Interview Lidewij Welten en Eva de Goede

Lidewij Welten en Eva de Goede: ‘Eigenlijk zijn we door het hockey voor de rest van ons leven verpest’

Lidewij Welten (tweede van rechts) en Eva de Goede (rechts) tijdens de wedstrijd tegen Zuid-Korea. Beeld OrangePictures

Tien jaar na de gouden Spelen van Peking behoren Lidewij Welten en Eva de Goede bij het WK in Londen nog steeds tot de gangmakers van de vrouwenploeg. 

De tieners in de gouden hockeyploeg van Peking 2008 zijn tien jaar later bij het WK in Londen de vedetten die de onbevangenheid uit hun jeugd overdragen op de nieuwe generatie. ‘Ik werd uitgelachen toen ik zei dat ik veel rustiger ben geworden’, zegt aanvalster Lidewij Welten. En middenvelder Eva de Goede: ‘Alleen in het veld ben ik nog Takkie, het hondje van Jip en Janneke in de verhalen van Annie MG Schmidt, zoals ik al heel lang word genoemd.’

Het debuut

Eva de Goede (29) had zelfs nog geen minuut gespeeld in de hoofdklasse, toen ze in 2006 als 17-jarige mocht meedoen met de Nederlandse ploeg. ‘Ik was een verlegen klein meisje. Als ik foto’s zie uit die tijd, denk ik: wat een ielig ding. Ik was onbevangen en genoot van het moment. Met een houding van: ik zie wel wanneer het ophoudt. Ik werd door bondscoach Marc Lammers als verdedigster ingezet, op de Spelen van 2008 begon ik als rechtsbuiten en eindigde als rechtsback.’

Lidewij Welten (28) werd als 18-jarige debutant meteen olympisch kampioen in Beijing. De creatieve aanvalster dartelde over het veld als een routinier, alsof ze er al jaren stond. ‘Het was mijn jeugdige naïviteit. Alles was leuk en te gek, nu weet ik wel beter. Die onbevangenheid was mijn kracht. Ik weet nog dat andere meiden zenuwachtig waren voor de halve finales van de Spelen. Sommigen huilden, omdat ze zoveel druk voelden. Eva en ik keken elkaar aan en dachten: het zal wel.’

De Goede: ‘Pas veel later begrepen we waarom aanvoerder Minke Booij zo gespannen en gedreven was, de verantwoordelijkheid was ook een last voor de ervaren speelsters.’

Welten: ‘Eva en ik hadden allebei spierpijn, omdat we de eerste dag in het olympisch dorp los waren gegaan in de gamehal. Waren we aan het basketballen en drummen, we moesten tegen Zuid-Afrika spelen en hadden pijn in onze armen. We besloten niks te zeggen en speelden alsof er niks aan de hand was.’

De Goede: ‘We hadden niet door wat de Spelen inhielden. Ik heb die eerste Spelen in een waas beleefd. Beijing is ons overkomen, pas vier jaar later in Londen hebben we de impact van de Spelen daadwerkelijk meegekregen. We waren puppy’s en mochten dat ook zijn.’

Welten: ‘Sta je als tiener in Beijing met een gouden medaille om je nek, word je ook nog geknuffeld door Willem-Alexander, die toen nog kroonprins was. Mijn ouders hebben uit die periode nog msn-gesprekken bewaard, want je had geen Skype en Whatsapp. Ik klonk bijna nonchalant. Ja, we hebben tennisser Rafael Nadal nog gezien in het olympisch dorp. Leuk. Alsof we in een film zaten.

‘Het was de verdienste van de oudere speelsters dat ze ons de ruimte gaven om lekker te hockeyen. Wij hoefden ons nergens zorgen om te maken, dat deden zij wel. Ik wil dat de jonge meiden uit deze ploeg hetzelfde ervaren als wij in 2008.’

Van Londen naar Den Haag

Tijdens het WK in Lee Valley Hockey Stadium wandelen Welten en De Goede bijna dagelijks langs het voormalig olympische dorp. De Spelen van 2012 zijn tastbaar. De thriller in de halve finales tegen Nieuw-Zeeland die pas na shoot-outs werd beslist, de bevrijdende zege in de finale tegen aartsrivaal Argentinië. Welten: ‘Ik krijg meteen kippenvel als je erover begint.’

De Goede: ‘Die shoot-outs tegen Nieuw-Zeeland, ik word weer bijna misselijk als ik eraan denk. Ik scoorde, maar ik stond te trillen als een rietje. De beruchte trainingsstage in 2012 in Alicante was een begrip geworden, we hadden in het veld één woord nodig om elkaar op te jagen. Alicante, waar we door mariniers werden gedrild. Dieper dan op die berg in onze soldatenpakjes konden we niet gaan. Het heeft ons echt verenigd.’

Welten: ‘Alicante heeft ons een ander imago gegeven. We waren niet meer de meisjes die gezellig een bak koffie dronken en af en toe een beker wonnen. Nu zagen mensen hoe zwaar het was, hoe we werden afgebeuld om een onverzettelijk team te smeden voor de Spelen. Niemand besefte wat Alicante met ons heeft gedaan.’

En lachend: ‘Het begon nog solistisch, ik denk even aan de plasmomenten. Takkie plaste over haar overal.’ De Goede: ‘Ik kreeg mijn pak niet uit, was niet prettig want ik moest er nog drie dagen in lopen.’ Welten: ‘We eindigden als team, boven op die berg.’

De Goede: ‘De jonkies hebben nu geen idee wat Alicante betekent.’ Welten: ‘Al denken we wel eens: stuur ze maar eens naar het leger.’ De Goede: ‘Zoiets werkt één keer, voor het WK in 2014 weigerden we om nog eens door die gasten te laten afbeulen.’

Welten: ‘Toen was het overheersende idee: we zijn geen robots of majorettes die blind doen wat jullie zeggen. We weten nu wat goed voor ons is en wat niet.’

Met slechts één doelpunt tegen werd Nederland in Den Haag wereldkampioen, het team kende de perfecte balans. Welten: ‘Ik voelde me zo onoverwinnelijk bij dat WK.’ De Goede: ‘We liepen het veld op in het ADO-stadion en zagen die oranje zee van supporters. Ik dacht: niemand verslaat ons hier. Dat gevoel had coach Max Caldas ook benadrukt door ons een nacht te laten kamperen in het stadion. Het was ons huis, wij hadden de sleutels.’

De tol van de topsport

Vanwege haar explosieve spel worstelde Welten geregeld met blessures. De Goede liep al voor de Spelen van Rio in 2016 op haar tandvlees, fysiek en mentaal gesloopt na tien jaar topsport. Welten: ‘Een gebroken vinger voelt niet als falen van mijn lichaam, dat is pure pech. Ik heb veel peesblessures, puur door overbelasting.

‘Maar ik voel me niet de Arjan Robben van het hockey, ik heb nooit grote toernooien gemist. Ik ben niet het meisje van glas. Ook dit seizoen heb ik lang moeten revalideren na een achillespeesblessure. Toch valt de schade mee voor iemand die constant het uiterste van haar lichaam vraagt.’

De Goede: ‘Ik heb na 2014 lang gesukkeld met een liesblessure, ik heb mezelf moeten forceren om in 2016 de Spelen van Rio te halen. Het is een worsteling geweest. Ik zat er ook mentaal doorheen, eigenlijk kampte ik al met een burn-out. Ik was mezelf kwijt.

‘Na de Spelen heb ik een jaar bij mijn vriend in Zuid-Afrika gewoond, voor mij was die sabbatical noodzakelijk om nieuwe energie te vinden. Ik moest weg van het hockey. Ik zag ook de keerzijde van topsport. Toch gunde ik mezelf een ander afscheid. Dit seizoen kreeg ik last van mijn rug. Maar ik voel me goed en wil dolgraag nog een keer wereldkampioen worden.’

Zwart gat of?

Welten: ‘Ik ga zeker door tot de Spelen van Tokio in 2020, een vierde medaille op mijn vierde Spelen zou bijzonder zijn. Ik heb totaal niet aan stoppen gedacht.’

De Goede: ‘Ik weet nog niet of ik doorga. Ik vind hockey weer leuk. Dat gevoel heb ik een tijdje gemist. Er zijn ook momenten waarop ik denk: het is goed geweest na dit WK. Hockey is mijn leven, ik kon er niets anders bijdoen. Ik heb twaalf jaar lang mijn dromen kunnen realiseren, nu is het de beurt aan mijn vriend.’

Welten: ‘Eva en ik zeggen wel eens gekscherend tegen elkaar: eigenlijk zijn we verpest voor de rest van ons leven. Mooier dan een WK spelen of een olympische finale wordt het niet. Het zal niet meevallen om na het hockey iets te vinden, waarin we dezelfde passie kunnen leggen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.