Reportage Marathon Eindhoven

Kan het: bevallen, revalideren en de olympische limiet lopen op de marathon?

Dik een jaar geleden beviel marathonloopster Kim Dillen van een dochter. Zondag deed ze tijdens de marathon van Eindhoven een poging de olympische limiet te lopen.

Kim Dillen tijdens de marathon. Beeld Jiri Büller

Op de Roostenlaan, na 15 kilometer, geeft Laurenne (1) het op. Ze valt in slaap in het kinderzitje van haar halfzus. Even verderop danst haar moeder, Kim Dillen (36), over het natte asfalt van Eindhoven. Ze is bezig om haar ultieme droom te verwezenlijken: de limiet voor de Olympische Spelen van Tokio halen.

Vijftien maanden geleden beviel Kim Dillen van haar dochter. Wat volgde was wat ze ‘een bumpy voorbereiding’ noemt; eentje vol hobbels en kuilen. Al was het maar vanwege slaapgebrek. Veel vaker dan haar lief was zat Dillen de afgelopen maanden ’s morgens vroeg naar de avonturen van Toto, Sassa en Koning Koos te kijken in Het Zandkasteel, een kinderserie. Nog de hele dag dreunden de liedjes na in haar hoofd.

Kan het: bevallen, revalideren en binnen anderhalf jaar de olympische limiet halen? Dillen kent de theorie dat vrouwen na de geboorte van hun kind een betere atleet worden. Wie de oerkrachten tijdens een bevalling heeft moeten aanspreken, zo is de gedachte, lacht daarna om een pijntje tijdens de marathon. ‘Laten we hopen dat het klopt’, zegt ze voor de start.

Dillen wordt deze zondag omringt door een groepje mannelijke hazen, die haar als een menselijk schild omringt. Haar gespierde schouders glimmen. Op haar buik het toepasselijke startnummer: 040, het netnummer van haar thuisstad Eindhoven. De limiet ligt op 2.28,30, vijf minuten onder haar persoonlijke record (2.33, 24, gelopen in Berlijn). Dus ja, afzien wordt het, sowieso.

Dillen is een laatbloeier. Lange tijd combineerde ze een baan als registeraccountant met atletiek, maar met de komst van Laurenne kon ze eindelijk voluit voor de langeafstand kiezen, want werken, lopen en het moederschap; dat was een beetje te veel van het goede. In 2012 won ze de halve marathon van Eindhoven, in Parijs eindigde ze twee jaar later als tiende vrouw, net als in 2017 in Berlijn. Langzaam sloop ze naar de top.

Maar toen kwam een vurige wens uit: ze werd zwanger. Het was een zware bevalling. Twee weken daarna stond ze al op de loopband. Veel te vroeg. Haar lijf stond nog scheef, waarschijnlijk door het persen. Vooral haar bekkenbodem voelde kwetsbaar. ‘Alsof alles daaronder er uit kon vallen.’ Vijf weken na de bevalling begon ze voor het eerst weer écht. Minuutje joggen, minuutje wandelen; héél voorzichtig opbouwen. Als een recreant.

Haar man, Wilfred van Mill, is ook haar trainer. Met hem sprak ze af hij er ’s nachts uit zou gaan voor hun dochter. Makkelijk gezegd. ‘Maar als ik haar hoor huilen, gaat er bij mij een soort alarmbel af. Een vrouwelijk instinct waarschijnlijk. Werd ik alsnog wakker.’

Pas vanaf december kon Dillen weer voluit trainen. En toen ging het snel. ‘Misschien wel te snel’, concludeert ze. ‘Mijn achillespezen trokken het niet meer.’ Indirect een gevolg van de zwangerschap. ‘Na een zwangerschap worden al je pezen zwakker, dus ook je achillespezen. Ik had er daarvoor nog nooit last van gehad.’

Na 30 kilometer stapt Dillen uit de wedstrijd. Beeld Jiri Büller

Nergens in Nederland kon ze een sportarts vinden die gespecialiseerd is in de revalidatie na een zwangerschap. Informatie vond ze op internet, onder meer de filmpjes van de Amerikaanse triatlete Gwen Jorgensen, in 2016 olympisch kampioen. Met name over borstvoeding bestaan verschillende theorieën. ‘Elke bevalling, elk mens, is weer anders. Het is moeilijk om iets kopiëren.’

Wat ze ook moest leren: de controle loslaten. Dat gaat niet met een kind. Maar laat het, zegt ze, vooral niet alleen een klaagzang zijn. Afgelopen maand waren ze met zijn drieën in Zwitserland op hoogtestage. ‘Het geeft ook weer energie. En het relativeert. Als ik Laurenne zie na een slechte training, heb ik toch weer een glimlach.’

Dillen begint goed aan de marathon in haar eigen stad. Soms zwaait ze naar de toeschouwers langs de kant. ‘Het is mijn manier om me te blijven ontspannen.’

Maar langzaam voelt ze de kracht uit de benen wegvloeien, ook door de zon en wind. ‘Normaal wordt het pas na 30, 35 kilometer een gevecht. Dat begon nu al bij 20 kilometer. Toen wist ik: dit ga ik niet volhouden.’ Na 30 kilometer weet ze het zeker en stapt uit. De reis van anderhalf jaar, van geboorte tot de marathon, is ten einde. Tranen vloeien. Ze moet zich nu richten op een nieuwe kans, in het voorjaar. 

Misschien, zegt ze naderhand, is het toch allemaal te veel geweest: de bevalling, de gebroken nachten, het blessureleed. ‘Ik heb onderweg echt nog tegen mezelf gezegd: wat stelt die marathon nou voor in vergelijking met de bevalling? Maar het hielp niet meer.’

Een uur later, voor de ingang van het atletenhotel wordt ze herenigd met haar dochter. Bij de knuffel sluit Dillen even haar ogen. Daarna vraagt ze om een zakdoek. Laurenne heeft een loopneus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden