Koers moet hoop op medaille opschorten

Marko Koers overweegt om enige tijd in Kenya te gaan wonen. Een tweede Wilson Kipketer zal hij nooit worden, maar de Molenhoeker heeft absoluut het benul dat zonder wagen winnen niet mogelijk is....

Van onze verslaggever

Hans van Wissen

ATHENE

Toch was het de ideale race voor Koers om zichzelf te verbeteren en om zich van zijn voortvarendste kant te laten zien. Trainer Theo Joosten sprak het later stellig tegen, maar Koers leek gewoon te weinig alert van start te gaan. Hij moest tussen de 100 en 200 daardoor zo veel energie stoppen in het vinden van de aansluiting dat de eindspurt, die hem nog twee plaatsen deed opschuiven, ontoereikend was.

Joosten zei deze week over de 'vroegere' Marko Koers dat hij wel eens te aardig was. Dat is inderdaad het manco niet meer. Koers is hard genoeg, maar gisteren verwachtte hij wellicht te veel van zichzelf. In de startblokken stond hij er niet zozeer angstig als wel overgeconcentreerd bij. Ook die indruk werd trouwens weersproken: 'Ik was juist heel ontspannen. Ik wilde me bewust zijn van elke beweging.'

Bij het ineenschuiven van het veld lag hij op de laatste plaats en tot 600 meter zat er geen verbetering in die positie. Wilson Kipketer, de tot Deen genaturaliseerde Kenyaan, had 'geopend' zoals Koers hoopte en zoals één van de met Joosten doorgesproken scenario's eruit zag: onverbiddelijk hard. In dat opzicht was het een kopie van de WK indoor van Parijs waar Koers té veel gewaagd had en roekeloos het spoor van het dunbenige fenomeen had gevolgd.

Het was dus verstandig nu een enigszins afwachtende houding aan te nemen maar Koers was eenvoudig niet alert genoeg. Wat voor overgeconcentreerdheid aangezien kon worden, was misschien overbewustheid. Koers zelf: 'Ik wilde de race op me af laten komen. Het was mijn keuze om achter aan te sluiten. Ik had natuurlijk ook de grote gok kunnen nemen, maar dan draai ik mezelf de grond in.'

Heel reëel was het dat Koers een 'opening' van 49,68 op de 400 meter nog te hoog gegrepen noemde. De basissnelheid is één van de facetten waaraan door hem en Joosten nog het nodige werk verricht moet worden. Maar misschien mag Koers ook wel wat agressiever dúrven zijn en misschien is trainer Joosten zelf wel te aardig in zijn instructies. Joosten had overigens op niet meer dan een vijfde plaats gerekend en dat was conform de mogelijkheden die Koers in Athene toonde. Met zijn zesde plaats stelde hij dus nauwelijks teleur.

Voor het eerst moest hij in een toernooi vier maal achtereen de 800 lopen. In Atlanta, waar hij zevende werd op de 1500 meter, werd het 800-metertoernooi nog in drie fases afgewerkt. Ofschoon zijn 1500 meter-achtergrond een voordeel kon zijn, was het afwachten hoe ook de concurrentie op die heringevoerde vermeerdering zou reageren. Dat de co-wereldrecordhouder Kipketer zou zegevieren, stond vast, maar achter de zwarte Deen deden zich de vreemdste dingen voor.

Kipketer liep de eerste 200 meter in 23,47 en leek zowaar het wereldrecord van Sebastan Coe en zichzelf (1.41,73) te willen verbeteren. De algemene verwachting was dat hij zo'n aanval bij voorkeur volgende week woensdag in Zürich zou inzetten, omdat daar nog een hogere premie dan 100.000 dollar ligt te wachten. Op 400 meter liet Kipketer inderdaad de teugels vieren, zo royaal was zijn voorsprong.

Opvallend was dat de Cubaan Norberto Tellez, die zelfs nog nooit een tijd als Koers' persoonlijk record (1.44,23) had verwezenlijkt, wél het risico van een hoog aanvangstempo nam. Ook voor de Amerikaaan Rich Kenah, al evenzeer een noviet op de 800 meter, verliep de race volkomen volgens plan, terwijl anderzijds de Kenyaan Patrick Konchellah, een broer van de tweevoudig wereldkampioen Billy, het hoge tempo in het geheel niet kon bijbenen. De beloning voor Tellez en Kenah bestond dan uit de twee resterende medailles, want zoals Kenah zei: 'Kipketer is een wereld op zich.'

Koers wist dat ook. Maar hij kwam te laat om zich nog in de strijd om de ereplaatsen te mengen. Wel passeerde hij nog de Kenyaan Ndururi, voor de derde maal dit jaar, en de Amerikaan Mark Everett, die zichzelf in de eerste ronde had opgeblazen, doch daar bleef het bij. Zelf had hij het gevoel als vijfde te zijn geëindigd. 'Ik heb alles gegeven,' zei hij, 'en ik ben eigenlijk redelijk tevreden over het verloop van de race. Ik ging in één tempo door en kwam eigenlijk nog redelijk dichtbij. Een jaar geleden was ik hartstikke tevreden geweest met zo'n klassering op de 800 meter, maar dit valt toch iets tegen. Ik moet eerlijk zeggen aan een medaille gedacht te hebben.

'Dan kan ik op de eerste 200 meter heel hard moeten lopen maar ik vind dat ik flexibel moet zijn en moet lopen zoals mijn benen het willen. Als ik achteraan sluit bij die snelle jongens heb ik een goed overzicht. Maar ik ben gewoon op dit moment nog niet snel genoeg om in de medailles te lopen.'

Toch, stelde ook Theo Joosten vast, heeft Marko Koers dit jaar weer een stap voorwaarts gemaakt. Zijn Amerikaanse jaren, zijn verre trainingskampen, zijn vele wedstrijden vooral, hebben hem gevormd, hij is voor zijn kandidaatsexamen geslaagd. Theo Joosten ziet terecht mogelijkheden voor het doctoraal.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden