Meesterknecht van Ferguson

René Meulensteen (45) is veldtrainer van Manchester United, woensdag opponent van Barcelona in de finale van de Champions League. ‘Elke dag willen winnen, is een levenswijze.’..

Aan het einde van de landweg, voor de tweede slagboom, parkeert de taxi met verslaggevers op bevel van de bewaking even rechts van het pad. Weg vrijhouden. In gezwinde spoed verlaat een Bentley het trainingscomplex van Manchester United, Carrington, de oase van voetbal. De bestuurder heet Cristiano Ronaldo, ’s werelds beste voetballer over 2008 uit Portugal.

René Meulensteen ontvangt, ergens in april, voordat Porto en Arsenal zijn uitgeschakeld in de Champions League, doch dan al in de overtuiging dat Manchester United de finale zal bereiken, woensdag in Rome tegen Barcelona. Hij schenkt grote mokken koffie en praat met radde tong, gedrenkt in Brabants accent.

Soms wijst hij naar buiten. Kijk, daar is Wayne Rooney, die in zijn burgerkloffie een grap uithaalt met een bal. Als laatste vertrekt doelman Edwin van der Sar. De winter van diens loopbaan tracht de zomer nog te overtreffen.

Meulensteen is de meesterknecht van Sir Alex Ferguson, de legende die al 23 jaar de regie voert in het Theatre of Dreams, de bijnaam van stadion Old Trafford. Diens geheim? ‘Sir Alex geniet op exact dezelfde manier als vroeger. De intensiteit van zijn woede of vreugde is dezelfde als toen.’

Het is de kunst die instelling van eeuwig genot en voortdurende scherpte op puissant rijke, door menigeen aanbeden voetballers over te brengen, elke dag weer. Trainer Steve McClaren van FC Twente, een voormalige assistent van manager Ferguson, vertelde onlangs dat het bij de les houden van miljonairs het moeilijkst is van het trainersvak. In kleurrijk Engels zeggen ze weleens: don’t let the lunatics run the asylum. Laat de gekken nooit de baas worden in het gesticht.

Manchester United is in balans, geestelijk en qua talent. Mannen als Giggs, Ferdinand, Neville, Scholes en ook Van der Sar bepalen de sfeer en de stemming. Zij bieden anderen geen gelegenheid te verslappen. Meulensteen: ‘Ronaldo’s ego wordt gecontroleerd. Als hij te ver gaat, wordt hij afgeschoten door de manager of door de groep.’

Hoe kan het dat de in Nederland vrij onbekende Meulensteen veldheer van Carrington is? Het antwoord is simpel. Ferguson trok de adept van techniekgoeroe Wiel Coerver jaren geleden aan als individueel trainer. In die functie werkte hij met alle sterren, van Van Nistelrooij en Beckham tot Giggs en Ronaldo.

Gaandeweg steeg hij in de hiërarchie; van trainer van de reserveploeg tot Fergusons assistent bij het eerste elftal, dat een geweldig seizoen doormaakt: de wereldbeker voor clubs, de League Cup en het kampioenschap zijn alweer gewonnen, de finale van de Champions League is bereikt. ‘Ferguson weet wat hij aan mij heeft.’

Tot in de wedstrijdbespreking toe laat hij zijn invloed gelden. Eerst houdt Ferguson een vrij klassiek praatje van een minuut of drie. Dan is het de beurt aan assistent Meulensteen. ‘De tactische bespreking vond ik werkelijk. . . nou ja, die paste niet bij een club van het niveau Manchester United, met de mogelijkheden die je hier hebt. We zijn het stadium van alleen een praatje van de manager gepasseerd. De manager, de andere assistent Mick Phelan en ik, wij vormen een sterke driehoek.’

Hoe dat dan ging, voorheen? ‘Onze videoman bereidde een videootje voor. Iedereen kwam de kleedkamer in. Dat ding ging in de machine. Iedereen ging zitten, niemand zei wat. Je moest hopen dat de spelers er iets uit pikten. Dan gingen de lampen weer aan en kwam Ferguson met zijn praatje.

‘Ik zei tegen Phelan: Mick, nu wij zijn doorgeschoven, moeten we niet bang zijn ons stempel te drukken. Als we nu de kleedkamer inkomen, geeft de manager de opstelling. Vervolgens geef ik commentaar bij de beelden die we de spelers in ongeveer tien minuten laten zien.’

Meulensteen ratelt nu, over wat hij dan zoal te melden heeft. Voetbalspecialistentaal. ‘Aanvallend gevaar tegenstander, blablabla, met beelden. Dan even snel een powerpoint met verdedigende zaken. Mensen, hier gaat het om. Pats, taktaktaktak. Dan gaan we naar de keypoints, in aanvallende zin. Wat zetten wij daar tegenover? Waar kunnen we ze raken? Bambambambam.

‘Dan komen de beelden van aanvallende punten. Powerpoint. Dan flippen we heel even van powerpoint naar SportsCode, het systeem van videoanalyse. En dan eindigen we met standaardsituaties. Hoe nemen ze corners? Inswingers of outswingers? Vrij trappen van de zijkant? Dekken ze allebei de palen af?’ Met nadruk: ‘Hoe getalenteerd spelers ook zijn, af en toe moet je heel daadkrachtig informatie overbrengen. Zo gaan we het doen, tadada.’

Aan de top is het heerlijk werken, in serene rust. Carrington ligt in het midden van niets, spelers houden zich verre van de meeste journalisten. ‘Journalisten die in kranten als The Sun schrijven, voegen niets toe aan wat wij willen bereiken. Ze zoeken alleen controverse. Wij moeten de spelers ook inzicht geven hoe de media opereren. En Ferguson kunnen ze niet meer raken. Hij ziet sommige journalisten als kakkerlakken.

‘Hier heerst een winnaarsmentaliteit die door de jaren heen gestuurd is door de manager. Elke dag willen winnen, is een levenswijze. Dat is iets anders dan de situatie bij clubs die toewerken naar een eenmalige topprestatie. Bij United is het altijd presteren, herstellen, presteren. Dat was niet zo toen Ferguson kwam in 1986. Hij vertelt altijd dat hij toen een staf van acht mensen had. Nu heeft hij er meer dan Marks en Spencer.’

Bij het ontleden van Ferguson is Meulensteen tot een paar conclusies gekomen. ‘Hij heeft een enorme honger naar succes, nog steeds, dat zijn de kolen op het vuur. Hij wil per se Liverpool inhalen.’ Een paar weken na het gesprek evenaart United Liverpool door zijn achttiende titel te winnen. ‘En hij bezit de kwaliteit de juiste mensen om zich te verzamelen en op het juiste moment te verversen, zowel in de selectie als in zijn staf.’

Ferguson greep in het verleden nietsontziend in, zonder aanzien des persoons. Vedetten als Beckham, Van Nistelrooij, Keane en Stam moesten weg. ‘Wat Stam betreft heeft hij zijn fout toegegeven. Hij dacht: Stam is een verdediger, hij is net geblesseerd geweest en hij levert 25 miljoen op. Maar Jaap heeft het daarna fantastisch gedaan in Italië.’

Van Nistelrooij ontstak in woede toen hij tijdens de finale van de League Cup in 2006, na langdurig blessureleed, niet mocht invallen. De problemen zaten volgens Meulensteen dieper. ‘Ruud wilde op het hoogste niveau presteren, maar zover was het team niet. Ronaldo was nog helemaal met zichzelf bezig, hij was nul-komma-nul teamspeler. Ruud had geen tijd daarop te wachten. Begrijpelijk.

‘Ruud is een spits voor het strafschopgebied. Met Beckham wist hij dat de bal kwam en waar die kwam. Bij Ronaldo kwam hij steeds met zijn rug naar het doel te spelen. Hij kaartte dat aan bij de manager, maar hij zag niets gebeuren. Hij zag Ronaldo steeds dezelfde fouten maken en dat begon te irriteren.’ Met spijt: ‘Ruud verdiende het niet de club zo te verlaten, want hij had alle records aan diggelen geschoten.’

In de dagelijkse omgang beschouwt hij Ferguson als een warm mens. ‘Hij houdt van ouwehoeren en lachen. Er wordt een verkeerd beeld van hem geschetst, want als de wedstrijd begint, staan de camera’s 90 minuten op hem gericht. Als je dan één keer iets doet, is het op tv. Hij is hard maar fair. Zo geeft hij al jaren geen interviews aan de BBC, omdat de BBC weigert sorry te zeggen voor een beschuldiging jegens zijn zoon Jason, die voetbalmakelaar was.’

Meulensteen geniet intens van zijn verblijf in de driesterrenkeuken van het voetbal. Zijn kracht is dat hij zich verder ontwikkelde waar Coerver ophield. Hij analyseerde alle grote teams en grote voetballers tot in detail en vormde een soort röntgenfoto van het topvoetbal. Langs die meetlat van verschillende kwaliteiten kan hij iedere topvoetballer leggen.

Hij schrijft en tekent bijna onophoudelijk op steeds nieuwe papieren, om denkbeelden kracht bij te zetten of situaties te verduidelijken. ‘Soms heb je een speler die niet helemaal van wereldklasse is, maar één kwaliteit van een wereldklassespeler heeft. Beckham bijvoorbeeld, met zijn voorzet.’

Hij onderscheidt vier hoofdkwaliteiten in scholing: tactisch, technisch, mentaal, fysiek. Het gaat erom zo hoog mogelijk te scoren in alle facetten. Zo heeft Ronaldo veel moeten leren op tactisch en mentaal vlak.

‘Cristiano Ronaldo is heel zelfbewust, met één doel in zijn kop: de beste voetballer van de wereld worden. Dat is hij nu. Maar nu zijn er andere facetten waarin hij zich verder moet ontwikkelen. De grote uitdaging ligt nu in zijn ontwikkeling als mens. Omdat er zo veel om hem heen gebeurt, heeft dat invloed op zijn denken, en dat heeft weer invloed op zijn beslissingen. Vorig seizoen was hij exceptioneel goed. We wisten dat hij niet weer 40 doelpunten zou maken, maar belangrijk is dat hij leert dat hij te allen tijde een teamspeler blijft.’

Dat is een eeuwig gevecht met Ronaldo, die pas de laatste maand zijn buitengewone vorm van vorig seizoen benadert, mogelijk net op tijd om de beker te veroveren. Meulensteen sluit niet uit dat Ronaldo na het seizoen vertrekt naar Zuid-Europa, waar Real Madrid een bod voorbereidt.

Meulensteen ziet het als zijn taak spelers bewust te maken van hun kwaliteiten en ze te wijzen op mogelijke verbeteringen. ‘Als je spelers individueel op het veld hebt, zijn ze heel ontvankelijk. Wij nemen altijd aan dat ze alles al weten of hebben meegemaakt. Dat is absoluut niet zo. Juist als je aangeeft dat er ruimte is voor technische ontwikkeling, opent dat ogen. En je kijkt bij iedereen naar zijn positie. Ook de rechtsbacks Brown en Neville komen af en toe in een een-tegen-eensituatie. Dan zullen ze toch moeten kunnen wegdraaien, een voorzet moeten kunnen geven.

‘Met middenvelder Michael Carrick heb ik bijzonder veel gewerkt, ook met videobeelden. Hij is een speler van de pass, iemand die graag vanuit de achterhoede in balbezit komt. Maar ik vond hem vrij eendimensionaal. Langzaamaan zie je nu in de wedstrijd terug dat hij makkelijker naar de andere kant wegdraait en opent.’

Manchester United kan de eerste club worden die de zege in de Champions League prolongeert. Dat gegeven zadelt de spelers niet op met extra druk. ‘Rond wedstrijden hangt een goede, gezonde spanning, maar je kan merken dat ze alles hebben meegemaakt. Giggs, Scholes of Neville worden niet warm of koud van geschreeuw. Zij concentreren zich op voetbal. Relaxt, met muziek in de kleedkamer. Ze nemen zelf hun iPod mee. En als de muziek te modern wordt, is de manager weg. Dan roept hij: fuck, what is this?’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden