WKVolleybal

Nederlandse volleybalmannen doen weer mee aan wereldtop. Waar hebben ze dit succes aan te danken?

De Nederlandse volleybalploeg heeft met verrassende zeges op toplanden opzien gebaard tijdens het WK volleybal. Vandaag begint de tweede ronde voor de stuntploeg met een duel tegen Rusland.

Thijs ter Horst in actie tegen de Franse spelers (van links naar rechts) Thibault Rossard, Barthelemy Chinenyeze en Stephen Boyer. Beeld EPA
Thijs ter Horst in actie tegen de Franse spelers (van links naar rechts) Thibault Rossard, Barthelemy Chinenyeze en Stephen Boyer.Beeld EPA

Ze zijn terug, de Lange Mannen. Zo durven ze zich ook te noemen op Twitter, verwijzend naar de gouden olympische ploeg uit 1996. De Nederlanders doen weer mee in de wereldtop, getuige hun vier overwinningen op het WK volleybal. De nationale ploeg had 16 jaar geleden voor het laatst meegedaan aan een WK.

‘Het topland van weleer is terug. Of het komt er weer aan’, melden de Italiaanse makkers van Peter Blangé, de oud-spelverdeler met vijfhonderd volleybalinterlands en ex-bondscoach. De complimenten komen uit de mond van wereldkampioenen, verliezers van de olympische finale van 1996, zoals Marco Bracci en Andrea Lucchetta van de omroep RAI en Lollo Bernardi, de coach van landskampioen Perugia.

De vier zeges, waarvan twee op grootheden Brazilië en Frankrijk, hebben in een week tijd het imago van het Nederlands mannenvolleybal serieus opgekrikt. De nummer 25 op de wereldranglijst was een ploeg van nono’s, verspreid over Europese profclubs die niet behoren tot de beste of vermogendste. Nu heeft het weer smoel, met hoog springende en hard slaande mannen als Nimir Abdelaziz en Wouter ter Maat. Het motto: hard werken, niet opgeven, uitgaan van het collectief.

De Kanonnen

Abdelaziz en Ter Maat zijn de grote kanonnen van het Nederlands team. Ze zijn de hoofdaanvallers (diagonaalspelers) die met spectaculaire sprongen en bijna gewelddadige klappen punten scoren. De eerste speelt voor een wereldsalaris in Milaan. De tweede heeft na Berlijn en Parijs nu Istanbul als werkstad. Fenerbahce is zijn club, in het dik betalende Turkse volleybal.

Zij zijn ook de ‘vuilnismannen’ van het team. Aan de buitenkant, vaak van achter de driemeterlijn, moeten zij oplossingen vinden als de middenaanvallers niet bediend kunnen worden. Coach Gido Vermeulen wisselt hen af, per wedstrijd. Ter Maat tegen Brazilië, een dag later Abdelaziz, met Nimir achter op zijn shirt, tegen Frankrijk.

‘Nimir staat bij de bondsocach op één, denk ik. Hij ziet er mooier uit, is op die positie echt spectaculair’, zegt Olof van der Meulen, de man die Nederland met zijn uithalen van achter de driemeterlijn in 1996 naar olympisch goud sloeg. Hij deed het anders dan Abdelaziz. ‘Nimir springt hoger en slaat de bal over het verdedigende blok heen. Die hoogte bereikte ik niet. Ik sloeg veel via het blok van de tegenstander uit’, herinnert hij zich.

Alle diagonaalspelers, van toen en van nu, beschikken over een harde sprongservice. Ter Maat en Abdelaziz sluiten aan bij de wereldtop die nu 120, 125 kilometer per uur haalt aan de opslaglijn. ‘Ik gooide minder hoog op, maar haalde op zijn hardst 113 kilometer per uur’, aldus Van der Meulen. Hij gebruikte veel topspin.

Aanvoerder Nimir Abdelaziz. Beeld Jiri Buller
Aanvoerder Nimir Abdelaziz.Beeld Jiri Buller

De Kracht

Hard en hoog spel, dat is al jaren de standaard in het mannenvolleybal. Reinder Nummerdor, Europees kampioen met Nederland in 1997, was met zijn 1.94 meter een handige speler die passte. ‘Ik was handig, Guido Görtzen was groot en sterk. Die combinaties zag je bij meer landen. Nu overheerst kracht. De pass, het opvangen van de service, is minder belangrijk geworden.’

Thijs ter Horst is als passer-loper (verdedigers die ook aan de buitenkant van het veld aanvallen) een Nederlandse reus met zijn 2.04 meter. Hij verdient zijn geld in Zuid-Korea. Hij is aanvallend sterk, maar passend kwetsbaar. De bijna net zo lange Maarten van Garderen (2.00 meter) doet denken aan Nummerdor in diens goede jaren. Hij slaat tactische ballen op verschillende snelheden en brengt zo tegenstanders in verwarring. ‘Shotten’, noemt oud-bondscoach en tv-commentator Blangé dat.

Van Garderen nam vorig jaar de plaats van Nummerdor over in het beachvolleybalkoppel met Christiaan Varenhorst. ‘Ze kwamen meteen bij de laatste vier van het WK. Maarten heeft het talent. Ik snap dat ie teruggekeerd is naar de zaal. Het is een goed jong en hij voelt zich superlekker in grote wedstrijden.’

Maarten van Garderen in actie tegen Frankrijk. Beeld EPA
Maarten van Garderen in actie tegen Frankrijk.Beeld EPA

Het Collectief

Coach Gido Vermeulen zet al zijn veertien spelers in bij het WK, waarin maximaal twaalf wedstrijden in zeventien dagen kunnen worden gespeeld. Ruim twintig jaar geleden, in de gouden tijden, speelde de nationale ploeg met een vaste basis van zes man, met een enkele invaller.

Vermeulen stemt zijn ploegen af op de tegenstander: tegen Brazilië de lange mannen, tegen Frankrijk de beste service-ontvangers en tegen Egypte de frisse mannen. Dat was nodig met de loting van wedstrijden waarin Nederland als nummer 25 van de wereld geen beschermde positie kreeg. Het speelde van vrijdag tot en met maandag vier WK-interlands: 17 sets van een half uur gemiddeld.

Er zit meer achter het vele wisselen. Van der Meulen: ‘De bondscoach kiest mensen die passen in zijn tactiek voor een bepaalde wedstrijd.’ Nummerdor: ‘De kracht van dit team is dat het geen vaststaand team is waar de tegenstander zich op kan instellen. Als ze twee sets achter staan, zoals tegen Frankrijk, dan komt er rustig een compleet nieuw team het veld in. Die breedte van de selectie is bijzonder. Iedereen kan invallen. Nimir is misschien de enige hoogvlieger, maar verder hebben we spelers, gemiddeld als je het vergelijkt met de wereldtop. Maar die kunnen elkaar wel sterk vervangen.’

Blangé zegt het duidelijk: ‘Je ziet weer eens dat een team meer is dan de som der delen. Dit is een hecht collectief.’

Gido Vermeulen. Beeld EPA
Gido Vermeulen.Beeld EPA

De Flow

Nederland verkeert bij dit WK in topvorm. Na de valse start tegen de nummer zes van de wereld (Canada) is alles goed gevallen. Die onverwachte overwinningen tillen het team op. Dat heet flow in de topsport: niet naar het scorebord kijken, slechts uitvoeren waarvoor je gekomen bent, volgende bal, volgende aanval.

‘De beer is los’, zegt Peter Blangé. Hij was tussen 2006 en 2010 coach van het team dat worstelde met de nalatenschap van de Lange Mannen die in 1996 olympisch goud grepen. ‘Tegen Canada speelde Nederland op het niveau waar we vandaan kwamen. Kansjes werden niet benut. Daarna heeft de ploeg een ander niveau bereikt. Dat is op een groot internationaal podium. Hier wordt naar gekeken. Zo gaan er deuren open. Mijn Italiaanse volleybalcontacten van weleer zeiden dat ze verbaasd waren over het niveau van onze jongens.’

Volgens Blangé maakt het team minder fouten dan voorheen. ‘Ze spelen fatsoenlijk volleybal. Ze hebben resultaat. Dat vertaalt zich meteen in de lichaamstaal.’ Zo ging na olympisch kampioen Brazilië (3-1) ook topland Frankrijk eraan: 3-2. Flow, de Nederlandse volleyballers weten wat het betekent.

De Zwakte

De achilleshiel van Nederland zou dit toernooi de spelverdeling zijn. Daan van Haarlem (1.98 m) speelt voor een Tsjechische middenmoter (Karlovarsko) en Wessel Keemink (1.97) keerde uit België terug naar Orion in Doetinchem. Zij deden het werk dat tot twee jaar geleden voor Abdelaziz bestemd leek, tot die besloot als aanvaller verder te gaan en het spelverdelen aan anderen te laten.

De beste spelverdeler uit de Nederlandse volleybalgeschiedenis, Blangé, kent de twijfels over de twee mannen die de aanvalsballen opzetten. Maar hij prijst ze. ‘Ze zijn voor de duvel niet bang. Ze spelen met lef. Ze nemen risico, opdat hun ballen minder voorspelbaar zijn. Ze bedienen middenmannen als Diefenbach en Parkinson die het kappen en draaien beheersen. Het zijn allemaal geen wereldtoppers, maar wel vakmannen die hard werken en alles geven.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden