REPORTAGE

NEC - De Graafschap als testevenement met publiek: ‘Toch heerlijk dat dit gewoon weer kan’

De toeschouwers bij NEC-de Graafschap werden ingedeeld in verschillende bubbels, waar verschillende regels golden. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
De toeschouwers bij NEC-de Graafschap werden ingedeeld in verschillende bubbels, waar verschillende regels golden.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Met op corona getest publiek in bubbels probeert het voetbal langzaam terug te keren naar iets dat lijkt op het vroegere normaal. Bij NEC - De Graafschap was een test met publiek.

Heerlijk, helder en rauw ontsnapt de klassieker Hi ha hondelul uit pakweg tweehonderd kelen op de Ron de Groot tribune, als ventilatie van onvrede in stadion de Goffert. Terug is de aloude kreet op deze zonovergoten lentedag, na bijna een half jaar betaald voetbal zonder publiek.

Deze schreeuw, in principe ongepast als afkeuring voor de scheidsrechter, voelt als een catharsis. Ongeveer 1.200 supporters zijn zondag aanwezig bij NEC - De Graafschap (1-2) in de eerste divisie, verdeeld in bubbels. Ze zijn terug op de tribunes en reageren primair op voetbal. Op de scheidsrechter, op de eigen ploeg, op alles en iedereen. Geen stilte, geen geluidsbanden. Gewoon, de mens, rechtstreeks en ongefilterd.

‘Op tv is voetbal kijken ook heerlijk’, zegt Daan van Boven op de Ron de Groot tribune, waar de supporters alles mogen. Naast elkaar zitten. Omhelzen, schreeuwen, zingen, bier drinken en worst kopen. Praten met consumptie. Alleen als ze lopen, moet het mondkapje voor. De temperatuur loopt op. Ze dragen korte mouwen en een zonnebril. Van Boven: ‘Ik had gedacht dat ik zonder zou kunnen, maar nu ik hier ben, weet ik weer wat ik heb gemist. Dit is geweldig.’ Hij ziet ook de keerzijde, want het is een gedoe. ‘Normaal ga ik vaak met mijn vader, maar die zou dit niet allemaal doen. Mij boeit het niet. Van mij mogen ze alles weten.’

Want hier voltrekt zich wetenschap. Voetballen in een laboratorium, als testevenement van Fieldlab, dat onderzoekt hoe de weg in te slaan naar het normaal van vroeger. Testen, app downloaden, nagaan hoe bewegingen zijn, een kaartje gekoppeld aan de app, deze week afstand houden, eind van de week nog eens testen. ‘Ze checken onze looplijnen’, zegt Van Boven, als hij op de chip wijst die in een plastic hoesje om zijn nek hangt. Die looplijnen konden wel eens gevarieerder zijn dan die van de voetballers op het veld, waar de thuisclub niet is opgewassen tegen De Graafschap, dat meedoet om promotie.

In de rij voor het stadion. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
In de rij voor het stadion.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Lente

Op het plein voor stadion de Goffert in Nijmegen ontluikt de lente. Restjes sneeuw rond de bomen doen denken aan een vorig tijdperk. Eindelijk is hier weer volk bijeen. Begroetingen. Blijdschap. Wat de KNVB al veel eerder wilde, meewerken aan de oplossing, is realiteit. Een wedstrijd, met publiek.

Een hilarische brul is voor rust te horen als een speler van De Graafschap de bal uit het stadion schiet. De strofe ‘Seuntjens moet een test doen’ sterft snel weg. Seuntjens is de aanvoerder van De Graafschap. Verschillende bubbels zijn verspreid over het stadion. Sommige aanhangers dragen mondkapjes, anderen zitten op 1,5 meter. Alles voor Fieldlab, dat bij diverse evenementen onderzoek doet en over zes weken verslag hoopt uit te brengen.

Iedereen is vooraf getest op corona en van de 1.200 supporters zijn er ongeveer tien positief getest, zonder dat ze klachten hadden. Gijs de Jong, secretaris-generaal van de KNVB: ‘Die tien waren anders blijven rondlopen, naar de supermarkt gegaan, naar hun ouders.’

De broers Tijn en Pim Wiedeman halen tijdens de rust een drankje. Pim: ‘Het is nog steeds niet alles. Ik mis nog de echte sfeer, van met veel meer mensen bij elkaar zijn dan nu. Maar dit is het begin van het einde. Of het einde van het begin, dat weet ik onderhand niet meer precies.’ De wedstrijd valt in de klassering Type III, waartoe wedstrijden in het betaald voetbal behoren. Categorie buiten en actief. ‘Bezoekers zijn enthousiast, gezellig en uitbundig’, zoals het staat omschreven in de persmap.

Deze toeschouwers zaten in een bubbel die het toestond bier te halen. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Deze toeschouwers zaten in een bubbel die het toestond bier te halen.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Experiment

Het supporterdom ontwaakt. Aanhangers geven elkaar een boks. De pers is massaal uitgerukt. Een cameraman vraagt aan een groepje of de jongens een beetje afstand kunnen houden. Het experiment vloekt in zekere zin met het wezen van de supporter, een individu dat graag anoniem opgaat in de massa. Van Boven: ‘Ik ken heel veel mensen die helemaal niet geloven in corona. Zij zullen niet naar het stadion komen op deze manier. Zij zien dit als een manier van de overheid om iedereen te controleren.’ Dat was sowieso een opvallend aspect. Voor het experiment waren 1.500 kaarten beschikbaar, maar die zijn niet allemaal aangevraagd.

Vrijdag is al het startschot van het experiment. Verplicht testen in een lange, verwachtingsvolle rij. De directeuren van NEC kijken toe hoe supporters op anderhalve meter afstand door de binnenruimte van het stadion slingeren, op weg naar het stokje in keel en neus. Dat op het Stadionplein weer wat gebeurt, doet directeur Wilco van Schaik deugd.

Op die vrijdag is er ook consternatie over uitspraken van wetenschapper Andreas Voss, die behoort tot het OMT en tot Fieldlab. Hij verwacht dat het lastig zal zijn, voetbal met volle stadions in 2021. Hij relativeert ook de aanwezigheid van supporters in een stadion. ‘De KNVB zal straks reageren’, zegt directeur Van Schaik met ingehouden boosheid. Gijs de Jong van de KNVB drinkt zondag, als de gemoederen zijn bedaard, koffie met Voss, in de hoop dat wetenschappers zich vooral bij de wetenschap houden. ‘Dit is toch heerlijk. Dat dit gewoon weer kan.’

Het voetbal hunkert naar publiek, en heeft het ook nodig. Zonder publiek zal het betaald voetbal verdwijnen, al heeft de KNVB in het begin van de crisis te hard geroepen hoeveel clubs zouden omvallen bij een heel seizoen zonder publiek. Nu dat scenario dreigt, is nog geen club omgevallen. Dat komt mede omdat supporters massaal seizoenkaarten kochten en de sector miljoenen steun ontvangt, te weten NOW-gelden voor bedrijven met personeel die fors omzetverlies draaien door corona. Van Schaik benadrukt hoe belangrijk het is dat er dit seizoen nog een paar wedstrijden met publiek komen, zodat iedereen het juiste gevoel weer kan krijgen en opnieuw een seizoenkaart koopt.

Zonder publiek zal het betaald voetbal verdwijnen, al heeft de KNVB in het begin van de crisis te hard geroepen hoeveel clubs zouden omvallen bij een heel seizoen zonder publiek.  Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Zonder publiek zal het betaald voetbal verdwijnen, al heeft de KNVB in het begin van de crisis te hard geroepen hoeveel clubs zouden omvallen bij een heel seizoen zonder publiek.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Mooist

Supporter Remco Vermeulen is al tientallen meters verder in de rij dan zijn vrienden, voor de aftrap. ‘Een keer is prima, zo, maar ik zou het niet elke keer doen’, zegt hij. ‘Anderzijds is een wedstrijd in het stadion het mooist. Thuis voor de tv is het toch net of het er minder toe doet.’

In het stadion is ook nog een straat voor sneltests. Dat is mogelijk de toekomst voor evenementen, zolang het virus onder het volk is. Supporter Paul Pouwels, al dertig jaar seizoenkaarthouder: ‘Ik wil mijn club zien, maar ik kom ook om het landsbelang te dienen, zodat de wetenschap informatie kan verzamelen om uit deze crisis te geraken.’

Het valt stil in het stadion als De Graafschap kort na rust 0-1 maakt. Come on Eniesee, laait het gejuich weer op. Als Elayis Tavsan met een spetter de lat raakt in naam van NEC, klinkt een langgerekt ooooooooooohhhh. Het is een heerlijk geluid. En dan, kort voor tijd, scoort Tavsan met dat sterke linkerbeen, 1-2. Bekers bier vliegen door de lucht. Tavsan, na afloop: ‘Het doet wat met je, als het publiek je zo opjut. Het is jammer dat we hebben verloren, maar ik hoop dat we nog de kans krijgen om het publiek iets terug te geven voor zijn trouw.’

Alles of niets, is op deze zondag het laatste lied van de supporters geweest. Het wordt niets, in de wetenschap dat niets weer een begin is van iets.

De KNVB moet de Europese voetbalfederatie Uefa op 5 april laten weten hoeveel toeschouwers het verwacht te kunnen ontvangen bij de vier EK-wedstrijden van komende zomer in Amsterdam. De bond moet daarnaast een back-upscenario indienen, voor het geval de coronasituatie in Nederland in de laatste weken voor het EK flink verandert.

‘Ik heb een heel onrealistische droom en dat is 50.000 man in de Arena’, zegt Gijs de Jong, secretaris-generaal van de KNVB en toernooidirecteur in Amsterdam. ‘Daar doe je het altijd voor, maar ik snap dat dit in juni niet kan. Ik ben realistisch: het moet veilig en verantwoord. Het zijn moeilijke processen. De absolute ondergrens is de situatie zoals we die in september hadden, met toeschouwers op anderhalve meter van elkaar. Toen konden er zo’n 15.000 mensen in het stadion. Dat moet komende zomer ook makkelijk kunnen op een goede manier.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden