Analyse Mathieu van der Poel

Is Van der Poel als veldrijder nu al de beste ooit?

Na zijn spectaculaire optreden in de duinrand van Koksijde zijn de debatten in België geopend: is Mathieu van der Poel, slechts 24 jaar en met nog een hele sportieve carrière voor zich, nu al de beste veldrijder aller tijden, de GOAT van het modderfietsen? Zet hij de Vlaamse vedetten uit het verleden in de schaduw?

Mathieu van der Poel start helemaal achterin het veld ( rechts in de regenboogtrui ) maar zal na 1 ronde al de leiding hebben en de de cyclocross van Koksijde op fenomenale wijze winnen. Beeld Klaas Jan van der Weij

Hij kreeg na afloop zelf de vraag voorgelegd, maar hij ging het antwoord schouderophalend uit de weg. Van der Poel is allesbehalve een stoefer, zoals ze in Vlaanderen zeggen, hij bluft niet. Voor de camera van Sporza zei hij zondag: ‘O, krijgen we die conversatie weer? Ik laat het in het midden. Ik beschouw het maar als een compliment.’

De vraag drong zich toch maar op na ongezien machtsvertoon in de wereldbekerwedstrijd. Waar de concurrentie machteloos tot de wielassen wegzakte, kliefde de Nederlander door het zand alsof de rode loper voor hem was uitgerold. Hij reed naar boven op duinen waar tot dan toe alleen maar een erkende specialist uit het verleden als Paul Herygers in het zadel kon blijven. Die was er zondag als tv-commentator getuige van en hapte naar adem. Tijdens een toch behoorlijk hachelijke afdaling maakte Van der Poel nog maar een sprongetje naar beneden. Herygers collega Michel Wuyts: ‘We hebben volmaaktheid gezien.’

Het was na zijn verlate entree in het circuit – hij had na een zware periode op de weg wat rust genomen - alweer zijn zevende zege op zeven deelnames en met het vorige seizoen meegerekend zijn 33ste overwinning op een rij. Maar wie louter de statistiek als maatstaf voor de allerbeste ooit hanteert, moet vaststellen dat hij nog een lange weg te gaan heeft. Dit zijn voor Van der Poel tot dusver de wapenfeiten na ruim vijf seizoenen tussen de elite: twee wereldtitels, 117 overwinningen. Vooral de 32 overwinningen in zowel 2017-2018 en 2018-2019 illustreren zijn dominantie.

Naakte cijfers bieden niet altijd niet het gewenste houvast. Want wat telt eigenlijk? Zijn gewonnen WK’s doorslaggevend? Reken je het aantal zeges in de klassementen mee, die van de wereldbeker, de Superprestige en al die andere trofeeën? En: hoe blijf je in de weging bestand tegen de euforie van het moment? Kun je tijdperken überhaupt wel met elkaar vergelijken? Het aantal crossen per seizoen varieerde in het verleden nogal. Hetzelfde geldt voor het niveau van de concurrentie. Zo ontbreekt Van der Poels enige grote rivaal, Wout Van Aert, al geruime tijd wegens een blessure, maar die kon al voor die tijd niet meer dan enigszins in zijn buurt blijven.

Schamele afspiegeling 

Vanzelfsprekend zijn het Belgen die tot nu toe aanspraak mochten maken op de troon in het veld. Sven Nys kwam in 18 seizoenen tot maar liefst 291 overwinningen en er is niemand die ook maar in de buurt komt. Maar twee gewonnen WK’s, in 2005 en 2013, vormen weer een schamele afspiegeling van zijn hegemonie. Roland Liboton heerste in de jaren tachtig. Hij trok vijf keer de regenboogtrui aan en won 156 crossen. Op zijn 27ste kwam er een abrupt einde aan de zegereeks: de tol van de roem en verzadiging. Voor hem was de in 2015 overleden Erik De Vlaeminck de onbetwiste keizer - een ware acrobaat op de fiets. Eind jaren zestig en begin jaren zeventig werd hij zeven keer wereldkampioen. Bij hem stokte de teller op 192 overwinningen. Aan de schaduwzijde stond een verslaving aan amfetaminen. Zijn broer Roger laat er geen twijfel over bestaan: niemand was ooit beter.

Dat het om meer draait dan het bijhouden van staatjes, blijkt uit de opmerkingen van troonpretendenten zelf. Liboton trok al begin vorig jaar zijn conclusie. Tegen Wielerflits: ‘Zet Mathieu maar op één. Hij is buitenaards.’ Hij had hem over balken van 40 centimeter hoogte zien springen. Nys, die net als Van der Poel weinig trek heeft in de discussie, stelde al eerder vast dat hij zulk despotisme niet eerder had gezien.

Zondag in Koksijde volgt de ongekende illustratie, in de eerste ronde al. Omdat hij enkele wedstrijden om de wereldbeker had gemist, start hij op de derde rij en wordt kort daarop opgehouden door een val voor hem. Als pakweg vier-na-laatste in het deelnemersveld van 48 renners trekt hij zich weer op gang. Bij de eerste passage van de streep, drie kilometer verder en nog geen acht minuten later, verschijnt hij tot verbazing van alles en iedereen vooraan. Hij had hier en daar een minder gebruikt spoor gekozen. ‘Dit heb ik nog nooit gezien’, verzucht Herygers. Van der Poel na afloop: ‘Het was zeker een van mijn betere eerste ronden ooit.’

Maar de betekenis voor de eeuwigheid laat hem dus koud. Na de WK begin februari in Zwitserland, houdt hij het veldrijden dit seizoen voor gezien en begint hij aan zijn voorbereiding voor het wegseizoen. Naast zijn ambities voor olympisch goud op de mountainbike, laat hij dat steeds zwaarder wegen. Deelname aan de voorjaarsklassiekers, waaronder een debuut in Parijs-Roubaix, zijn de nabije doelen en een grote ronde is een markering op de horizon. Om aanhoudend delibereren te voorkomen, kunnen de debatten zich tegen die tijd misschien verruimen tot een verkiezing van de GOAT (Greatest of All Time) in de wielrennerij van de veelzijdigheid.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden