INTERVIEWSSPORTERS MET MASKERS

Met een masker op sporten is best te doen

V.l.n.r. Dinet Oosting (softbal), Bas Verwijlen (schermen) en Savine Wielenga (ijshockey)Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Topsport bedrijven met een masker is voor veel sporters de normaalste zaak. Denk aan schermer Bas Verwijlen, ijshockeyster Savine Wielenga of softbalster Dinet Oosting. Wie weet lopen straks meer sporters met een vorm van bescherming tegen het virus voor hun gezicht.

Bas Verwijlen (schermen): ‘Voor mij is het heel gewoon, ik kan ermee voetballen’

Geen huid-op-huidcontact? Verplichte mondbescherming? ‘Prima’, dacht degenschermer Bas Verwijlen. Als er één sport is waarbij de overdracht van het virus klein is, dan is het wel schermen.

Degenschermers hebben een pak aan en een masker op. ‘Wij zijn de perfecte coronaproof sport. Het enige moment waarop we huid-op-huidcontact hebben is als we elkaar na de wedstrijd de hand schudden. Daar waren we al mee gestopt. Bij de laatste wedstrijd gaven mensen elkaar een elleboog. Ik dacht dat we daarom snel weer op konden starten. Maar dat valt nog tegen. Je moet natuurlijk wel kunnen reizen’, zegt Verwijlen.

De 36-jarige schermer traint momenteel alleen. Een sparringpartner is niet voorhanden. Verwijlen is de enige Nederlandse schermer met een A-status van NOCNSF en heeft zodoende als enige een uitzonderingspositie om in een hal te mogen trainen.

Bas VerwijlenBeeld Klaas Jan van der Weij

Hij gaat af en toe naar een schermschool waar hij in zijn eentje zijn voetenwerk traint en op kussens steekt. In zijn gymzaaltje thuis heeft hij wat materiaal om oefeningen te doen.

Verwijlen denkt dat zijn sport makkelijk veilig uit te voeren is vanwege het pak en masker dat hij draagt. Hij heeft geen last van het masker. ‘Ik doe dit al 31 jaar. Voor mij is het een tweede natuur om een masker op te hebben. Ik zou er net zo makkelijk mee kunnen voetballen als schermen. Ik adem niet anders, misschien is het anders voor mensen die voor het eerst met iets voor hun gezicht moeten sporten. Het enige waar mensen vaak last van hebben als ze het voor het eerst proberen, is het raster voor je gezicht. Je ogen moeten daar even aan wennen om goed te kunnen zien.’

Warm is zijn pak soms wel. Verwijlen herinnert zich een wedstrijd in Venezuela in een zaal zonder airconditioning waar het aanvoelde alsof het 42 graden was. ‘Als je je schoenen strikt druppelde het zweet al van je neus. Het materiaal wordt gelukkig wel steeds lichter en meer ademend. Het pak gooi ik na elke training of wedstrijd in de was. Ik heb er een stuk of vijftien. Het masker doe ik af en toe in de vaatwasser.’

Verwijlen was zich aan het voorbereiden op zijn vierde Olympische Spelen. Hij had zich bijna gekwalificeerd toen ook zijn sport tot stilstand kwam. Hij was er een paar dagen flink ziek van toen hij hoorde dat Tokio 2020 een jaar werd opgeschoven.

‘Ik zit in hetzelfde schuitje als Epke Zonderland en Henk Grol. Ik ben 36 jaar en niet de jongste meer. Als je 18 of 19 bent, is een jaartje extra niet erg. Ik heb nu een gezin. Met de gezinsplanning, sponsorcontracten en mijn werk kon ik het allemaal net combineren. Mijn vrouw is bijna uitgerekend van de tweede. Ik keek echt uit naar een periode van meer rust in mijn leven.’

Toch denkt Verwijlen er niet over om eerder dan gepland te stoppen. ‘Ik ben teruggegaan naar de tekentafel en heb een nieuw plan gemaakt. Al word ik niet echt vrolijk van de verhalen dat het doorgaan van de Spelen volgend jaar in Tokio ook twijfelachtig is.’

Savine Wielenga (ijshockey): ‘De fishbowlhelm is de beste optie tegen spuugdeeltjes’

De verschillen tussen de helm die in het mannen- en vrouwenijshockey wordt gedragen, heeft Savine Wielenga nooit begrepen. Mannen dragen een helm zonder protectie voor hun neus of mond. Vrouwen spelen met een helm met een compleet traliewerk over het gezicht.

Savine WielengaBeeld Klaas Jan van der Weij

Vreemd, vindt de 31-jarige aanvoerster van het Nederlandse ijshockeyteam. ‘Wij vrouwen moeten blijkbaar mooi blijven. Ik vind het niet zielig als er weer wat tanden over het ijs vliegen als mannen een puck in hun gezicht krijgen. Het is een keuze. Vaak dragen ze pas zo’n vrouwenhelm als ze hun kaak een keer hebben gebroken of hun wenkbrauw flink open hebben gehaald. Die zetten ze dan een paar weken op als het moet genezen. Daarna gaan ze weer terug naar de oude helm.’

Wielenga denkt dat er vanwege corona mogelijk meer hoofdbescherming komt, al is het dan niet om een puck af te stoten maar om virusdeeltjes tegen te houden. ‘Er is een ander type helm, de fishbowl, waarbij je gezicht in een soort vissenkom zit met een rooster waar je door ademt aan de onderkant. Dat lijkt mij voor ons de beste optie. Misschien houdt dat wat spuugdeeltjes tegen.

‘Mogelijk kun je het uitbreiden met een mondkapje onder de kooi, want dat is niet afgeschermd. Het zal wennen zijn, net als voor mensen die ineens met mondkapje moeten sporten terwijl ze dat niet gewend zijn.’

Zelf speelt Wielenga sinds haar jeugd met de meest gangbare helm, die met een rekje voor het gezicht tot aan haar kin. De vissenkomhelm geeft meer zicht omdat je geen kooi voor de ogen hebt. ‘Misschien zie je net wat beter als de puck kort door dat lijntje gaat. Maar er zitten ook nadelen aan. Het glas beslaat soms als je van de warme kleedkamer naar de koude hal gaat.’

Verder hoeft ijshockey niet veel aan te passen om aan de coronamaatregelen te voldoen. Het schudden van handen werd sinds de uitbraak van het virus al niet meer gedaan. ‘IJshockey is een contactsport, maar je kunt het niet vergelijken met judo of boksen. Je hebt zoveel lagen aan. Onder je pak zit nog een onderlaag met korte of lange mouwen. Alles wordt na de wedstrijd gewassen en de grote beschermonderdelen hang je gewoon uit.’

Wielenga maakte vorig seizoen de overstap naar Zweden, de beste ijshockeycompetitie van Europa. Vorig jaar speelde ze met Nederland een uitstekend WK. Ze werd topscorer in de op twee na hoogste landendivisie. Nederland promoveerde door de titel naar de op één na hoogste liga.

Dinet Oosting (softbal): ‘Als je kriebel aan je neus hebt, kom je er bijna niet bij’

Als catcher van het Nederlands softbalteam draagt Dinet Oosting (29) vaak een helm met masker. ‘Je gezicht is op die manier beschermd voor ballen, van voorhoofd tot kin. Je draagt het voor de veiligheid als de bal niet goed geraakt wordt door de slagvrouw en van richting verandert.’

Dinet OostingBeeld Klaas Jan van der Weij

Oosting heeft het er met haar teamgenoten vaak over hoe haar sport weer op een veilige manier gespeeld kan worden. Er wordt nu in kleine groepjes met voldoende afstand getraind. ‘De scheidsrechter, catcher en slagman komen dicht bij elkaar. Zij dragen een helm met raster aan de voorkant en moeten misschien een mondkapje op, want het masker dat ze dragen is open en daarom niet coronaproof. Het enige wat wel helpt is dat je niet zo makkelijk bij je gezicht komt dus je raakt je gezicht minder vaak aan. Als je kriebel aan je neus hebt, kom je er bijna niet bij.’

Oosting denkt dat haar sport veiliger gemaakt kan worden als spelers met mondkapjes spelen of als er plastic over haar masker getrokken wordt. ‘Je zou de helm die ik nu draag misschien ook kunnen uitbreiden met een stuk plastic, maar ik ben wel benieuwd of ik dan genoeg zuurstof krijg. Een mondkapje past in principe wel tussen de helm die ik draag, er is voldoende ruimte over. Maar hoe voelt dat als je hoog in je adem zit? Is dat nog prettig om mee te sporten? Ik heb dat nog nooit geprobeerd.’

Een ander nadeel is dat Oosting als catcher verstaanbaar moet zijn. ‘Ik roep veel naar het veld omdat ik het overzicht heb en het lijkt mij moeilijk om verstaanbaar te blijven als ik een mondkapje op heb.’

De softbalster kan zich voorstellen dat het voor sporters die daar niet aan gewend zijn, moeilijk is om plotseling iets voor je gezicht te dragen als je daar niet aan gewend bent. Zelf heeft ze bij de start van het seizoen altijd last van haar nek omdat ze moet wennen om een helm op te hebben. ‘Na de winterperiode voelt de helm altijd wat zwaarder op mijn hoofd. De nekspieren moeten er even aan wennen. Dat gebeurt vanzelf en dan voelt het als een tweede huid. Je merkt het niet meer.’

Oosting weet op dit moment niet waar ze voor traint. Alle toernooien zijn dit jaar afgelast. Tokio had ze al uit haar hoofd gezet omdat de Nederlandse softbalsters zich niet voor de Spelen hadden geplaatst. Op de Spelen in Parijs in 2024 staat softbal niet op de kalender. Oosting hoopt dat er in 2028 weer een kans is dat haar sport op het olympisch programma staat. ‘Dan zijn de Spelen in Los Angeles en in Amerika is soft- en honkbal natuurlijk een grote sport.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden