Column De twaalfde man

Met ‘Theo Janssen’ is het genre van de sportbiografie af

Michel van Egmond heeft inmiddels zes boeken over Wim Kieft geschreven, of zeven, niemand weet het precies. De boekenrubriek Makkelijk lezen van het VPRO-programma Makkelijk scoren probeerde zondag duidelijkheid te scheppen.

Dat viel niet mee. Tijdens de uitzending verschenen er weer twee delen in de Kieft-reeks, waarvan een over Makkelijk lezen van dezelfde avond. Van Egmond blijkt na zijn eerste twee boeken over Kieft onder meer ook Wie is Wim Kieft? (over de periode tussen het eerste en tweede deel) en Ik ben Wim Kieft (‘Vooral sms-jes, maar wel heel goed opgeschreven’) te hebben uitgebracht.

Van Egmond schreef volgens het boekenpanel van Makkelijk scoren ook Krul, Krol, Rep, Roy, Ruud (Krol), Ruud (Gullit), Ruud (van Nistelrooij), Jaap, Stam, Bas, Dost, Ed, De en Goey en nog een paar andere biografieën. Het punt was gemaakt. Het is totaal uit de hand gelopen met de sportbiografie.

Afgelopen week las ik Theo Janssen – Marcel van Roosmalen op stap met De Dikke Prins. Het is het vijfde boek van Van Roosmalen over Vitesse. Dat is géén satirisch grapje, al moet ik hierbij opmerken dat Theo Janssen vooral over Theo Janssen gaat en minder over de club waar hij zijn loopbaan begon en afsloot en momenteel jeugdtrainer is.

De stroom goede (een paar) en slechte (veel) sportbiografieën is gestaag en eindeloos. De komende weken geeft dezelfde uitgever, Inside, Gerard van der Lem - Mijn jaren met Louis van Gaal, Pep Guardiola, José Mourinho en andere wereldsterren van Edwin Struis uit en, ook in maart, de biografie die Yoeri van den Busken over een andere Amsterdammer schreef, Jan Jongbloed: Aparteling.

Het is niet eens meer verbazingwekkend dat een historicus, Aad Haverkamp, het sportboek uitkoos voor een promotie-onderzoek aan de Radboud Universiteit. Haverkamp presenteerde zijn ‘cultuurhistorische analyse van de levensverhalen van Nederlandse sporters en hun maatschappelijke context’ deze week. Hij las en analyseerde een kleine honderd sportbiografieën – een topprestatie.

De voornaamste conclusie zal niemand sinds Kieft, Gijp en Geen genade (over Andy van der Meijde) meer verbazen: het sportboek is steeds persoonlijker geworden. Boeken van sporters met een rafelrandje bieden tegenwicht aan de pratende, maar niets zeggende voetballer die voor de camera’s van de NOS verschijnt, concludeerde het (digitale) blad van de Radboud Universiteit deze week. Leuk gevonden.

‘Het lijkt wel of de biografie van nu moet concurreren met sociale media, waarop al zo veel intieme details worden gedeeld’, zegt Haverkamp in het stuk. Het klinkt logisch, maar uitgerekend een sportboek waarin geen intieme details worden onthuld, nauwelijks iets behartenswaardigs wordt gezegd en de hoofdpersoon een dooie pier is die de schrijver talloze beperkingen oplegde, stootte in de tweede week na het verschijnen door naar de eerste plaats van de CPNB Top 60. Jazeker, met de publiciteit rond het boek van Van Roosmalen over Theo Janssen was het dik in orde.

In Theo Janssen wordt niet veel gezegd of gedaan. Theo Janssen gaat vooral over het maken van een boek over Theo Janssen. Het is niet erg interessant. Janssen kletst wat en Van Roosmalen vraagt zich voortdurend af hoe hij van al die losse opmerkingen in godsnaam een boek moet maken. Van Roosmalen heeft hier geen greintje plezier aan beleefd. Alleen dat geouwehoer over de titel al.

Waarom ik toch heb uitgelezen weet ik niet. Misschien omdat het zo lekker voortkabbelde, zoals de tien kilometer bij het schaatsen vroeger. Er gebeurde nooit iets, maar je werd er wel rustig van.

Toen ik het na ruim tweehonderd bladzijden door had, zag ik het pas.  De sportbiografie is af. Theo Janssen en Marcel van Roosmalen nemen het genre in een gelaagd boek genadeloos op de hak. Dit is een parodie, voetbalhumor op zijn best. En iedereen is er ingetuind.

Marcel van Roosmalen en Theo Janssen, De Dikke Prins.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.