Marit Bouwmeester: 'Ik ben in grote wedstrijden nog nooit omgeslagen'

Zes vrouwelijke olympische sporters over hun eerste keer: de eerste overwinning, de eerste valpartij, de eerste dopingcontrole en de eerste nederlaag. Vandaag Marit Bouwmeester, zilver bij de Spelen in Londen, tweevoudig wereldkampioen.

Marit Bouwmeester in 1998.

Mijn eerste boot?

'De Optimist zoals je die op de foto ziet. Een echte jeugdboot in Nederland. Ik kon nog niet eens zwemmen toen ik in dat bootje stapte. Voor ik alleen kon varen, ging ik al mee met de boot van mijn opa. Dat was een zestienkwadraat (een ontwerp van de Fries Hendrik Bulthuis uit 1931, red.). We gingen altijd met de hele familie het water op.'

Mijn eerste wedstrijd?

'Bij KWV Frisia, mijn eerste watersportvereniging. Ik voer mijn eerste wedstrijd in 1994. Het was een combiwedstrijd van C, B en A op het Pikmeer bij Grouw. Ik was een C'tje maar schoof snel door naar de A's. Vroeger was ik bang op de startlijn. Ik lag nooit vooraan, altijd op de tweede lijn. Ik laat ze wel voor, dacht ik. Want straks haal ik ze toch in.'

Mijn eerste beker?

'Dat zal op de Sneekweek zijn geweest. Daar heb ik veel gewonnen. Ik werd Noord-Nederlands kampioen in de Optimist.'

Mijn eerste trainer?

'Karel Lantermans uit Grouw. Hij was de ideale man om de kneepjes van het vak over te brengen. Ik weet nog toen ik heel jong was, dat ik hem een oude man vond met die lange wenkbrauwen. Dat me dat een beetje afschrok.'

Mijn eerste nederlaag?

'Ach, houd op. Dat was bij een kwalificatie voor de WK onder 18 jaar. Als je tussen de 15 en 18 jaar bent, kun je daaraan meedoen. Eén boot per land. Ik was 16 toen ik me al eens had gekwalificeerd. Vervolgens was er een WK in Zuid-Korea. Ik duelleerde dat jaar met mijn één jaar oudere zus Anneke. Ik verloor door de Oostenrijkse puntentelling die de organisatie hanteerde. Anneke ging, ik bleef thuis. Raar misschien hoor, maar ik voelde me zo zuur. Zij had mijn plek afgepakt. Ik kan het gevoel nog oproepen.'

(Tekst gaat verder onder foto).

Marit Bouwmeester.Beeld anp

Mijn eerste zinkpartij?

'Nee, nooit gehad. Ik ben in grote wedstrijden nog nooit omgeslagen.'

Mijn eerste dopingcontrole?

'Thuis, samen met mijn zus. We waren talentvolle zeilsters, 17, 18 jaar oud. Het moest in een potje. Een heel gedoe door de toekijkende controleur. Deed je het nou voorlangs of achterlangs?'

Mijn eerste idool?

'Roger Federer, de tennisser. Zoals hij heerste en alles won, dat wilde ik ook. Maar als ik het op Nederland betrek, dan was het Rintje Ritsma, de schaatskampioen. We waren een Fries gezin. Dus de tv stond in de winter op schaatsen.'

Mijn eerste Spelen?

'Dat hadden die van Peking 2008 moeten zijn. Ik had een halve nominatie, zoals dat heet. Maar in vijf evenementen kon ik niet aan die volledige nominatie komen. Het scheelde één plaats. Dus werd het Londen 2012, de olympische regatta van Weymouth. Daar won ik zilver achter een Chinese zeilster.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden