Murray is terug om zijn opponent te vernederen

Nummer 1 van de wereld naar kwartfinales Roland Garros

De nummer 1 van de wereld worstelde al net zo met zichzelf als Novak Djokovic, die hij eind 2016 van de tennistroon had verdreven. Toch lijkt Andy Murray zichzelf langzaam te hervinden, al mag je hem op Roland Garros ondanks zijn finaleplaats in 2016 geen favoriet noemen. De 30-jarige Schot bereikte voor de 29ste keer de kwartfinales van een grandslamtoernooi door met Juan Martin del Potro en Karen Chatsjanov twee hardhitters te ontmantelen.

Murray in actie tegen Karen Chatsjanov. De hardhitter werd door hem ontmanteld. Beeld reuters

Haat hem of heb hem lief; Murray roept extreme reacties op. In twee vaak hoogstaande partijen demonstreerde hij zijn rijke oeuvre. Del Potro was zaterdag geen fijne tegenstander in de derde ronde. Maar de Argentijnse baseliner verprutste zijn kansen in de eerste set en werd volgens betoverd door 27 dropshots en een gouden regen van lobs: 7-6, 7-5, 6-0. Maandag haalde Murray met knappe returns de angel uit het spel van de Rus Chatsjanov: 6-3, 6-4, 6-4.

Toen coach en oud-prof Raemon Sluiter in Parijs zijn weerzin tegen negatief gedrag op de tennisbaan vertolkte, besloot hij zijn monoloog met een diepe zucht. 'Helaas komt de nummer 1 ermee weg.'

Het is vaak geen feest om een partij van Murray te volgen en al helemaal niet voor zijn coaches, Ivan Lendl en Jamie Delgado. Lendl laat traditioneel niets merken en verbergt zijn emoties in Parijs achter een spiegelende zonnebril. Het kan niet anders of de voormalige nummer 1 van de wereld verlangt geregeld naar zijn geliefde golfbaan als hij bij Murray de stoom uit zijn oren ziet komen.

De 'Spidercam' boven de baan, die het spel van dichtbij registreert, een kuchende toeschouwer, maar vooral de afkeer van zijn eigen spel maken Murray vaak onhandelbaar. Zeuren, klagen, zeiken om niets, het 'f-woord' ligt hem in de mond bestorven; in die zin is Murray bepaald geen voorbeeld voor jonge talenten. 'Zelfs mijn coaches weten vaak niet wat er in me omgaat', zei Murray in Parijs. 'Ik weet dat ik mijn gedrag op de baan moet verbeteren.'

Sir Andy Murray - hij werd na zijn tweede Wimbledontitel geridderd - oogt vaak als een hork. 'Haarkunstenaar' Hanni Hanna zou hem ongetwijfeld een nieuw kapsel willen aanmeten. En die stem, als krakend schuurpapier, inspireert evenmin.

Tegelijkertijd wordt Murray geroemd om zijn maatschappelijke engagement en doorbrak hij enkele jaren geleden een taboe door met Amelie Mauresmo een lesbische vrouw als coach aan te stellen. Hij werd erom bespot door zijn mannelijke collega's.

In de ATP Tour is Murray de grootste voorvechter van gelijke rechten voor vrouwen. Vorige week hekelde hij de homofobe uitspraken van Margaret Court, maandag bracht hij na zijn zege op Chatsjanov in Stade Philippe Chatrier een eerbetoon aan de slachtoffers van de terroristische aanslag in Londen. In die zin is er geen betere ambassadeur van zijn sport denkbaar dan Murray.

Bovendien is hij een begenadigde tennisser, die ook het Franse publiek in vervoering bracht met zijn fluwelen slagen. En dat was even geleden. Voor het eerst dit seizoen speelde Murray als het getal dat voor zijn naam staat. Het cijfer 1 knelde, het vuur was gedoofd na een fenomenale inhaalrace in 2016.

Voor Wimbledon was de kloof tussen Murray en Djokovic nog 8.000 punten, uitgerekend in de laatste partij van het seizoen vervulde Murray een jongensdroom. De finale van de ATP World Tour Finals besliste wie het jaar zou eindigen als aanvoerder van de wereldranglijst. Murray liet met zijn zege op Djokovic in de O2 Arena tevens zijn ziel achter.

Hij had als minst prominente lid van de 'Big Four' met Federer, Nadal en Djokovic vaak achteraan gestaan. Twee Wimbledontitels, de US Opentitel en twee gouden medailles in het enkelspel op de Spelen van Londen en Rio waren schitterende prijzen. De beste van de wereld was een ongekende eretitel voor een jochie uit het Schotse Dunblane. Wat moest hij nu nog winnen?

Geen wonder dat Murray evenals Djokovic plichtmatig de toernooien afwerkte. De motivatie was verdwenen, nieuwe doelen werden niet vanzelf gesteld. Voor Roland Garros was hij verkouden, knorrig en mopperend bereikte hij de derde ronde. De beste schaker in het circuit voelde zich in zijn element tegen Del Potro, tegen wie hij vorig jaar twee heroïsche vijfsetters had gespeeld.

Huilend stonden ze samen aan het net na de olympische finale in Rio, waarna Del Potro revanche nam in de Davis Cup. Zaterdag in Parijs had krachtmens Del Potro de eerste set moeten winnen, maar het is de kracht van Murray dat hij zijn tegenstanders altijd een bal extra laat slaan. Het was voor Del Potro om gek van te worden, want Murray vindt het heerlijk om juist de grootste spelers aan het net te dollen met een lob.

Zie die bonken van kerels wanhopig rennen, Del Potro en Chatsjanov, evenals de 2 meter en 11 centimeter lange John Isner vorig jaar op Wimbledon. Ze weten dat ze vernederd worden, ze staan voor joker. Murray is met Djokovic de beste verdedigingskunstenaar van het proftennis. Zo boekte Murray maandag in Parijs zijn 650ste overwinning, zege 651 in de kwartfinales tegen de lichtvoetige Kei Nishikori wordt nog een hele opgave.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.