Martelaars, helden en soms martelaar én held

Het wielrennen is in een doodsstrijd gewikkeld om respect terug te winnen. De Tour was niet meeslepend, maar geen renner werd op dopegebruik betrapt en geen enkele hematocrietwaarde lag boven de 50....

ANDERE sporten zijn een wedstrijd. Wielrennen, zeker zo'n odyssee van drie weken door Frankrijk, is een verhaal. Andere sporten hebben winnaars en verliezers. Wielrennen kent in zijn geschiedenis slechts helden en martelaars.

De 86ste aflevering van de Tour de France is op een tijdrit en het afsluitende criterium op de Champs Elysées na gevild. Dat is een mooi moment om haar tweeslachtig verhaal te vertellen. Laten we daartoe bij het begin beginnen: Tour nummer 85. Na de Tour du Dopage van 1998 moest in '99 de renaissance volgen.

Is de Tour inderdaad wedergeboren? Tja.

Justitie en politie hebben zich buiten de Tour gehouden, in geen enkel hotel en in geen enkele ploegauto zijn verboden spullen aangetroffen, bij geen enkele bloedcontrole is een te hoge hematocrietwaarde vastgesteld, en bij geen enkele dopingcontrole is een renner positief bevonden en daarom uit de strijd genomen.

Maar dat wil niet zeggen dat de Tour de France alle nare herinneringen van zich heeft afgeschud. Dat mocht ook eigenlijk niet verwacht worden nadat de Tourleiding werd gedwongen Richard Virenque toe te laten. In zijn persoon reed de Tour du Dopage opvallend rond in de bolletjestrui.

Door zijn populariteit kon Virenque als thema niet in de vergetelheid worden gedrukt. Integendeel, organisatie en media werden door zijn succes in een lastig parket gebracht. Virenque is de enige Franse renner die deze Tour iets gepresteerd heeft en dat is op zich knap, gezien de voortdurende commotie rond zijn persoon.

Virenque was door zijn dubbelzinnige aanwezigheid held en martelaar tegelijk. Als verhalenverteller kun je je niet mooier wensen. Maar het is te gecompliceerd om een eenduidig verhaal te kunnen vertellen en in deze onoverzichtelijke tijden is dat wel gewenst.

Nee, dan Ludo Dierckxsens uit Kasterlee, België. Fabrieksarbeider geweest, op z'n 34ste in de Tour gedebuteerd. Werd na heilloze vluchtpogingen heilig verklaard met zijn ritzege in Saint-Etienne, maar vier dagen later als dopingzondaar in Saint-Gaudens onbarmhartig uit de Tour gegooid na een stom akkefietje met doping.

Ludo met het leeuwenhart, karakter en kop geboetseerd door Hugo Claus, is de martelaar van deze Tour. Hoe goede pogingen om schoon schip te maken toch ook weer deerniswekkende slachtoffers maakt.

Ludo was in de Ronde van Duitsland op z'n knie gevallen en liet zich een verboden middel inspuiten om een ontsteking te voorkomen. Geen haan had ernaar gekraaid als Ludo bij de dopingcontrole zijn mond had gehouden.

Het is, zeker in deze tijden, heel onverstandig geweest van Ludo, maar er hebben heus wel zwaardere zondaars in de Tour rondgereden en waarschijnlijk zijn er nu ook nog een stel onderweg naar Parijs. Maar Ludo's ploeg stond onder druk na geruchten van dopinggebruik in de Ronde van Zwitserland en Ludo werd als een abces onmiddellijk weggesneden.

Het is wrang, maar tegelijkertijd onvermijdelijk in een sport die in een doodsstrijd is gewikkeld om zijn respect terug te winnen. Gelukkig past het martelaarschap kale Ludo beter dan het heldendom en het gaat hem vast nog wel geld opleveren met reclamespots en publieke optredens.

Nee, veel erger is wat er de afgelopen weken gebeurde met Lance Armstrong uit Austin, Texas. Niet alleen de wielersport is verziekt, de journalistiek moet zich ook maar eens laten onderzoeken. Armstrong werd na zijn proloogzege onthaald als een uit de dood herrezen held, eindelijk weer een topsporter tegen wie kon worden opgekeken. John Irving had Armstrong bedacht kunnen hebben.

Maar gaandeweg rezen er twijfels over the comeback kid. Kon iemand die van zijn doodsbed was opgestaan wel weer topsporter worden? Op zich een terechte vraag, zeker in het wielrennen waarin topprestaties zo verdacht zijn geworden.

Alleen is de vraag nooit aan de orde gesteld, maar slechts tussen de regels door gesuggereerd. Op een persconferentie afgelopen maandag meende de openhartige Armstrong dat hij die nooit gestelde vraag toch moest beantwoorden.

Maar het antwoord liet, waarschijnlijk door de taalbarrière, toch weer ruimte voor nieuwe suggesties. Was er bij Armstrong toch niet een spoortje van corticoïden aangetroffen bij een van de controles? Had hij niet beweerd geen medicijnen meer te gebruiken na zijn genezing van kanker? Kwaliteitskranten verklaarden de gele-truidrager maar meteen positief.

De wielersport heeft het er met haar geschiedenis van duistere praktijken zelf naar gemaakt. Maar dat geldt niet voor de individuele wielrenner Lance Armstrong. Waarom is hem niet eerst om een reactie gevraagd? Als het antwoord (het vleugje corticoïden zou afkomstig zijn van een huidzalf) niet bevredigend was geweest, had niets een publicatie in de weg gestaan.

Dit is op z'n zachtst gezegd kwaadwillende journalistiek en op z'n hardst gezegd een poging tot karaktermoord.

Lance Armstrong heeft, zo lijkt het nu althans, accuraat op alle aantijgingen gereageerd. Hij is bovenal mentaal zo sterk geweest dat hij morgen, ondanks alles, in het geel gehuldigd zal worden in Parijs, Frankrijk.

De Tour de France 1999 zal niet in de herinnering voortleven als een meeslepende wedstrijd, maar heeft wel een onversneden wielerheld gecreëerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.