterdam moet Kenji Gorré (20) even nadenken. Dan zegt hij: 'Spelen in de stadions waar mijn vader vroeger in heeft geschitterd: de Kuip, de Arena. Die stadions ken ik eigenlijk alleen van YouTube.'

Kenji is de oudste zoon van Dean Gorré, oud-voetballer van onder meer Feyenoord, FC Groningen en Ajax. Hij speelt dit seizoen op huurbasis voor ADO Den Haag. Daar wil hij zo goed mogelijk voor de dag komen om daarna als betere speler terug te keren naar zijn werkgever Swansea City.

Tegenover hem nipt Nigel Hasselbaink, 24 jaar en speler van Excelsior, aan een ijsthee zonder prik. Ze kennen elkaar van de Suriprofs, waarvan Dean Gorré coach is. Er zijn meer overeenkomsten: ook hij is een rechtspoot op links, nieuw in de eredivisie en heeft alleen in Groot-Brittannië gespeeld. Ook Hasselbaink komt uit een beroemd voetbalgeslacht: Jerrel is zijn oom.

Dean Gorré.Beeld ANP

Nederlands lezen

Is het een lust of last, die beroemde achternaam? 'Ik ben trots een Hasselbaink te zijn', zegt Nigel. 'Wat Jerrel heeft gedaan is mooi. Het is mijn plicht om die naam hoog te houden.'

'In Engeland was mijn vader niet zo beroemd, dus ik kan niet zeggen dat er vanwege mijn achternaam extra veel van me werd verwacht', vult Gorré aan. 'Mijn moeder is veel bekender. Ze doet mee in een reallife-soap over voetbalvrouwen. Nu ik in Nederland voetbal zeggen veel mensen: ik heb je vader nog zien voetballen. Dat vind ik alleen maar leuk.'

Op zijn vijfde verhuisde Kenji Gorré naar Manchester, toen zijn vader een contract bij Huddersfield Town tekende. Het gezin is er blijven wonen. Nederland kent hij alleen van familiebezoekjes.

Gorré spreekt Nederlands, omdat die taal samen met Engels werd gesproken in het gezin, maar geregeld schakelt hij deze middag over op Engels. Op de vraag hoe dat nou zit met het verbod dat trainer Henk Fraser uitvaardigde op het dragen van koptelefoons, verontschuldigt hij zich. 'Ik heb de papieren waarin de huisregels staan thuisliggen, maar over elk zinnetje doe ik vijf minuten. Nederlands lezen vind ik lastig.'

Klassiek patroon

Om zijn geboorteland te leren kennen, gebruikt hij zo min mogelijk de navigatie in zijn auto. 'Maar om eerlijk te zijn rij ik nu vooral van herkenningspunt naar herkenningspunt. Ken je dat ronde hotel langs de snelweg, vlak bij de Arena? Dan weet ik: ik ben bijna thuis.'

Vers zijn de indrukken. Alles in de eredivisie is nieuw voor Gorré. Hetzelfde geldt in zekere zin voor Hasselbaink, een jongen uit Amsterdam-Geuzenveld. Zijn route verliep via de jeugdopleidingen van Ajax en PSV (bij beide werd hij te licht bevonden) naar Schotland, waar hij achtereenvolgens uitkwam voor twee clubs.

In 2014 verhuisde hij kort naar het Griekse PAE Veria; een overgang die verliep volgens het klassieke patroon: gehaald door de voorzitter, die twee weken later de club verkocht. Sportief werd Hasselbaink met slechts één competitiewedstrijd achter zijn naam er niet wijzer, financieel wel. 'Ik kreeg tien maanden salaris mee.' Daarna keerde hij terug naar Hamilton.

Het pure voetbal

Omdat hij vijf maanden geleden vader werd van een zoon wilde hij terug naar Nederland. Het werd Excelsior, dat hem na een week proefdraaien voor twee seizoenen vastlegde.

Gorré werd op zijn achtste toegevoegd aan de jeugdopleiding van Manchester United. Trainen deed hij op het befaamde trainingscomplex op Carrington. 'Je begint als pupil op een afgelegen veld en langzaam schuif je op. Bij onder de 16 mag je naar het veld met lichtmasten. Bij onder de 18 mag je naar het veld met een tribune.'

De kleedkamer van het eerste geldt als ultieme beloning, maar zover kwam het nooit voor Gorré. Zijn ontwikkeling stopte bij het hoogste jeugdteam. 'Ferguson zei eerlijk: ik kan je niet beloven dat je volgend jaar een kans krijgt.' Hij verkaste naar Swansea City. Daar maakte hij aan het einde van vorig seizoen zijn debuut in de Premier League.

Je vraagt je af: wat moet zo'n jongen in de eredivisie, die afgekalfde competitie, waar ze zelfs in Oostenrijk om glimlachen. Maar Gorré weigert zijn overstapt naar ADO Den Haag als een stap terug te zien. 'Ik denk aan het voetbal. Het voetbal in Nederland is echt goed. Wanneer heeft een Engelse club voor het laatst de Champions League gewonnen? Oké, Chelsea in 2012. Maar dat zag er toch ook niet uit? Ik kom hier voor het pure voetbal.'

Goeie naam

Dan maar niet spelen in die prachtige klassieke stadions, maar op zondagmiddag met de bus naar Woudestein. Gorré kijkt Hasselbaink aan: 'Is het echt zo klein bij jullie?'

Hasselbaink: 'Ja, het is klein. Maar ik vind dat Nederlanders ten onrechte geringschatten over de eredivisie doen. Vergis je niet: Nederland heeft een goeie naam. In het buitenland krijg je the hard work, maar hier leer je voetballen.'

Wel zijn er zaken waar de twee aan moeten wennen. Hasselbaink is eerlijk: dat Excelsior op kunstgras speelt, wist hij niet. Het verwart hem soms. 'We hebben de hele voorbereiding op kunstgras gespeeld, ook al onze oefenwedstrijden en wat zag ik staan op een papier dat we meekregen: eerste wedstrijd op echt gras. Dat is toch vreemd?'

Gorré: 'Maar ik vind het wel prettig. Elke pass is straight.'

Verwend

Hasselbaink: 'In Engeland en Schotland is het traditie dat jonge voetballers de voetbalschoenen voor de eerste elftalspeler schoonmaken en de kleedkamers opruimen. Bij Excelsior hebben we een weeklijst. Daarop staat wanneer je de ballen moet meenemen naar het trainingsveld.'

Gorré: 'Bij ADO Den Haag moeten we onze eigen drankjes maken voor tijdens de training, in een bidon. Dat vergeet ik steeds. We zijn verwend.'

Hasselbaink: 'Maar met andere dingen is Excelsior juist weer verder. Een keer per week ga ik lekker zitten met een diëtiste. Dat kennen ze in Schotland niet. Ze wil dat ik bruine rijst ga eten, dat soort gekkigheid. Maar dat ga ik niet doen. Ik ben groot geworden met witte rijst.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden