Judo moet geen keurig padvindersclubje worden

De bezadigde, vriendelijke sfeer die de judosport omgeeft sinds twee gezworen vijanden als bondscoaches de handen ineensloegen, begint Cor van der Geest na amper een jaar alweer lichtelijk te irriteren....

En keurig wordt het dus ook niet zaterdag in Drachten. Om eindelijk een keer de concurrentie aan te gaan met Kenamju, de judoschool die alweer voor de twaalfde keer in dertien jaar de landstitel wint, sluiten drie judoscholen in Nijmegen een samenwerkingsverband (Top Judo Nijmegen). In reactie daarop schrijft Kenamju, de school van Cor van der Geest, onder een andere clubnaam (Dynamo Haarlem) een tweede team in.

Van der Geest wint het onderlinge pesterijtje. Top Judo Nijmegen verliest in de halve finales nipt van Dynamo Haarlem waardoor er twee teams uit de judoschool van Van der Geest in de eindstrijd tegenover elkaar staan. 'Opzetje geslaagd', glundert bondscoach c.q. clubcoach Van der Geest.

Of het de judosport allemaal wel ten goede komt wordt her en der in twijfel getrokken, maar Van der Geest maalt er niet om. 'Mijn zorg is vandaag even niet het Nederlandse judo. Ik wilde een daad stellen en dankzij onze tactiek heeft dat heel goed uitgepakt.'

Daar kan zelfs de verrassende Nijmeegse troef Ben Spijkers geen verandering in brengen. De 42-jarige judoka, oud-bondscoach van Oostenrijk en winnaar van onder meer olympisch brons in Seoul in 1988, maakt na jaren afwezigheid zijn rentree op de mat. En niet eens onverdienstelijk. Hij wint zijn beide partijen, spoort zijn teamleden aan tot grootse daden en eindigt uiteindelijk als derde. Een plaats die bovendien recht geeft op deelname aan de Europa Cup.

'En we hadden in de finale gestaan als de familie Van der Geest hier niet twee streepjes voor zou hebben bij de scheidsrechters', zegt Spijkers, nooit te beroerd om het door de bondscoach aangestoken vuurtje nog even aan te wakkeren. 'Als je niet de naam van Van der Geest op de rug hebt staan moet je twee keer zoveel aanvallen maken om geen straf tegen te krijgen.'

De sneer in de richting van de bondscoach is niet de enige tik die Spijkers zaterdag uitdeelt. Want, zoals hij het zelf verwoordt, 'een vos verliest wel zijn haren, maar niet zijn streken'. Onder luid gejoel van de toeschouwers deelt hij een kopstoot uit ('welnee, ik kreeg er juist één'), drukt zijn tegenstander hard tegen de grond (wat hem op een reprimande van de scheidsrechter komt te staan) en haalt uiteindelijk zijn gelijk als hij zijn tegenstander met ippon vloert.

Met zijn - 'overigens eenmalige' - actie hoopt hij een voorbeeld te zijn voor zijn clubgenoten. 'Als ik had gedacht dat ik hier geen meerwaarde zou kunnen brengen, dan was ik de mat niet opgestapt', zegt Spijkers die in de klasse tot 81 kilo aantreedt. 'Ik ben dezelfde gedreven oude man als altijd. Je moet durven sterven op de mat.'

Tegenstander Jesse Jongman, van de Mattekloppers, is minder ingenomen met de niets ontziende aanpak van Spijkers. 'Zoiets verwacht je niet van een volwassen man, dan laat je je wel heel erg kennen. Qua leeftijd had hij mijn vader kunnen zijn, maar dan hadden we absoluut niet op elkaar geleken. Zijn mentaliteit is niet de mijne. Maar ik heb dan ook niet zoveel bereikt in mijn leven.'

Spijkers, winnaar van diverse medailles op EK's en WK's is tegenwoordig als accountmanager werkzaam bij een farmaceutisch bedrijf. In zijn vrije tijd hoopt hij bij de Nijmeegse judoschool Dukenburg jonge talenten naar de top te begeleiden en het door bondscoach Van der Geest verguisde Nijmeegse samenwerkingsverband (bestaande uit Dukenburg, Tomoda en Theunissen) uit te bouwen.

Spijkers: 'Dat lukt alleen niet van de ene op de andere dag. Elke school heeft zijn eigen traditie en geschiedenis. Maar ik bestrijd dat we alleen een gelegenheidselftal zijn. We trainen regelmatig samen en zijn op zoek naar een vaste trainingslocatie.'

Voor Van der Geest gaat dat niet ver genoeg. De grote kloof tussen het onoverwinnelijke Kenamju en de rest van Nederland moet worden overbrugd met constructieve samenwerking op vier of vijf strategische punten inNederland. Van der Geest: 'Ik heb helemaal niks tegen goede, sterke samenwerkingsverbanden, die juich ik zelfs toe. Maar dan moet er wel vier keer in de week samen worden getraind.

'Nu wordt er aan de vooravond van dit toernooi even met elkaar gebeld zodat er samen een sterk team op de been gebracht kan worden dat Kenamju ten val moet brengen. Dat gekke gedoe vind je in geen enkele andere sport. Als Ajax alle wedstrijden met één hand op de rug zou winnen, dan sluiten PSV en Feyenoord toch ook geen coalitie?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.