Analyse Jorien ter Mors

Jorien ter Mors keert na jaar blessureleed stilletjes terug op het ijs

Jorien ter Mors keert komende schaatswinter na een jaar afwezigheid terug op het ijs, al steekt de regerend olympisch kampioene op de 1.000 meter nog niet in blakende vorm. 

Jorien ter Mors (M) tijdens de finale 1500 meter shorttrack in de Ice Arena tijdens de Olympische Winterspelen. Beeld ANP / Vincent Jannink

De knieblessure die haar vorig jaar van het ijs hield is nog niet helemaal voorbij, vertelde ze dinsdag bij de presentatie van haar ploeg, Team IKO, in Heerenveen.

‘Als ik mijn spieren aanspan, kun je het goed zien’, zegt Ter Mors. Ze gaat staan en laat haar beenspieren opbollen. Door haar spijkerbroek heen is duidelijk te zien dat haar linkerbeen dikker is en de verschillende spiergroepen geprononceerder zijn, een echt schaatsersbeen. Rechts ziet er een stuk minder indrukwekkend uit. Ze heeft ongewild door haar blessure dat been ontzien en de spieren zijn geslonken.

In het najaar van 2017, in de aanloop naar de Winterspelen van Pyeongchang, begon het: een geïrriteerde pees in haar rechterknie. Ze verbeet de pijn en trainde er, met aanpassingen, doorheen. Met succes, want die verbetenheid bracht haar de olympische zege op de kilometer.

Na de Spelen leek de oplossing simpel: de beschadigde pees tijd geven om te herstellen. Dat werkte niet. Na een zomer vol pijnlijke pogingen om de training weer op te pakken bleek dat de pees niet het probleem was, maar haar knieschijf.

IJspegel

Daar was, door de voortdurende irritatie van het gewricht, een scherp puntje (‘een soort ijspegel’) van botweefsel aangegroeid. ‘Elke keer als ik mijn knie boog schraapte dat puntje langs de achterkant van de pees, als een touwtje waar je steeds een mes langs haalt. Dus die pees ging steeds weer kapot.’

Vorig jaar, vlak voor het schaatsseizoen zou beginnen, besloot ze zich te laten opereren. ‘Ik had nog honderd revalidatie-oefeningen kunnen doen, maar de enige remedie was om dat stukje bot eraf te halen.’

Voor het herstel stond een jaar. Die tijd zit er bijna op, maar voorbij zijn de klachten niet. In haar diepe schaatszit veroorzaakt vocht achter haar knieschijf nog altijd problemen. 

Het is niet de eerste keer dat Ter Mors voor een rentree staat. Na de Olympische Spelen van 2014, waar ze goud op de 1.500 meter langebaan won, raakte ze overtraind en stond ze een seizoen langs de kant. Die ervaring hielp haar door de afgelopen maanden heen. ‘Omdat ik toen heb geleerd dat ik goed kan schaatsen, als ik tenminste fit ben.’

Stilletjes

Afgelopen weekend maakte Ter Mors stilletjes haar comeback. Ze reed tijdens een trainingswedstrijd in Thialf een 3 kilometer. Niet haar favoriete afstand, maar omdat ze nog weinig aan haar start heeft kunnen werken (die explosiviteit is nog te veel voor haar gekwetste knie) was het stayersnummer een aardig beginnetje.

Veel conclusies kon ze niet verbinden aan haar tijd van 4.14,73. Sowieso tast Ter Mors in het duister over haar vorm. Niet alleen door haar blessure, maar ook omdat ze heel anders traint dan voorheen.

Tot en met de Spelen van 2018 reed Ter Mors bij shorttrackbondscoach Jeroen Otter. Al behaalde ze haar grootste successen op de langebaan, haar basis was shorttrack. Ze kwam in Pyeongchang nog op beide disciplines uit en veroverde brons met haar teamgenoten op de relay. Daarna koos ze een radicaal andere weg en verliet Otter om zich naar het stramien van de langebaanschaatser te voegen.

Aanpak 

Pas dit jaar kwam ze aan die langebaantrainingen toe. ‘Het is een totaal andere aanpak dan ik gewend was.’ Ze zat meer op de fiets en stond minder op de ijzers. ‘Nu schaats ik drie of vier keer per week, terwijl ik voorheen zeker zes dagen per week op het ijs stond en soms twee keer per dag.’

Ze heeft geen referentiekader voor haar vorm, kan zich niet spiegelen aan trainingsresultaten uit het verleden. De eerste echte test volgt aanstaande zaterdag, als ze een 1.000 meter rijdt tijdens een trainingswedstrijd in Heerenveen. ‘Dan weet ik gericht waar ik mee verder moet.’

Het is koffiedik kijken voor Ter Mors wanneer ze weer op haar oude niveau zal zijn, al hoopt ze stiekem in de tweede seizoenshelft weer mee te kunnen met de top. Nu heeft ze weliswaar al snelle rondjes in de benen, maar haar start is nog te matig en haar knie te wisselvallig om goede resultaten te verwachten. ‘Soms gaat het drie weken goed met mijn knie en dan, plop, ineens een slechte week waarin ik niet kan schaatsen. Het is een beetje een loterij.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden