Minder buitenlandse sterren bij hockeyclubs

Wie komend seizoen wil genieten van de beste Argentijnse, Australische en Nieuw-Zeelandse hockeyers, moet niet in de Nederlandse competitie zijn. Door de coronacrisis en het uitstellen van de Olympische Spelen verwachten de clubs het minst aantal buitenlanders in de laatste tien jaar in de hoofdklasse. De budgetten zijn teruggeschroefd en spelers worden opgeëist door de nationale teams.

Veel ploegen beginnen deze week aan de voorbereiding op het nieuwe seizoen. Dat doen zij met minder internationale toppers dan voorheen. Oranje-Rood liet de Oostenrijker Benjamin Stanzl en de Argentijn Lucas Martinez gaan en blies de komst van de Australiër Jake Whetton en Brits international Phil Roper af. In Rotterdam is niet langer plek voor drie Nieuw-Zeelanders, twee Ieren en een Duitser.

De neergaande trend is al langer te ontwaren. Tien jaar geleden beproefden 86 buitenlandse hockeyers hun geluk in Nederland. Afgelopen seizoen waren dat er 66, voornamelijk mannen (50 om 16), blijkt uit cijfers van de hockeybond (KNHB). In de jaargang 2017/18 bleef de teller al eens steken op 47, het laagste aantal de afgelopen tien jaar. Hoeveel het er komend seizoen zijn, maakt de bond half september bekend, als de competitie begint.

De coronacrisis heeft de tendens versterkt. Bij Oranje-Rood slonk de begroting met 25 procent. Daarop werd besloten om af te zien van spelers voor wie huisvesting en vliegtickets geregeld moeten worden. Bij de club uit Eindhoven spelen komend seizoen alleen spelers met een Nederlands of Belgisch paspoort.

'We moeten de tering naar de nering zetten', zegt voorzitter Pieter Janssen. 'Buitenlanders voegen kwaliteit toe, maar er hangt ook een prijskaartje aan.' Daarmee doelt hij naast het salaris op de secundaire arbeidsvoorwaarden, zoals werkvergunning, huisvesting en vliegtickets. 'Met de internationale kalender was het maar de vraag geweest hoeveel wedstrijden we de beschikking over ze zouden hebben. Bovendien ben je al 10- tot 15 duizend euro aan tickets kwijt als een speler een paar keer op en neer moet vliegen.'

Doordat de Spelen een jaar zijn uitgesteld, eisen veel hockeybonden dat de internationals een groot gedeelte van het seizoen bij de nationale ploeg trainen. Het is de reden dat Pinoké een streep zette door de komst van de Australisch international Aran Zalewski. Twee Belgen, twee Argentijnen en een Duitser moeten de club uit Amstelveen komend seizoen aan een plek in de play-offs helpen. Daarmee behoort Pinoké tot de clubs met de meeste buitenlanders. 'Als club ben je voortdurend op zoek naar de juiste balans, zodat zelfopgeleide spelers zich aan de hand van internationale spelers kunnen ontwikkelen', zegt Michiel Hilders namens Pinoké.

Volgens hem zijn clubs vanwege de coronacrisis kritischer gaan kijken naar de toegevoegde waarde van buitenlandse spelers. Ook Pinoké werd in de portemonnee geraakt, al wil Hilders niet ingaan op de financiële situatie van de club. 'Wij hebben ook weleens opportunistische keuzes gemaakt. Nu denk je beter na over wat je wel en niet doet.'

Die kritische blik past goed in de discussie over de instroom van buitenlandse spelers, die binnen de hockeywereld wordt gevoerd. Sommigen opperen al jaren voor een maximum aantal per club. Anderen juichen de komst van internationale toppers toe. Hoe meer hoe beter.

Dat er minder buitenlandse toppers naar Nederland komen, is ook niet iets 'waar we ons zorgen over hoeven maken', zegt Friso van Deursen, bestuurslid tophockey bij Rotterdam. Hij vindt dat de hoofdklasse ook met het gemis van een aantal internationaal aansprekende namen de beste competitie ter wereld is. 'Er loopt veel talent rond dat nu de kans krijgt.'

Daar sluit Janssen zich namens Oranje-Rood bij aan. 'Vergeet niet dat de Nederlandse spelers ook tot de wereldtop behoren. Het is niet zo dat in Nederland een stel amateurteams spelen met een aantal buitenlandse wereldtoppers. Het tegendeel is waar. Ik ben ervan overtuigd dat de hoofdklasse van hoog niveau blijft.'

Volgens Marcel Balkestein biedt de situatie juist kansen. De oud-international (108 interlands) wijst op de magere prestaties van het Nederlands mannenteam de laatste jaren. Door talenten meer kansen in de hoofdklasse te geven, kunnen zij zich sneller ontwikkelen tot volwaardige internationals en wordt de vijver waaruit bondscoach Max Caldas kan vissen groter. 'De gemiddelde leeftijd bij het Nederlands team is nu aan de hoge kant.'

Lange tijd zaten clubs in een ratrace in de strijd om de beste buitenlanders. 'We hebben daar met alle clubs aan meegedaan. Iedereen wil winnen. Als je denkt dat het lukt met buitenlanders en je kunt ze betalen, is het heel verleidelijk', zegt Van Deursen. 'Maar de afgelopen jaren was al een kentering zichtbaar en heeft gezond opportunisme plaats gemaakt voor realisme. Corona heeft dat proces versneld.'

Seizoen mannen vrouwen totaal 2009-2010523486 2010-2011512980 2011-2012422365 2012-2013442367 2013-2014351853 2014-2015411657 2015-2016351551 2016-2017372158 2017-2018272047 2018-2019441660 2019-2020501666 2020-2021 is half september bekend.

buitenlanders in Hockey vanaf 2009/10

Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden