Reportage Koen Verweij

Koen Verweij blaast na gedwongen sabbatical olympisch droom weer leven in

Aan zijn talent heeft nooit iemand getwijfeld. Alleen zijn karakter ligt soms dwars. Schaatser Koen Verweij (29), potentieel specialist op de 1.500 meter, hoopt aan de hand van coach Gerard van Velde weer een topper te worden 

Koen Verweij foto Nekke Smit Beeld Neeke Smit

In lange slierten glijden de schaatsers over het ijs van Thialf, kleur bij kleur, ploeg bij ploeg. In het groene treintje van Team Reggeborgh rijdt Koen Verweij, zijn blonde haren in een knotje, een woelige baard op de kaken. Het enfant terrible van de schaatssport tussen misschien wel de netste jongens van het ijs: de gebroeders Ronald en Michel Mulder en Kai Verbij.

Na een jaar afwezigheid keert Verweij (29) terug in competitie. Zaterdag zal hij op de 1.500 meter strijden om een wereldbekerticket tijdens kwalificatiewedstrijden in Heerenveen. Dat zal een hele opgave worden, want de concurrentie is hevig. Hoe hij zijn kansen inschat, is gissen. ’Ik heb niets te melden man’, zegt hij na afloop van de training als hij met zijn ploeggenoten aan de koffie zit. Tegen de NOS zei hij enkele weken geleden dat hij terugkeert om zijn olympische droom waar te maken: in 2022 wil hij goud winnen op de 1.500 meter.

Zelfoverschatting

Het liefst was hij vorig seizoen al aan dat olympische traject begonnen. Na de Winterspelen van Pyeongchang probeerde hij een sponsor te vinden voor een ploeg waarin hij centraal zou moeten staan. Dat bleek een onmogelijke wens voor  de schaatser, die in ruim tien jaar tijd de reputatie verwierf als eigenzinnig supertalent met een neiging tot zelfoverschatting. Als 17-jarige pochte hij al dat hij Sven Kramer naar de kroon zou steken.

Er was weinig dat voor Verweij sprak. Ja, hij was na zijn zilveren 1.500-medaille in Sotsji (op 0,003 seconden van winnaar Zbigniew Brodka) uitgegroeid tot een Bekende Nederlander, maar sportief lag zijn glorietijd achter hem. Daar hadden zijn resultaten op de Winterspelen van Pyeongchang weinig aan veranderd. Zijn bronzen medaille op de massastart was overschaduwd door de karrenvracht aan gouden en zilveren plakken door andere Nederlanders. Bovendien was hij op ‘zijn’ 1.500 meter slechts 11de geworden.

Als een boos kind besloot Verweij vervolgens het schaatsen eraan te geven. Als het niet op zijn manier kon, dan maar helemaal niet, mokte hij. In elk geval voor een jaar. Maar het bloed kroop waar het niet gaan kon. Na maanden zonder training en wedstrijden sloot hij zich dit voorjaar aan bij coach Gerard van Velde, samen met zijn vriendin Jutta Leerdam (20), die vorig seizoen doorbrak met twee bronzen medailles op de NK afstanden en de zege op het NK sprint.

In handen van Van Velde

Van Velde is een coach die even rustig oogt als de meeste van zijn schaatsers. Het liefst rijdt hij met lange slagen nog met zijn rijders mee.  Hij is wars is van conflict en kent de reputatie van Verweij goed. Twee jaar geleden haalde Plantina, de toenmalige sponsor van Van Veldes ploeg, Verweij ook binnen, maar de Noord-Hollander was niet welkom bij de sprintcoach. Hij moest zijn eigen plan trekken en trainde mee met Kosta Poltavets, de Oekraïense Nederlander die als bondscoach van de Russen in een kwade reuk was komen te staan na de grootscheepse dopingfraude tijdens de Winterspelen van Sotsji.

Er zit een randje aan Verweij. Hij kan periodes vol trainingsernst en discipline afwisselen met periodes waarin hij liever op zijn Harley-Davidson toert, geniet van het society-bestaan en zich laaft aan de likes op de sociale media. Hoe gaat Van Velde hem op koers houden? En hoe verstandig is het om twee geliefden in één ploeg samen te brengen? De coach is net zo min als zijn nieuwe pupil beschikbaar voor uitleg.

Voor de publiciteit is de kalme en rustige Reggeborgh-ploeg in elk geval niet met Verbij in zee gegaan. Het investeringsbedrijf is een sponsor op de achtergrond en heeft geen behoefte aan naamsbekendheid. De keuze voor Verweij is een sportieve. De groep rond Van Velde was vorig seizoen na het vertrek van Thomas Krol, wereldkampioen op de 1.500 meter, wat uit balans geraakt. Er waren nog voldoende 500-meterrijders, maar Kai Verbij, wereldkampioen op de 1.000 meter, kon een sparringpartner gebruiken. Een trainingsmaat met meer uithoudingsvermogen dan zijn andere ploeggenoten, het liefst een specialist op de schaatsmijl.

Er liepen niet veel getalenteerde 1.500-metermannen rond, die de ploeg aan zou kunnen trekken. Het gros was, heel tevreden, onder contract bij coach Jac Orie. ‘Zij hadden het afgelopen jaar een soort monopolie op die afstand’, zegt Verbij, die samen met Dai Dai Ntab wel bereid is om over hun nieuwe ploeggenoot te praten. ‘Het is fijn om iemand erbij te hebben die dat niveau ook kan halen. Daarom hebben we Koen erbij gehaald. Hij is iemand die me kan prikkelen.’

Ondanks zijn olympische ambitie is Verweij geen kopman, maar meesterknecht. En zelfs in die rol moet hij nog wat groeien, vertelt Verbij. De eerste maanden had hij nog niet zoveel profijt van Verweij, die een serieuze trainingsachterstand had opgelopen. De laatste tijd gaat het wat beter. ’Hij is heel ambitieus en hij is iemand die er vol voor wil gaan. Ik hoop dat hij nog een tikkeltje sneller wordt en dan heb ik echt heel veel aan hem.’

De aanvulling van Verweij was zeer welkom in de ploeg, niet alleen op het ijs, zegt Ntab. Hij voelt verwantschap met de extraverte nieuwkomer. ‘Ik vind het heerlijk’, lacht Ntab. ‘We hebben dezelfde humor en ik kan goed met hem opschieten.’ Verweij toont zich een goede ploegmaat, met oog voor de anderen. Ntab: ‘Hij heeft zijn hart op de tong, maar iedereen weet dat hij het goed bedoelt. Hij is niet alleen fysiek van belang op het ijs, maar hij stipt ook technische dingen aan voor de jonge rijders in de ploeg.’ 

Dat is het beeld dat in Thialf blijft hangen: Verweij is geen eenpitter meer. Hij gaat op in de groep en heeft duidelijk plezier in zijn sport. Of zijn tweede comeback die zo begeerde olympische titel zal opleveren, is moeilijk in te schatten, maar zijn nieuwe ploeggenoten zijn het over één ding eens. ‘Ik denk dat hij veel meer had gewonnen als hij altijd was doorgegaan met schaatsen en de rust had bewaard’, zegt Ntab. Verbij vat samen: ‘Hij maakt het zichzelf niet gemakkelijk.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden