Luc van Agt ziet over een paar jaar elke voetballer met een chip in zijn shirt

Het gaat niet goed met het voetbal in Nederland. De Volkskrant zoekt tot het WK voetbal in een wekelijkse serie naar een weg uit de misère. Het probleem van deze week: in alle opzichten moeten onze voetballers fitter worden. De oplossing: investeer in innovatie, zoals bij PSV op grote schaal gebeurt.

Inspanningsfysioloog Luc van Agt is coördinator van de performance-afdeling van PSV. Foto Guus Dubbeldam

Een chip kleiner dan een teennagel met daarin een sensor die onder andere kan meten hoe spieren, gewrichten en het stressniveau van de speler zich houden tijdens training of wedstrijd. Die ultralichte sensor, die in het shirt verborgen zit, moet die informatie ook nog in duidelijke taal direct naar de technische staf communiceren. 'Minuut 80. Speler X: spieren 60%, gewrichten 85%, stressniveau 30%. Advies: wisselen.'

Zo'n apparaatje is de inzet van de zogeheten performance-afdeling van PSV. 'Kan nog jaren duren. Maar als je niets probeert, gebeurt er nooit iets', stelt Luc van Agt, coördinator van genoemd departement.

Naamgever, oprichter en sponsor Philips, is in de kern een bedrijf van uitvinders. In die geest wil PSV zich blijven ontwikkelen. Innovatie is een pijler in het clubbeleid. Op velerlei terrein wordt gezocht naar verbetering: van geldstromen tot organisatiestructuren, van meetmethoden tot cognitieve trainingen.

Het werkgebied van Van Agt en zijn team richt zich op het beter maken van lichaam, geest en denkniveau van de voetballers, zowel de profs als de jeugd. Van Agt: 'Onze rol is ondersteunend, de coach beslist. Maar je kunt er niet omheen dat het vak van coach is veranderd. Wij moeten de taal van de coach verstaan en de coach die van de sportwetenschappers en de performance-analisten. In Phillip Cocu heeft PSV een hoofdcoach die daar zeer voor openstaat.'

PSV-trainer Philip Cocu Foto anp

Behoefte aan maatwerk

Almaar meer technologie is er voorhanden om te meten hoe het lichaam van een voetballer reageert op inspanningen. PSV zag er al in de laatste periode van Guus Hiddink (2002-2006) het nieuwe goud in. Van Agt: 'Daarvóór teerden coaches bij trainingen vooral op hun ervaring. Die is nog steeds belangrijk. Maar wat gebeurt er nou precies na een sprint met het lichaam van een speler? Alle spelers zijn bovendien anders. Dat vraagt om maatwerk.'

Met TNO is destijds al een trackingsysteem ontwikkeld, LPM, waarbij via transponders tijdens trainingen en wedstrijden data kunnen worden verzameld.

PSV heeft minder budget dan de grote Engelse clubs die beschikken over complete science departments en uitgebreide kracht- en conditieafdelingen, maar heeft wel het voordeel van de vele hightech-opleidingen en -bedrijven die Oost-Brabant herbergt. 'Maar dan moet je het als club ook willen. Je moet het implementeren in je beleid. Bij PSV is de vraag om de fitheid te verbeteren steeds groter geworden.'

Kennistoepassing en innovatie

Het was de reden dat Van Agt in 2014 terugkeerde bij de club na een uitstap naar InnosportLab, dat in bredere zin gespecialiseerd is in innovatie en kennistoepassing.

Ook de mentale staat van voetballers en het trainen van hun cognitieve vermogens zijn benoemd tot ontwikkelingsprioriteit. Voor dat laatste wordt onder meer getest met het programma Intelligym. Van Agt: 'Wij liepen met de vraag: hoe kunnen we de concentratie en focus laten toenemen? En hoe kunnen sommige gedachten juist onderdrukt worden?'

Intelligym, eerder gebruikt door ijshockeyers, lijkt op een computerspel, waarbij allerlei beslissingen moeten worden genomen, waardoor de snelheid van handelen wordt vergroot.

Van Agt: 'Groot voordeel: is de ene speler toe aan een hoger niveau dan de andere, dan kun je dat aanbieden.'

Jeugdspelers die goed presteerden met Intelligym bleken ook betere keuzes te maken op het veld. 'Je kunt niet direct een causaal verband leggen, maar de resultaten waren dermate hoopvol dat we naar een tweede proeffase zijn gegaan.'

Van Agt, voormalig atletiekcoach, wil er niet aan dat voetbal achterloopt op andere sporten wat innovatie en fitheid betreft. 'Voetbal is een ongelooflijk complexe sport. Ik heb er een hekel aan als gezegd wordt: 'die voetballers zijn lui, die trainen maar één keer per dag, kijk eens wat de schaatsers en wielrenners doen'. Het is onvergelijkbaar. Voetballers moeten negentig minuten lang allerlei beslissingen nemen onder hoge druk, en dan afwisselend sprinten, rennen, lopen, schieten en ook nog duels aangaan. En dat vaak twee keer per week.'

Hij vindt het ook te kort door de bocht om te zeggen: we moeten in Nederland harder en meer trainen, dan komt alles goed. 'Vergeet niet dat de eredivisie veruit de jongste competitie is. Oudere spelers kunnen meer hebben. Bij extreem rijke clubs zeggen ze bij een speler die minder presteert of geblesseerd raakt: jammer, hup, de volgende. Wij moeten en willen zuiniger zijn. Het is zoeken naar de balans. En voor iedere speler is die anders.'

Van Agt tijdens een training van het Nederlands elftal in 2010. Foto anp

Daarom is er gebouwd aan een speciale app waarop spelers kunnen invullen hoe ze geslapen hebben en hoe ze zich voelen. Op basis daarvan en eerdere trainingsarbeid wordt per speler een dagprogramma samengesteld.

Maar blikvanger is de participatie in eerder genoemde wondersensor, die vrijwel alles objectief kan meten. Nano4Sports heet dit onderzoeksproject. Van Agt: 'Er kan al veel gemeten worden met horloges, maar dat is niet fijn voor een voetballer. Die chip moet zo klein zijn dat je er geen last van hebt.'

PSV blijft speuren naar noviteiten. Er is een laboratoriumveld (fieldlab) op sportcomplex De Herdgang en er komen speciale trainings- en cognitieve ruimtes. Een en ander wordt begeleid en gemonitord door twintig specialisten, waaronder sportwetenschappers, fysieke trainers, mental coaches, life-stylecoaches, pedagogen en ict-specialisten. Van Agt: 'Tien jaar geleden waren we met 2,5 man.'

Naast samenwerkingen in de directe omgeving, worden er specialistische congressen afgelopen en halfjaarlijkse pitches gehouden waarbij eenieder zijn of haar innovatie kan demonstreren. Van Agt: 'Maar we willen geen proeftuin zijn. De absolute prioriteit ligt bij presteren van het eerste elftal en bij de ontwikkeling en prestaties van jeugdspelers.'

Of PSV, toch niet de rijkste club van het land en met een bescheiden talentenbron in de directe omgeving, vooral dankzij de innovatiedrang op weg is naar de derde landstitel in de laatste vier jaar, zal Van Agt niet beweren. 'Dat hangt van veel meer factoren af. Je speurt naar kleine winsten die samen hopelijk een grote worden. Zeker als je in de jeugdopleiding iets kan verbeteren kun je een grotere sprong maken. Bij het eerste is veel verloop.'

PSV lijkt op weg naar de derde landstitel in vier jaar. Foto anp

Bovendien: als je iets goeds ontdekt, neemt de concurrentie het snel over. 'Hindert niet. Uiteindelijk willen we het totale Nederlandse voetbal op een hoger niveau brengen. Van stevige concurrentie profiteert PSV uiteindelijk ook.'


Eerder in de serie over de problemen in het Nederlandse voetbal

Het profvoetbal maakt te weinig gebruik van de mogelijkheden die data-analyse biedt. De oplossing: Meet vaker en meer. Gebruik naast menselijke scouts ook uitvoerige statistieken.

Wat Nederlandse voetballers kunnen leren van Hans Hateboer, die FC Groningen verruilde voor het Italiaanse Atalanta Bergamo.

Dé oplossing voor de Nederlandse voetbalsores bestaat niet, maar minder pamperen van talent zou een stukje kunnen zijn in de legpuzzel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.