Na 120 jaar geen IOC-lid uit Nederland meer - hoe erg is dat?

Vier vragen over Camiel Eurlings

Camiel Eurlings heeft zijn IOC-lidmaatschap na zware druk vanuit de sportwereld neergelegd. Vier vragen over zijn vertrek en de gevolgen.

Foto anp

Wat betekent het vertrek van Eurlings?

Nederland heeft sinds 1898 altijd een IOC-lid gehad, op een korte overgangsperiode van zeven maanden na. In die afgelopen 120 jaar hebben elf Nederlanders de positie bekleed. Aanvankelijk betrof het vooral bestuurders van adel, zoals baron van Tuyll van Serooskerken (1898 tot 1924) en baron Schimmelpenninck van der Oye (1925-1943). Twee olympisch kampioenen behoorden tot het IOC: ruiter Charles Ferdinand Pahud de Mortanges (1946-1964) en judoka Anton Geesink (1987-2010). De afgelopen decennia zaten Hein Verbruggen (1998-2008) en Els van Breda Vriesman (2001-2008) in het IOC vanwege het voorzitterschap van een internationale sportfederatie, respectievelijk van de wielersport en hockey. Dat zorgde ervoor dat Nederland in het eerste decennium van de eeuw bijna tien jaar lang vier IOC-leden had: Geesink, Verbruggen, Van Breda Vriesman en prins Willem-Alexander (1998-2013).

Neemt een andere Nederlander de positie van Eurlings over in het IOC?

Die kans is klein. Er zijn na het vertrek van Eurlings nog 99 IOC-leden. Een lid dat opstapt, wordt weggestuurd of overlijdt, wordt niet automatisch vervangen door een landgenoot.

Ook de route via een internationale sportfederatie is op dit moment niet kansrijk. Buiten Jan Dijkema, voorzitter van de internationale schaatsbond ISU, zijn er op dit moment geen Nederlanders voorzitter van een belangrijke sportfederatie. Dijkema is 73 jaar, te oud om IOC-lid te kunnen worden: de leeftijdsgrens is 70 jaar. Om internationale sportbestuurders op te leiden is NOCNSF jaren geleden met een opleidingstraject begonnen. De Nederlandse juriste Nicole Hoevertsz is sinds 2006 IOC-lid namens de Nederlandse Antillen, een zelfstandig sportland in de ogen van het IOC.

Is de afwikkeling van de zaak-Eurlings nadelig voor Nederland?

Formeel streeft het IOC naar gelijkheid tussen mannen en vrouwen, op de sportvelden en in de bestuurskamer. Bij de deelnemers aan Olympische Spelen is dat bijna bereikt, in het sportbestuur nog lang niet. Bij het IOC zijn 29 van de huidige 99 leden vrouw.

Hoewel het IOC de zaak-Eurlings steeds afdeed als een 'privékwestie', heeft misbruik in bestuurskringen de aandacht. De ethische commissie, onder leiding van voormalig secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-moon, onderzoekt klachten tegen het Israëlische IOC-lid Alex Gilady wegens seksuele intimidatie en verkrachting. Toch valt te betwijfelen of het terugtreden van Eurlings gunstig uitpakt voor Nederland. Eurlings noch NOCNSF is erin geslaagd de 'privékwestie' stilletjes op te lossen. Daardoor is ook het imago van het IOC beschadigd. Dat kan Nederland worden aangerekend door machtige bestuursleden die weinig ophebben met de westerse moraal.

Het IOC heeft al geen beste reputatie wegens de torenhoge kosten van de Olympische Spelen en het wangedrag van andere bestuurders. Naar minimaal zeven IOC-leden lopen onderzoeken, of zijn recentelijk schorsingen uitgesproken wegens corruptie of ander wangedrag: Lamine Diack (Senegal), Carlos Nuzman (Brazilië), Frankie Fredericks (Namibië), Patrick Hickey (Ierland), Ahmad Al-Fahad Al-Sabah (Koeweit), Alexander Zjoekov (Rusland) en Wu Ching-kuo (Taiwan).

Is het vertrek van Eurlings schadelijk voor de Nederlandse sport?

De 44-jarige Eurlings gold binnen het IOC als een bestuurlijk talent vanwege zijn talenkennis, zijn charme en zijn politieke en maatschappelijke ervaring. Hij behoorde tot de jongere leden en had nog decennia kunnen groeien in zijn rol: hij had tot zijn 70ste lid mogen zijn. Hij was voorzitter van de communicatiecommissie en lid van de financiële commissie.

Zijn lidmaatschap stelde hem in staat om voor de Nederlandse sport te lobbyen. Zo sprak hij zich, zonder direct succes, uit voor de toelating van korfbal tot de Zomerspelen: het IOC streeft naar meer gemengde sporten, onder meer via gemengde estafettes in het zwemmen en de atletiek, om de gelijkheid tussen mannen en vrouwen te bevorderen.

Eurlings had ook een rol kunnen spelen als Nederland zou besluiten zich kandidaat te stellen voor de het organiseren van de Zomerspelen, of bij het binnenhalen van andere sportevenementen. Wat het lobbywerk van Eurlings precies heeft opgeleverd, is door de verborgen aard van dat werk niet vast te stellen. Of Nederland veel misloopt door zijn vertrek evenmin. De Nederlandse sportraad heeft in 2016 geadviseerd dat het organiseren van sportevenementen de belastingbetaler minder moet kosten. Plannen om de Zomerspelen te organiseren, zijn door het kabinet-Rutte II verworpen als te duur.