Lieke Martens, bescheiden ster aan de Catalaanse voetbalhemel: 'Ik voel me een sterke vrouw'

Lieke Martens liep als meisje al in het shirt van Barcelona. Sinds dit seizoen draagt ze het blauw-rode tenue. Is de club voor vrouwen net zo'n droombestemming als voor de mannen? Ja, zegt de beste beste voetbalster van Europa en de wereld.

Lieke Martens in het shirt van Barcelona. Beeld Proshots

Maartje Bakker

Barcelona/Sant Joan Despi

Het werkt ontnuchterend. De terreinbewaker van het trainingscomplex kent Lieke Martens niet: ‘Enrique wie?’, vraagt hij.

Lieke Martens dus, de Nederlandse voetbalster bij Barcelona, tevens beste voetbalster van Europa en van de wereld. Martens (25) speelt voor dezelfde club als de onnavolgbare Leo Messi en de afmaker Luis Suárez, de club waar vroeger Johan Cruijff zijn talenten vertoonden, de club die zo vaak kampioen werd van de Spaanse liga. Hoger aan het voetbalfirmament kun je bijna niet stijgen.

Ook de vrouwen van Barcelona doen mee om de prijzen. Woensdag hopen ze revanche te nemen op Olympique Lyonnais, in de kwartfinale van de Champion’s League. In de Spaanse liga knokt Barcelona met Atlético de Madrid om de eerste plaats.

Hoe leeft Lieke Martens hier, waar speelt ze, waar traint ze? Is dit voor vrouwen net zo’n droombestemming als voor mannen? Na haar training schuift Martens aan voor een gesprek in het verder lege cafetaria van de Ciutat Esportiva Joan Gamper.

De Barça-speelster

‘Als klein meisje liep ik al in een shirt van Barcelona’, vertelt Martens. ‘Ik was fan van Ronaldinho, keek filmpjes van zijn trucjes en deed ze dan na op straat.’ Ze hoefde dus niet lang na te denken toen de Catalaanse ploeg interesse in haar toonde.

Aan de andere kant: Spanje staat op de wereldranglijst voor vrouwen veel lager dan Nederland. Het is Barcelona pas één keer gelukt door te dringen tot de halve finales van de Champions League – en dat was meteen de enige keer dat een Spaanse club daarin slaagde. Is dit voor de vrouwen wel net zo’n topclub als voor mannen?’Ja, dat denk ik wel’, zegt Lieke Martens. ‘Barcelona hoort zeker bij de top-10 van Europa. Ze hebben dit jaar heel veel geïnvesteerd en dat gaan ze volgend jaar weer doen. Ze willen aanhaken.’

De velden bevinden zich ver buiten het centrum van de stad, alsof ze niet het hart van de culturele beleving vormen. In de verte zijn de heuvels rond Barcelona te zien, dichterbij flats in fletse kleuren. Op een doordeweekse dag hoor je hier bouwplaatsgeluiden: hier verrijst het nieuwe Johan Cruijff-stadion, waar straks de vrouwen en het tweede mannenteam hun duels zullen spelen.

De mannen van het eerste team van Barcelona trainen op een hoger gelegen veld. Hun voetbalhemel is voor de rest van de wereld, en ook voor Martens, onbereikbaar.

Een buitenstaander ziet gewoon een sportcomplex, maar volgens Lieke Martens hebben de vrouwen van Barcelona het goed voor elkaar. ‘Ik heb wel bij clubs gespeeld waar je op een bijtrapveldje moest trainen. Je moest je kleren wassen. Zulke dingen. Het is heel erg professioneel hier.’

De wekker gaat bij Martens om half acht. Dan haalt ze teamgenote Toni Duggan op en rijden ze samen naar de club. Kwart voor negen moeten ze binnen zijn. ‘We vullen op een iPad in hoe we ons voelen, hoe we hebben geslapen. We ontbijten samen met het team. En dan om tien uur trainen, tot twaalf uur.’

Eens per week, op vrijdag, is de training open voor de pers. Er wordt gerekt en gestrekt, gesprint en gesprongen. Het valt op dat tijdens de uitleg van de oefeningen steeds een assistent naast Martens staat. ‘De eerste keren sloot ik achter in de rij aan, even kijken wat er gebeurde en dan ging ik het nadoen’, zegt ze naderhand. ‘Nu wordt het snel uitgelegd in het Engels.’

Ze doet haar best het Spaans onder de knie te krijgen. ‘Je wordt gedwongen hier Spaans te leren, want heel veel teamgenoten spreken bijna geen Engels. Maar dat is goed hè, ik ben altijd iemand die zich aanpast aan de cultuur.’

Het is soms lastig, erkent Mertens, dat ze de taal nog niet zo goed spreekt. Maar tijdens de wedstrijden is het geen barrière. ‘Voetbaltaal is altijd makkelijk.’

Achter het raam van de cafetaria verschijnt ineens het gezicht van Sandra Paños, een van de keepsters, die haar tong uitsteekt en gekke bekken trekt. ‘Gekke teamgenoten’, lacht Martens. ‘Kijk, dat vind ik leuk.’

De cultuur is in Spanje verschilt van die in Noord-Europa, merkt Martens, die hiervoor vier jaar in Zweden speelde. ‘Spanje is meer gericht op hiërarchie. In Zweden was het meer gelijk, alles door elkaar heen. Hier is de trainer echt bepalend. Dat geeft niks, want ik leer er veel van, en de trainer is hartstikke goed.’

Ook het voetballen is anders. ‘In Zweden is iedereen wat fysieker, wat krachtiger. Hier is iedereen heel technisch. Ze zijn veel beter in kleine ruimtes. Dat was ik niet gewend. In het begin kwam ik er niet zo snel uit als we een rondo deden.’ Martens traint veel op die ‘kleine ruimtes’. ‘Ik ben er echt al wel beter in geworden.’

Andere clubs proberen Barcelona ondertussen te slim af te zijn. Bij een wedstrijd in Madrid, deze winter, liet thuisclub Rayo de wedstrijd expres op een klein kunstgrasveld spelen. Lieke Martens stapte die dag chagrijnig het veld af. ‘Sorry, maar dit veld is echt te klein’, mopperde ze toen.

Als ze thuis spelen in de Ciutat Esportiva Joan Gamper, hebben ze een van gezondheid blakend grasveld tot hun beschikking. De toegang is gratis, om de belangstelling voor het vrouwenvoetbal aan te wakkeren. Bij de wedstrijd tegen Atlético verheugde de commentator zich over de grote belangstelling. ‘Er zijn 1.028 toeschouwers. Een heel goede opkomst van de Barça-aanhang!’

De toeschouwers nemen plaats op een betonnen tribune. En altijd zitten er Nederlanders tussen, merkt Martens. ‘Niet een handjevol, maar soms wel twintig of dertig. Dat is heel raar. Maar wel leuk.’

Beeld Getty

De grote naam

Er zijn mensen die vinden dat Lieke Martens hetzelfde rugnummer moet dragen als Leo Messi: 10. Twee topspelers van Barcelona met nog dezelfde initialen ook. Maar het werd nummer 22. ‘De speelsters die al langer bij de club zaten, mochten als eerste kiezen en 10 was al bezet’, vertelt Martens. ‘Ik heb alleen echt een supergevoel bij nummer 11, maar ook dat was al vergeven. Nummer 14 was eventueel nog beschikbaar, het shirt van Johan Cruijff. Maar er was al zoveel aandacht in de media toen ik naar Barcelona ging, dat ik dacht: nummer 14 maakt het alleen nog groter, laat ik maar nummer 22 nemen. Een prima nummer.’

Voelt ze zich al net zo’n grootheid als Messi? ‘Nee, tuurlijk niet. Ik denk dat niemand te vergelijken is met Messi.’ Martens vindt het fijn dat ze geen speciale behandeling krijgt, maar ‘één van de is in het team’. ‘Ik zou me heel ongemakkelijk voelen als ze me anders zouden behandelen dan de rest. Ik zou me geen houding weten te geven.’

Toch is het onmiskenbaar dat de buitenwacht Martens niet ziet als één van de elf. Onlangs nog speelde ze tegen Atlético de Madrid. Het tv-commentaar was veelzeggend. Tegen het einde stond het 1-1. ‘De Nederlandse voelt zich ongemakkelijk’, sprak de commentator. ‘Er worden van haar oplossingen verwacht.’ Geen naam klonk zo vaak door de Spaanse huiskamers die hadden ingeschakeld op de zender GOL als Lieke Martens.

‘Na het Europees kampioenschap wordt er ineens veel van me verwacht’, beaamt de aanvalster die tot nu toe acht doelpunten en vijf assists op haar neem heeft. ‘Ze verwachten dat je een wedstrijd beslist. Maar dat verwacht ik ook van mezelf.’ Ze zegt dat het haar ‘op zich wel oké’ af gaat om onder die druk te spelen.

Een ander effect van haar faam is dat tegenstanders meteen drie verdedigers tegenover haar zetten. ‘Ik speel heel graag één tegen één. Dat is een van mijn kwaliteiten. Maar ja, als ik er nu één voorbij ben, staat er vaak al een andere en vaak nog eentje. Dus dat is wel anders en lastig ook.’

Beeld Getty

De expat

En als ze niet voetbalt? Dan geeft Lieke Martens heel veel interviews, vooral het laatste jaar. ‘Ik was altijd blij als ik een middagje vrij had. Als ik me goed voel, wil ik wel eens de stad in. Ik ben een vrouw, ik houd natuurlijk van shoppen. Bij de Zara, & Other Stories vind ik leuk. Ik krijg ook heel veel bezoek. Dan gaan we samen uit eten, op een terras zitten.’ Haar tip? ‘Ik ben een sushifan. Ikibana vind ik heel lekker, daar ga ik graag naartoe.’

Aan de luxe Passeig de Gracia zal je Martens niet snel aantreffen. Voor haar geen leven met glitter en glamour, zoals sommige mannelijke voetbaliconen. ‘Mijn leven is gewoon heel rustig, normaal eigenlijk.’

Ze woont in de wijk Sant Gervasi, de wijk waar Johan Cruijff een villa had – maar daar is Martens zich niet eens van bewust. Het is een rijkere buurt, niet te ver van het centrum, maar ver genoeg om de toeristen op afstand te houden.

Ja, zegt Martens, af en toe voelt ze zich wel eenzaam. Het is uit met haar vriend, met wie ze na zeven jaar verkering in Barcelona ging samenwonen. Ze wil er verder niet veel over zeggen. Alleen dit: ‘Ik ben echt niet veranderd. Daar heeft het niet mee te maken.’ Ze is alleen wonen gewend. ‘Ik heb vier jaar alleen in Zweden gewoond. Het lukt me, ik red me. Ik heb het niet zo snel moeilijk. Ik voel me een sterke vrouw.’

Martens heeft heel veel contact met ‘thuis’, zegt ze. ‘Via Facetime. Met vrienden en familie. Ook al ben ik al bijna tien jaar weg van huis, ik wil wel weten wat er aan de andere kant gebeurt.’ Haar vriendinnen kent ze al sinds de brugklas. ‘We zijn met een groep van negen meiden. Ze hebben een totaal ander leven. De meesten houden van hockey. Maar elke keer als ik terugkom, is het hartstikke leuk. Het EK was niet alleen mijn EK, maar ook hun EK, want ze hebben het intens meebeleefd. Ze kwamen naar elke wedstrijd.’

Kan ze zich voorstellen dat ze hier in Barcelona blijft plakken, zoals Johan Cruijf bijvoorbeeld deed? ‘Nee. Voetbal is mijn leven. Daarom maak ik bewuste keuzes om een betere voetbalster te worden. Maar na mijn carrière ga ik lekker in Nederland wonen hoor. Honderd procent.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.