Kibet laat zich verleiden tot fatale tempoversnelling

Atletiek..

Amsterdam Blanken lopen op schema, Kenianen op gevoel. Hilda Kibet belichaamde zondag beide culturen in de marathon van Amsterdam. Dik twee uur hield de Keniaanse topatlete met Nederlands paspoort zich strak aan het wedstrijdplan, zeven kilometer voor het einde schakelde ze over op haar gevoel en koos ze voor het avontuur. Ze ging mee in een tempoversnelling van de Ethiopische Kuma en kwam frontaal in botsing met haar mogelijkheden.

Bij de ingang van het Vondelpark, drie kilometer voor het einde, stond ze bijna stil. Haar benen wilden niet meer, weigerden dienst. Haar trouwe gangmaker Isaac Kiptum keek over zijn schouder waar zijn trainingsmaatje bleef. ‘Ze liep in slow-slowmotion’, vertelde hij. ‘Er zat geen beweging meer in. Haar benen waren kapot.’ De laatste 3 kilometer werden een helse martelgang. ‘Ik kon mijn pas niet meer afmaken’, keek de 28-jarige atlete bedremmeld terug. ‘Ik voelde me goed. Conditioneel was er niets mis, maar mijn benen zeiden stop. Zomaar. Stop.’

In haar tweede marathon zette het natuurtalent hoog in. Na een soepele voorbereiding van tien weken op 2400 meter hoogte in de Rift Vallei in Kenia mikte ze op een tijd van 2 uur 27, ruim vijf minuten sneller dan bij haar debuut (2.32.10) van twee jaar geleden in Amsterdam. Daarnaast richtte ze haar oog op de nationale titel én op de overwinning. Het kampioenschap kwam bij gebrek aan concurrentie nooit in gevaar. Voor de eindzege streed ze tot de 39ste kilometer schouder aan schouder met Eyerusalem Kuma.

In de slotkilometers werd het haar bijna zwart voor de ogen en verloor ze vele minuten. Kuma liep onbedreigd naar de victorie in 2.27.43. Kibet jogde als een gedemoraliseerde vijftigplusser naar de eindstreep en werd nog gepasseerd door de tweede Ethiopische, Girma, die een achterstand van twee minuten fluitend goed maakte. Kibet, de achternicht van Lornah Kiplagat, werd derde.

Haar tijd van 2.30.33 betekende een nieuw persoonlijk record, maar ook een fikse tegenvaller. ‘Ik heb te veel risico genomen’, gaf ze zonder aarzeling toe.

Risico nam haar echtgenoot Hugo van den Broek ook. Eigenlijk tegen zijn natuur in. Van den Broek (33) loopt nooit onbevangen, maar altijd gericht en doelbewust. De Amsterdam marathon was voor hem de wedstrijd van het jaar. Hij liet er het WK in Berlijn voor lopen. In Amsterdam wilde hij zijn pr uit 2004 (2.12.08) verbeteren. Hij durfde hardop te dromen van een tijd rond de 2.10. Maar nog belangrijker was de nationale titel.

Daarvoor moest hij duelleren met Koen Raymaekers, zijn trainingsmaat in Iten in Kenia. Beiden wonen er hemelsbreed nog geen vijf kilometer van elkaar, beiden hebben in Gerard van Lent dezelfde trainer. Van den Broek verkeerde naar eigen zeggen in de vorm van zijn leven, Raymaekers was na twee verloren jaren op de weg terug. Halfweg lagen beiden met 1.05.42 op een eindtijd van 2.11.30. Tussen de 20ste en 25ste kilometer gaf Van den Broek de gangmaker opdracht tot een lichte tempoversnelling. ‘Ik voelde me super, echt super.’

Hij slaagde er niet in Raymaekers van zich af te schudden. Na kilometer 30 ging bij Van den Broek langzaam het licht uit. ‘Ik werd duizelig en zag vlekken voor mijn ogen. Daar had ik nooit last.’ Het was een signaal dat zijn energievoorraad drastisch slonk. Tot de 40ste kilometer camoufleerde hij zijn inzinking en haakte hij op karakter aan. Daarna moest hij zijn overmoed bekopen en Raymaekers stap voor stap laten gaan.

Daar kwam geen versnelling van Raymaekers aan te pas. ‘Daarvoor miste ik de kracht’, aldus de 29-jarige atleet. ‘Mijn gebrek was dat ik in mijn lange pas bleef volharden. Ik kon de pasfrequentie niet opvoeren.’ Het verval in de slotfase was ontgoochelend. Raymaekers werd 13de in 2.12.59, een verbetering van zijn pr uit 2007 met drie seconden, en ook nationaal kampioen. Toch was hij wat teleurgesteld. ‘Onder deze weersomstandigheden had ik tegen de 2.11 moeten lopen.’

Van den Broek werd 15de in 2.13.25, zijn tweede tijd in tien marathons. Maar ruim boven zijn toptijd. ‘Ik moet harder kunnen’, praatte hij zichzelf moed in. ‘Maar als ik altijd 2.13 loop, ben ik ook tevreden.’ Tenslotte is hij geen supertalent. Zijn vrouw Hilda Kibet wel. Zij is een laatbloeier die bij toeval in de atletiek belandde. Met haar ranke bouw en zuinige loopstijl is ze geschapen voor de marathon. Alleen moet ze nog leren haar gevoel te onderdrukken en op schema te blijven lopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.