Na Ben Johnson nooit meer eerlijke sport

MET DE strijd tegen het dopingspook zat het wel goed, zei de IOC-president in 1988. 'We hebben de meest populaire atleet gepakt en geschorst', stelde Juan-Antonio Samaranch vast na de ontmaskering van dopinggebruiker Ben Johnson....

Liefst 1465 sporters werden in Seoul gecontroleerd, tien bleken positief te zijn - vijf gewichtheffers, een worstelaar, een judoka, twee vijfkampers en een atleet, Ben Johnson.

De Olympische Spelen van 1988 - wie herinnert zich nog de sportieve successen? Kristin Otto won bij het zwemmen zes gouden medailles, Gelindo Bordin legde beslag op de marathontitel, Greg Louganis sprong het meest elegant van de duikplank, 'Flo-Jo' Griffith was ongenaakbaar op de sprintafstanden, Nico Rienks en Ronald Florijn roeiden naar goud. Allemaal vergeten.

Leg de sportliefhebber een olympisch jaartal voor en hij of zij zal minstens één sportief succes kunnen oplepelen. 1936? Jesse Owens. 1948? Fanny Blankers-Koen. 1952? Emil Zatopek. 1980? Eric Heiden. 1984? Carl Lewis. 1992? Ellen van Langen. 1996? De 'lange mannen' van Joop Alberda.

Noem 1988 en de kans is groot dat het antwoord 'Ben Johnson' luidt. Alle sportieve verrichtingen van ruim twee weken topsport werden in Zuid-Korea teruggebracht tot twee woorden. 'Ben Johnson is het enige wat jullie je van Seoul herinneren', riep een geïrriteerde IAAF-president Nebiolo vier jaar later tegen de internationale pers, in Barcelona.

Nebiolo had Johnson in 1989 tijdens het IAAF-congres het wereldrecord (9,79) en ook diens wereldtitel uit 1987 afgenomen. Dat deed de Italiaan op zijn eigen, onvolprezen wijze. Hij vroeg de afgevaardigden of ze zin hadden in een lunchpauze. Het daaropvolgende applaus beschouwde Nebiolo - gespeeld naïef - als steun voor zijn voorstel om Johnson van al zijn sportieve onderscheidingen te ontdoen.

Dat was snel geregeld. Er werden geen lastige vragen gesteld over de negentien negatief uitgevallen dopingcontroles die Johnson voorafgaande aan de Spelen had ondergaan. Vreemd, want ook toen gebruikte Johnson, zo bleek later tijdens zijn rechtszaak, het paardenmiddel Stanozolol.

Sterker nog, wanneer het aan Nebiolo en Samaranch had gelegen was Johnson ook in Seoul de dans ontsprongen. Het was te danken aan de onverzettelijkheid van een Bulgaars lid van het medisch comité dat het nieuws naar buiten kwam.

Barbertje moest hangen. Het verweer van het 'slachtoffer', dat door zijn schorsing miljoenen dollars misliep: 'Ik ben niet de enige die doping heeft genomen. Wanneer alle sprinters die gebruiken worden gepakt dan zou de atletiek niet meer bestaan.'

Big Ben had waarschijnlijk gelijk. Volgens kenners stonden in de olympische finale van Seoul zes 'chemisch geprepareerde atleten' aan de start. Zes van de acht. Eén van hun namen is bekend. Niet die van Carl Lewis, die alsnog goud kreeg. Nee, dat was Linford Christie, de winnaar van het zilver. In diens urine waren sporen van efedrine aangetroffen, maar en tweede dopingschandaal bleef de wereld bespaard. Christie had het spul via een hoestdrankje naar binnen gekregen.

'Big Ben' had pech gehad, hetgeen in november van 1988 nog duidelijker werd toen The New York Times onthulde dat tijdens de Spelen de helft van de twaalfduizend sporters verboden prestatieverhogende middelen had gebruikt. Diverse dopingaffaires zouden volgens de Amerikaanse krant in de doofpot zijn gestopt.

Ook de Canadese onderzoeksrechter Charles Dubin, wiens commissie de zaak-Johnson onderzocht, was keihard in zijn oordeel: 'Het grote publiek is in de waan gelaten dat, wanneer slechts één sportman op doping is betrapt, de anderen geen doping hebben gebruikt. Nu weten wij dat IOC en IAAF al vele jaren hebben geweten, dat deze veronderstelling onjuist is.'

Liefst 1465 controles en toch slechts tien positieve gevallen. Veel medailles gingen in Seoul naar DDR-atleten, terwijl we inmiddels weten dat in de 'Duitse Doping Republiek' op grote schaal doping werd gebruikt. Een jaar voor de Spelen van Zuid-Korea was het medicijn EPO op de Europese markt gekomen. En nog zei Samaranch met overtuiging: 'Wij zullen de strijd tegen doping beslist winnen.'

In olympische kringen wordt de affaire-Johnson als een waterscheiding gezien. Out-of-competition controles werden na 1988 ingevoerd. De sport werd, zo klonk het lang in IOC-kringen, 'schoner'. Bewijzen? In Barcelona werden 1870 sporters gecontroleerd, slechts vijf reageerden positief.

In de jaren negentig is voldoende aangetoond dat het anti-dopingbeleid van IOC en sportfederaties tot weinig heeft geleid. Een duur controleapparaat bleek nauwelijks effectief. Pas vanaf het moment dat nationale overheden zich met de materie gingen bemoeien, kwam er iets boven water. Johnson gaf zijn dopinggebruik toe, onder ede voor de burgerrechter. Wielrenner Alex Zülle sloeg door op een Frans politiebureau. Medici en trainers uit de voormalige DDR bekenden schuld voor de rechter in Berlijn.

De oprichting van het World Anti Doping Agency (WADA) lijkt een stapje in de goede richting. Niet dat een ideale, schone sportwereld daarmee ooit zal worden verwezenlijkt. 'Men gelooft graag dat het beter gaat sinds Ben Johnson', zei Henk Kraaijenhof twee jaar geleden in Sports Illustrated. 'Ik beweer het omgekeerde: de zaak-Johnson heeft het dopinggebruik alleen maar gestimuleerd. Hij won namelijk.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden