InterviewNadine Visser

Nadine Visser vliegt bloedsnel over de horden dankzij en ondanks de zenuwen

Nadine Visser beheerst de 60 meter horden van start tot finish. Ze heeft het vaak genoeg bewezen. Zo is ze Nederlands recordhouder en verdedigt ze komend weekeinde haar titel tijdens de EK indoor in Polen. En ook al is ze met afstand favoriet, toch zijn er altijd die bibbers.

Nadine Visser vreet de horden op tijdens de NK outdoor in 2020. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Nadine Visser vreet de horden op tijdens de NK outdoor in 2020.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Die vermaledijde zenuwen zijn er altijd, die zijn ‘gewoon een beetje vervelend’. Maar hordeloopster Nadine Visser, vorige maand 26 geworden, heeft genoeg ervaring om te weten dat ze er ook baat bij heeft. ‘Ze helpen me om scherp te zijn, om er alles uit halen.’

Enige nervositeit is begrijpelijk. Op haar afstand, de 60 meter, mag er niks misgaan. Explosiviteit, snelheid, lenigheid en techniek; het hele raderwerk moet naadloos in elkaar overlopen om in nog geen acht seconden over vijf hekjes met een hoogte van 84 centimeter te vliegen. ‘Er zijn zoveel aandachtspunten. Maar er gaat ook veel vanzelf. Dan loop je in een roes.’

Ondanks of misschien wel dankzij de bibbers, beheerst de West-Friezin, geboren in Hoorn en opgegroeid in Hoogkarspel, de kunst meer dan behoorlijk. Ze is dit weekeinde op de EK Indoor in het Poolse Torun niet alleen titelverdedigster na haar gouden medaille in Glasgow, 2019, ze is met afstand de favoriet. Twee weken geleden dook ze tijdens een wedstrijd in Madrid met 7,81 twee honderdsten onder haar Nederlands record. Op de wereldranglijst van dit jaar deelt ze nu de koppositie met de Amerikaanse Christina Clemons. De eerste Europese in die rangschikking is de Britse Tiffany Porter, op een zevende plek met 7,89.

Voelt ze extra druk, nu? ‘Druk is er sowieso al’, zegt ze via een videoverbinding twee dagen voor het vertrek naar Polen. ‘Misschien is het iets meer. Nu ben ik de duidelijke favoriet, vorige keer was ik dat samen met anderen. Veel maakt het niet uit. Ik ben al eerder in vorm, vroeger moest ik er wat meer inkomen. Daardoor is het mogelijk iets makkelijker. Het doel is hetzelfde: goud winnen.’

Ze gaat de zenuwen te lijf met ‘ontspanning zoeken’ en ‘het hoofd leegmaken’. In de dagen en uren voorafgaand aan de wedstrijd trekt ze met anderen op ‘voor de gezelligheid’ of kijkt ze naar series, meestal ‘detective-achtigen’. Voor Polen staat Snowpiercer op het programma, een dystopische reeks over de laatste overlevenden van een ijstijd die in een trein over een bevroren wereld trekken. Eenmaal op de baan probeert ze zich voor alles en iedereen af te sluiten. Maar de spanning zover uitbannen dat het haar niet hindert, blijft lastig. ‘Het is niet prettig.’

De wedstrijd in Spanje vorige maand was voor haar de bevestiging dat de extra aandacht die ze met haar trainer Bart Bennema de afgelopen maanden in de start heeft gestoken, vruchten heeft afgeworpen. Ze maakt wat grotere passen om de eerste horde aan te kunnen vallen, vervolgens iets kleinere om van daaruit de sprong te kunnen maken. Dan moet de versnelling volgen. In de serie liep ze 7,89. ‘Dat was al raak, maar ik had geen idee dat het 7,81 kon worden.’

Ze was niet eens in haar beste doen. Ze voelde zich nog niet volledig uitgerust van het trainingskamp in januari in Zuid-Afrika en de daarop volgende wedstrijden. Die lieten in haar ogen ondanks de verbeterde start nog niet onmiddellijk bevredigende resultaten zien. ‘Die tijden vielen een beetje tegen. Maar dit voelde als een perfecte race.’

Het draaide in de voorbereiding niet alleen om de eerste passen. Ook eenmaal onderweg zijn er aanpassingen geweest. De specialisatie op het sprintonderdeel – Visser besloot in 2018 niet meer uit te komen op de meerkamp – leidde tot een alsmaar hogere snelheid. Volgens Bennema moest ze voortaan eerder haar sprongen inzetten. Afgelopen zomer plaatste hij op de trainingsbaan pylonnetjes op 1.95 meter voor de horden, waar ze eerder op 1.80 afzette. Daardoor landt ze dichterbij achter de hindernissen, waardoor ze meer ruimte heeft om het tempo vast te houden.

‘Het is wel belangrijk dat mijn ritme kort en snel blijft. Zeker op de 100 meter outdoor word je toch een beetje moe, waardoor je iets trager gaat bewegen en je passen net iets groter worden. Je moet op afstand blijven om beter te kunnen doorlopen. Als je er te dicht op zit, kun je je niet helemaal opendraaien en raak je ‘m sneller.’

Alle investeringen ten spijt, het aloude profiel van haar race is volgens haar ongewijzigd gebleven. ‘Mijn sterkste punt is nog steeds de versnelling naar het einde toe. Dat is mijn kracht, daar kan ik op vertrouwen. Mijn start is nog wat wisselvallig, maar ik weet dat ik altijd nog wat kan goedmaken als ik achter lig.’

De EK tellen voor haar. ‘Outdoor is iets belangrijker, de Olympische Spelen zijn het allerbelangrijkst, maar het is gewoon superfijn om titels te kunnen pakken. Dit is een belangrijke piek op weg naar de Spelen.’

Dat de tribunes in Torun leeg zullen blijven, deert haar nauwelijks. ‘Eerlijk gezegd merk ik het verschil niet zo. Voor degenen die de langere afstanden lopen, zal het anders zijn. Maar bij mij is het zo snel voorbij.’ Preciezer: na 7,8 seconden. Als dat toereikend is voor goud is, zal ze met evenveel plezier naar de camera’s zwaaien, voorlopig weer bevrijd van de zenuwen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden