Profiel

Lindsey van Zundert is de eerste Nederlandse kunstrijdster in 45 jaar die naar Spelen mag

Kunstrijdster Lindsay van Zundert (16) heeft zich gekwalificeerd voor Beijing 2022. Opmerkelijk genoeg is ze de eerste Nederlandse schaatsster die zeker is van deelname aan de Winterspelen en ook de eerste kunstrijdster sinds Dianne de Leeuw in 1976.

Erik van Lakerveld
Lindsay van Zundert tijdens een toernooi in het kader van de Challenger Series in het Finse Espoo, begin oktober.  Beeld AP
Lindsay van Zundert tijdens een toernooi in het kader van de Challenger Series in het Finse Espoo, begin oktober.Beeld AP

In de Efteling stond Lindsay van Zundert als 6-jarig meisje voor het eerst op kunstrijschaatsen. De attracties konden haar niets schelen. Haar moeder wilde verder het pretpark in, zij wilde schaatsen. Ze kreeg een proefles als verjaardagscadeau toen ze 7 werd. Nu, tien jaar later, is ze de eerste sinds 1976 die Nederland mag vertegenwoordigen als kunstrijder op de Spelen.

De meeste wintersporters zijn nog volop bezig zijn om olympische startbewijzen te veroveren. De langebaanschaatsers kijken met vrees naar het olympisch kwalificatietoernooi eind december. Er zijn ook een aantal sporters die officieus verzekerd van deelname zijn en wachten tot alle theoretische mitsen en maren afgewikkeld zijn. Dat geldt voor monobobster Karlien Sleper, snowboardster Melissa Peperkamp en skiester Adriana Jelinkova.

Voor Lindsay van Zundert is het wachten voorbij. De 16-jarige kunstrijdster is de eerste Nederlandse sporter die er zeker weten bij is in Beijing. NOCNSF heeft haar kwalificatie officieel bekrachtigd. ‘Het is fijn dat ik nu zeker weet dat ik ga, want dan kan ik me nog beter voorbereiden. Ik vind het echt superleuk’, zei ze in reactie op het nieuws. Ze solliciteerde meteen naar een extraatje in de olympische equipe. ‘Het zou mooi zijn als ik de vlag mag dragen bij de openingsceremonie.’

Stormachtige opkomst

Vorige winter kwam Van Zundert razendsnel op, in haar eerste jaar bij de senioren. Na twee internationale zeges, in het Duitse Dortmund en het Sloveense Celje, mocht ze naar het WK in Stockholm. Daar verraste ze met de zestiende plek, de beste uitslag voor een Nederlandse sinds het brons van de Canadees-Nederlandse Dianne de Leeuw in 1976.

Het leverde Van Zundert een olympische nominatie op. NOCNSF besloot, ook met het oog op haar leeftijd, om de toegangseis voor de Spelen iets te versoepelen. Was het in de jaren voordien nodig om bij de twaalf besten op het WK te rijden, ditmaal legde de sportkoepel de grens bij de topzestien, precies genoeg dus voor Van Zundert.

In het kunstrijden is dat niet ongebruikelijk om al jong in de top mee te doen. Van Zunderts voorbeeld, de Russische Aljona Kostornaja, was 16 toen ze in 2020 Europees kampioen werd. Wat haar betreft doet leeftijd er niet toe. ‘Ben je beter, dan ben je beter’, zei ze eerder dit jaar. En volgens haar coach Jorik Hendrickx is haar leeftijd vooral een voordeel voor de toekomst. ‘Er is nog groeimarge.’

De Belgische Hendrickx nam zelf tweemaal deel aan de Winterspelen, in 2014 en 2018. Zijn zus Loena Hendrickx was er in 2018 ook bij en traint nu, samen met Van Zundert, voor Beijing. De Nederlandse kijkt op tegen haar 22-jarige trainingsgenoot, die vijfde werd op het WK. ‘Ze springt heel mooi. Ze is echt een plaatje als je daar naar kijkt. Alles is compleet bij haar, ook de uitstraling. Als ik met haar train denk ik: dat wil ik ook en dan trek ik me aan haar op.’

Concurrentie van Niki Wories

Helemaal zeker van de Spelen was Van Zundert na het WK niet. Ze was genomineerd, maar in theorie kon Niki Wories, zesvoudig nationaal kampioen, haar dit najaar op de route naar Beijing nog passeren. De 25-jarige Wories moest tweemaal 186 punten scoren om een skate-off af te dwingen. Dat puntentotaal was ontleend aan het WK van 2019 toen dat de grens voor de top-12 was.

Het was een nagenoeg onhaalbare eis: zelfs Van Zundert haalde het nog nooit. De 174.50 van het WK is haar puntenrecord. Wories kwam in haar carrière nooit verder dan 157,69 punten. Bij de NRW Trophy (begin november) en Warsaw Cup, vorige week, bleef ze meer dan 40 punten van de kwalificatiegrens verwijderd. Daarmee was Wories uitgespeeld.

In Beijing treedt Van Zundert, die afgelopen zomer haar mavo-diploma haalde, opnieuw in de voetsporen van De Leeuw. Zij was in 1976 de laatste Nederlandse kunstrijder die aan de Winterspelen deelnam. In Innsbruck veroverde ze zilver. Goud was er twaalf jaar eerder in dezelfde plaats voor Sjoukje Dijkstra. Voor Dijkstra was het al haar tweede olympische medaille. In 1960 kreeg ze in Squaw Valley zilver omgehangen.

Met drie medailles is de olympische score van Nederlandse kunstrijders opvallend hoog, vooral afgezet tegen het aantal deelnemers. Van Zundert is pas de vijfde die Nederland zal vertegenwoordigen. Van de vier die haar voorgingen haalden alleen Lidy Stoppelman (22ste in 1952) en Joan Haanappel (1956 en 1960) nooit het podium, al zat Haanappel er met de 5de plaats in Squaw Valley niet ver vandaan.

Van Zundert kent haar voorgangsters. Ze belt vaak met Haanappel, die met haar Stichting Kunstrijden Nederland de sport ondersteunt. Ook met Dijkstra, die zichzelf in de jonge kunstrijdster herkent, heeft ze veel contact, vertelde ze in oktober bij de NOS. ‘Joan en Sjoukje zijn een beetje familie van me.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden