Beschouwing Schaatsen

Met de NK afstanden begint het schaatsseizoen pas echt

Komend weekeinde vinden de NK afstanden plaats. Naast de titels zijn startbewijzen voor belangrijke toernooien in de rest van het seizoen te verdienen. Favorieten en outsiders nader belicht.

Melissa Wijfje Beeld Getty Images

Kan er iemand de schaatsers van Jac Orie echt partij geven? Dat is de vraag bij de NK afstanden, die vanaf vrijdag drie dagen lang betwist worden in Thialf. Behalve voor de nationale afstandstitels zijn er ook startbewijzen voor de WK afstanden en het EK sprint en allround te verdienen. Afgaand op het eerste deel van de schaatswinter zullen het vooral de pupillen van de Haagse coach zijn die de tickets op gaan eisen.

Met de NK afstanden begint het schaatsseizoen pas echt. De wereldbekerwedstrijden van de afgelopen anderhalve maand waren slechts inleidende beschietingen. De grote toernooien moeten nog komen en de afstandskampioenschappen vormen de poort naar de WK afstanden, begin februari in Inzell. Drie per afstand, met uitzondering van de 5 kilometer bij de vrouwen en de 10 kilometer bij de mannen. Daar zijn, analoog aan de Olympische Spelen, slechts twee startplekken beschikbaar.

Daarnaast vormen de nationale kampioenschappen in Heerenveen ook de selectie voor de EK sprint en allround, die begin januari in Collalbo worden verreden. Kortom, wie in de dagen tussen Kerstmis en Oud en Nieuw de boot mist, heeft nog maar weinig om naar uit te zien de rest van de winter.

Keurkorps Orie

Het eerste deel van dit schaatsseizoen werd vanuit Nederlands perspectief gedomineerd door de pupillen van coach Jac Orie. Zij verdienden bij het wereldbekerkwalificatietoernooi begin november de helft van alle wereldbekertickets en hun dominantie werd opnieuw pijnlijk duidelijk toen de Jumbo-ploeg enkele weken later de wereldbekerwedstrijden in Tomaszow Mazowiecki oversloeg om een trainingskamp af te werken in het Noord-Italiaanse Collalbo. Zonder het keurkorps van Orie kwam de nationale ploeg in Polen met vier podiumplaatsen flets voor de dag.

Orie was vorig seizoen veruit de succesvolste schaatscoach op de Winterspelen in Zuid-Korea. Hij begeleidde Kjeld Nuis naar twee olympische titels op de 1.000 en 1.500 meter, zag Sven Kramer voor de derde keer op rij olympisch kampioen op de 5 kilometer worden en was even verrast als Carlijn Achtereekte zelf dat zij de overwinning op de 3 kilometer pakte.

Tweevoudig olympisch kampioen Nuis (29) zette dit seizoen die heerschappij door op de kilometer en de schaatsmijl. De enige Nederlander die hem op zijn eigen terrein klop wist te geven, was zijn nieuwe ploeggenoot Thomas Krol, toen die bij de wereldbeker in Thialf de 1.500 meter won.

Bij die wedstrijden liet de 32-jarige Sven Kramer zien dat hij zijn rugklachten van eerder dit schaatsseizoen weer onder de duim heeft, in ieder geval tijdelijk. Hij reed op de 5 kilometer niet naar de zege, maar wel naar 6.10,61, een tijd die hij niet vaak op de Friese ijsbaan gereden heeft.

De belangrijkste nieuwe ster van Orie is Patrick Roest (23), de jonge rijder die vorig seizoen met een gelukje (de val van de Noor Sverre Lunde Pedersen) wereldkampioen allround werd. Hij is deze winter doorgegroeid tot een echte winnaar, die op de 1.500 meter en de 5 en 10 kilometer de beste kan zijn. Samen met Kramer en Nuis vormt Roest het trio dat het gros van de WK-tickets zal opeisen.

De enige mannen die dit seizoen al bewezen hebben zich tussen of voorbij de rijders van Orie te kunnen wringen zijn Kai Verbij (24) op de 500 en 1.000 meter, Dai Dai Ntab (24) op de 500 meter en Jorrit Bergsma (32) op de stayersafstanden. Het is maar zeer de vraag of daar nog veel anderen bij kunnen komen.

Marcel Bosker Beeld Getty Images

Open vrouwenstrijd

Bij de vrouwen ligt de strijd meer open. Antoinette de Jong, sinds dit voorjaar in de ploeg van Orie, is het seizoen goed begonnen. Maar de 23-jarige Friezin heeft haar oud-ploeggenoot en rivale Ireen Wüst nog niet af weten te schudden. De Brabantse leek aanvankelijk met haar 32 jaar een prooi voor de jeugd te worden, maar in de wereldbekercyclus liet ze met twee overwinningen zien dat ze nog niet versleten is.

De Jong heeft daarnaast ook nog af te rekenen met haar ploeggenote Carlijn Achtereekte. De 28-jarige olympisch kampioene kende, zoals wel vaker in haar loopbaan, een seizoen met een valse start. Ze kampte eind oktober en begin november met darmklachten en miste daardoor de eerste wereldbekerwedstrijden, waar concurrentes als De Jong maar ook Esmee Visser (olympisch kampioene op de 5 kilometer) aan hun vorm bouwden. Achtereekte was veroordeeld tot de Nederlandse polder om haar lichaam weer op de rails te krijgen bij nationale races in Alkmaar en Haarlem.

Op de 500 meter bij de vrouwen heeft Orie geen ijzers in het vuur. Op die kortste afstand is eenoog koning, want de Nederlandse vrouwen tellen al een tijd internationaal niet meer mee in het sprinten. Met de pas 19-jarige Jutta Leerdam gloort er hoop. Zij is de favoriet voor de sprintafstanden.

Marcel Bosker

Hij won in een uitgekleed deelnemersveld bij de wereldbekerwedstrijd in Polen de 10 kilometer, maar bij de NK moet Marcel Bosker niet tot de favorieten op die langste afstand worden gerekend. Daarvoor is de 21-jarige ploeggenoot van Ireen Wüst veel te veel een allrounder.

Bosker werd in Zwitserland geboren als zoon van twee Nederlandse schaatsers. Hij leerde langebaanschaatsen op de ijsbaan in Zürich waar een handjevol andere kinderen gek genoeg was om op een rijtje aan elkaar geschakelde ijshockeybanen ook de klapschaatsen aan te trekken.

Voor de sport verhuisde hij als puber naar Nederland en ontwikkelde zich in Heerenveen tot een talent op de 1.500 en 5.000 meter. Dat zijn de afstanden waar de zelfverzekerde Bosker zichzelf kansen toedicht tijdens de NK afstanden. Het moet hem dan wel mee zitten, want op beide afstanden is de concurrentie groot.

Melissa Wijfje

Antoinette de Jong wist niet hoe snel ze bij Ireen Wüst vandaan moest komen toen het olympisch seizoen erop zat. De Friezin was niet de enige. Ook Melissa Wijfje wilde niet langer in het spoor van de succesvolste Nederlandse olympiër blijven steken. Daar waar De Jong naar de meest prominente commerciële ploeg kon, lag die kans er voor Wijfje niet. Zij deed een stapje terug naar de Friese gewestelijke selectie.

Het bleek sportief een sprong vooruit, want de 23-jarige maakte in de eerste weken van het seizoen een sterke indruk. Ze plaatste zich begin november voor de wereldbekerwedstrijden op de 1.500, 3.000 en 5.000 meter.

Heel stilletjes heeft Wijfje een plekje ingenomen achter blikvangers als Wüst en De Jong en het is niet ondenkbaar dat ze er komend weekend voorbij zal glijden.

Suzanne Schulting Beeld OrangePictures

Suzanne Schulting

Omdat er geen shorttrackwedstrijden zijn en ze ook graag op klapschaatsen laat zien hoe sterk ze is, staat shorttrackster Suzanne Schulting (21) ook aan de start van de NK.

Het is niet eerste keer dat de olympische shorttrackkampioene op de 1.000 meter zich op de 400-meterbaan laat zien. In haar juniorenjaren gold ze ook op die discipline als een talent. Vorige winter had ze zich ook vol bravoure gemeld bij het olympisch kwalificatietoernooi, maar werd door de echte langebaanschaatsers overtuigend afgetroefd.

Ze is dit seizoen wat bescheidener, maar als ze haar dag heeft, dan kan de vrouw die deze winter al vier keer een shorttrackwereldbekerwedstrijd won, dicht in de buurt van de zege komen. De kans is klein dat ze startbewijzen voor EK of WK verzilvert. De langebaankalender en de shorttrackkalender botsen daarvoor te veel en ze geeft voorrang aan het shorttrack.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden