Minder 's zomers, maar nieuwe indoorbaan doet Nederlandse skeeleren goed

Op de nieuwe, overdekte baan in Heerenveen werden de afgelopen dagen de NK skeeleren gehouden. Vooral de jeugd heeft veel profijt van de nieuwe baan, merkten routiniers Michel en Ronald Mulder. 'Tof voor Nederland.'

Ronald Mulder wint bij de NK skeeleren in Heerenveen de finale over de 500 meter.Beeld Jiri Buller/de Volkskrant

Skeeleren is een echte zomersport. Een sport waar mannen en vrouwen met gebronsde armen en benen op wieltjes over het asfalt zoemen. Als ze hun strakke pak open ritsen schitteren hun bovenlichamen in de zon. Haast doorschijnend wit zoals wielrenners dat ook kunnen hebben. Dat was afgelopen weekend tijdens de NK skeeleren op de baan wel anders. In Heerenveen reden de skeeleraars in de schaduw van een dak. Niks zon. Een verlies wellicht van het zomerse karakter van de sport, maar belangrijk in de zoektocht naar internationaal succes.

Nationaal zijn Michel en Ronald Mulder al jarenlang de besten op de sprintnummers op skeelers. Eén blik op de lijst met kampioenen van het kortste nummer op de baan, de 300 meter, zegt genoeg. Sinds het sinds 2004 op het programma van de NK staat werd het nog nooit door iemand anders dan een Mulder gewonnen. Tien keer was het Ronald, vier keer Michel. Op de 500 meter is hun hegemonie bijna net zo groot.

Internationaal is dat heel anders. Nederland stelt op WK's op de baan bar weinig voor. Michel Mulder werd in 2012 wel wereldkampioen op de 500 meter, maar dat was op de weg. Op de piste van 200 meter met oplopende bochten kwam hij nooit in de buurt van een medaille. 'Op het WK dat ik eerste werd op de weg, werd ik op de piste 21ste en 28ste.'

De oorzaken? In Nederland waren geen skeelerbanen die voldeden aan de internationale eisen. De 200-meterbaantjes die er lagen, waren met een asfaltlaag uitgerust, terwijl de internationale inlinebond kampioenschappen alleen op banen met een speciale betonlaag - vesmaco - organiseert. Dat wreekte zich bij de internationale titeltoernooien. De Nederlanders waren niet aan de ondergrond gewend, hun buitenlandse concurrenten wel.

Natte badkamervloer

Dat is inmiddels anders. Sinds twee jaar is de skeelerpiste in Heerde bekleed met een vesmaco-laag. Dat was voor de inliners een flinke vooruitgang, maar één groot nadeel bleef: als het regent wordt de baan spekglad. Michel Mulder: 'Je hebt geen enkele grip. Je kan proberen te rijden, maar je verrekt je lies of je valt. Er is geen andere weg. Levensgevaarlijk. Alsof je op een natte badkamervloer probeert te rijden.'

Pal naast het Abe Lenstra Stadion verrees afgelopen jaar de oplossing voor dit probleem: een internationaal goedgekeurde vesmaco-baan met een dak erop. Zo kunnen de inliners niet alleen bij mooi, droog weer trainen, maar ook als het regent. Bondscoach Frank Fiers merkte de afgelopen maanden al meteen veel profijt van de nieuwe locatie. 'We kunnen veel meer trainen dan vroeger.'

Dat betaalt zich vooral uit bij de jonge talenten, merkten de Mulders bij de NK. Zijzelf brachten hun winter vooral door op het ijs, maar hun jonge concurrenten profiteerden van extra uren op de overdekte skeelerbaan. Met name de 22-jarige Rémon Kwant wist het de Mulders tijdens de NK lastig te maken. Ronald Mulder: 'Ik zag het wel aankomen, dat een paar jonge gasten die stap zouden maken bij het sprinten. Voor mijzelf wordt het daardoor spannender en lastiger, maar het is heel tof voor Nederland.'

Tijdens de baanwedstrijden en ook tijdens de wegwedstrijden die zondag in Wolvega werden verreden, wist Ronald Mulder de aanvallen van de jongelingen vooralsnog te pareren. Hij werd nationaal kampioen op alle afstanden waar hij aan de start verscheen, op de 300 en 500 meter op de baan en de sprint op de weg.

Zijn broer had meer moeite om de jeugd achter zich te houden. Hij wist Kwant nog net te verslaan in de strijd om zilver op de 300 meter en de sprint op de weg, maar kon hem niet van de titel op de 1.000 meter op de piste afhouden.

Beide broers verwachten dat de volgende generatie skeeleraars aansluiting zal vinden bij de wereldtop op de piste. Michel: 'Deze baan biedt kansen voor hun. Je moet er veel op trainen, wil je er goed in worden. Wij hebben dat nooit gedaan. Wij hadden zo'n baan niet toen wij 22 waren.'

Beeld Jiri Buller/de Volkskrant

Zomerse karakter

Volgens bondscoach Fiers verdwijnt er door het dak wel iets van het karakter van de sport. 'Er gaat wat verloren van het zomerse, van de charme van het inlineskaten. Maar dat je hier tijdens de training geen zon pakt, dat weet je. Met schaatsen is er ook verschil tussen Thialf of een buitenbaan als in Collalbo.' Dat is niets om verdrietig over te doen, vindt hij. 'Misschien mis je een streepje zon, maar dat is dan maar zo. We zijn op topsport gericht.'

Bovendien is de baan niet helemaal afgesloten van de buitenlucht. De zijkanten zijn open. De zomerwind had er afgelopen weekend nog vrij spel. Gelukkig maar, lacht Ronald Mulder. 'Het is misschien overdekt, maar hier heb je nog wel het gevoel dat je buiten aan het sporten bent en daar houd ik van. Ik zit in de winter zat in hallen zonder daglicht.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden