Column Peter Winnen

Mathieu van der Poel speelt meestal een gezelschapsspel op een dooie zondagnamiddag

De wereldbekerwedstrijd in Hoogerheide geldt traditiegetrouw als de generale repetitie voor de WK veldrijden. Komende zondag vinden die plaats in het Deense Bogense. Mathieu van der Poel won de generale. Na afloop verklapte hij dat het de zwaarst bevochten zege van het seizoen was. ‘Ik heb echt mijn best moeten doen.’ Het is nu verleidelijk te veronderstellen dat hij voor al die andere overwinningen niet echt zijn best heeft hoeven doen.

Veldrijden heet een kleine sport te zijn, maar in de ­uitvoering is ze groots. Zelfs als Mathieu van der Poel de ­indruk geeft niet echt zijn best te hoeven doen, doet hij het toch. Zoveel overschot heeft hij meestal dat het er alleen maar op lijkt dat hij een gezelschapsspel speelt op een dooie zondagnamiddag. Ik trap er ook vaak in.

De generale te Hoogerheide, dus. Half koers ligt hij pas derde, een trendbreuk. Mathieu van der Poel ligt halfkoers nooit derde maar eerste. Het moet hem mateloos geïrriteerd hebben, want hij begon zijn martelende best te doen. Rekening houdend met zijn intrinsieke aanleg moet hij dat beste uit een kolenmijn hebben opgegraven.

In mijn ochtendblad vond ik een fraaie geschiedschrijving. De verslaggever bevond zich in de materiaalpost op het moment dat Mathieu van der Poel nog derde lag: ­‘Vader Adrie, de Nederlandse bondscoach Gerben de Knegt en de broers Philip en Cristophe Roodhooft, managers van de Corendonploeg: iedereen is in zijn nopjes met dit wedstrijdverloop. Zo zien ze het graag.’

Christophe Roodhooft voegde er nog iets aan toe: ‘Weer met beide benen op de grond.’

Volgens mij staat Mathieu van der Poel altijd met beide benen op de grond. Had ik iets gemist? Vermoedelijk had dit alles te maken met de trauma’s van de begeleiders. ­Mathieu is al lang de beste van allemaal, alleen ontglipte de regenboogtrui hem telkens. Hun regenboogtrui.

Natuurlijk aast Mathieu op de regenboogtrui in ­Bogense, zoals hij aast op een olympische gouden plak in het mountainbiken in 2020 en ook nog eens aast op overwinningen in aansprekende wegwedstrijden.

Hij is net 24, het frivole lichaam kan nog heel wat aan. Maar de vierentwintiguurseconomie van elke discipline afzonderlijk zal op een bepaald moment om een keuze vragen. Mathieu snapt ook wel dat hij niet op de oude voet verder kan. Een multitalent zijn is leuk voor jezelf, maar het zijn anderen die naar je toekomst verlangen.

Hij zegt dat hij het wegwielrennen saai vindt. Een uur of vijf, zes over een stuur hangen om pas op het laatst aan de echte koers te beginnen, is dodelijk. En toch weet hij dat hij is voorbestemd om op zeker moment, in navolging van zijn vader, de Ronde van Vlaanderen te winnen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.