Is Formule 1 verworden tot een typisch Britse affaire?

F1 verloor 200 miljoen tv-kijkers sinds 2008, populariteit is tanende

Groot-Brittannië is al sinds 1950 F1-gek. Elders loopt de interesse terug. De klasse geldt als ontoegankelijk, te gefocust op de techniek. Misschien ook te Brits?

Het publiek huldigt zondag Lewis Hamilton na zijn overwinning in de Grote Prijs van Groot-Brittannië. Foto getty

Bevraag Max Verstappen over heilige huisjes in de Formule 1 en zijn antwoorden wijken meestal af van de norm. Maar als het over Silverstone gaat, waar zondag de Grote Prijs van Groot-Brittannië werd verreden, is zelfs Verstappen lyrisch. 'Deze race heeft historie, staat al lang op de kalender en het is een mooi circuit. Dat kan niet weggaan', zegt de 19-jarige coureur.

Verstappen is stellig. Een Formule 1-seizoen zonder race in het Verenigd Koninkrijk is in zijn ogen ondenkbaar. De realiteit is anders. De bedreigingen voor de Britse autosport zijn talrijk: grote financiële verliezen, een Amerikaanse eigenaar, Brexit. Zelfs de dominantie van de Britten in de Formule 1 geldt als een probleem, terwijl het land de bakermat van de raceklasse is.

Natuurlijke samensmelting

In mei 1950 vond op Silverstone de allereerste Formule 1-race plaats. Het circuit kwam te liggen op een van de vele militaire vliegvelden die na de Tweede Wereldoorlog overbodig waren. Net als de technici die zich hadden gespecialiseerd in het bouwen van lichte, snelle oorlogsvliegtuigen. Die overdaad aan asfalt en kennis bleek een vliegwiel voor de ontwikkeling van de autosport in Groot-Brittannië.

'Een natuurlijke samensmelting', zeggen ze op Silverstone. De technici gingen raceauto's bouwen, de vliegvelden werden circuits. Autosportondernemingen schoten uit de grond. 'Motorsport Valley' was geboren, tegenwoordig een gebied met een omtrek van zo'n 300 kilometer waarin meer dan drieduizend autosportgerelateerde bedrijven zijn gevestigd.

Zeven van de tien Formule 1-teams hebben er hun thuisbasis. Verstappens team Red Bull zetelt tussen de opslagloodsen op een industrieterrein in Milton Keynes, een stad gelegen op zo'n 80 kilometer ten noorden van Londen. Vanaf Red Bull is het een half uur rijden door groen, glooiend landschap naar Brackley, waar de fabriek van Mercedes staat. Autosport is zo met de regio verweven geraakt dat niets in het straatbeeld wijst op de aanwezigheid van het Duitse topteam, dat in de afgelopen drie jaar wereldkampioen werd.

Lees verder onder de foto.

Verstappen 4de op Silverstone

Na drie uitvalbeurten op rij reed Max Verstappen zondag in Engeland weer een F1-race uit. Hij finishte als vierde. 'We zijn nog steeds te langzaam, maar hebben wel maximaal gepresteerd', zei hij na de GP.

De uitblinker op Silverstone was Lewis Hamilton. De Brit leidde zijn thuisrace van begin tot eind en verkleinde de achterstand op WK-leider Sebastian Vettel tot één punt.

Lewis Hamilton is in zijn Mercedes op weg naar de winst in de GP op Silverstone. Foto AP

Volkssport

Alleen in Engeland is de Formule 1 geen elitesport, maar een volkssport. Het land leverde de meeste coureurs (161), de meeste wereldkampioenen (10) en vierde de meeste racezeges (260). Niet vreemd dus dat de F1 er gedijt. Geen race trekt meer bezoekers. Afgelopen weekeinde trokken er meer dan 300 duizend fans naar Silverstone. Ter vergelijking: bij de vorige GP in Oostenrijk was dat de helft.

Kevin Thomas (53), een elektricien uit Leeds, is een van die fans. Sinds 1991 bezoekt hij de race. Thomas haalde in Engeland het nieuws vanwege zijn eigenaardige hobby: het bouwen van F1-auto's in zijn schuur. Momenteel werkt hij aan een Caterham uit 2014, een auto die geen enkel WK-punt scoorde.

De keuze voor een 'trage' auto is een bewuste, zegt hij. Onderdelen van Formule 1-auto's zijn lastig te vinden. Het stuurtje en de voorvleugel vond hij bij een verzamelaar uit Australië. Soms is hij maanden op zoek naar één specifieke wielbout. En hoe populairder de auto, hoe prijziger het onderdeel. Hij schat dat hij nu een kleine 70 duizend euro heeft uitgegeven aan zijn Caterham.

'Daar kan ik inderdaad een leuke BMW van kopen', zegt Thomas lachend. 'Maar er zijn meer mensen met een BMW. Bijna niemand heeft een F1-auto. Ik wil vooral niet dat deze auto's in de vergetelheid raken', zegt hij. 'Het zijn stuk voor stuk kunstwerken. De technologie is fascinerend. Zelfs in het kleinste onderdeeltje zitten honderden manuren.'

Brexit-spook

Thomas' passie voor de raceklasse contrasteert met de populariteit van F1 in de rest van de wereld. Sinds 2008 verloor de sport een kwart van haar mondiale publiek, oftewel zo'n 200 miljoen tv-kijkers. De belangrijkste oorzaak? De sport is ontoegankelijk geworden op het gebied van de regels, de technologie en ook het racen.

Kenners verwijten de Formule 1 dat de sport verstrikt is geraakt in het eigen, kleine en grotendeels Britse wereldje. De meeste monteurs en technici zijn Brits, geschoold in Motorsport Valley en vaak al decennia actief in de Formule 1. Hetzelfde geldt voor de teambazen. Een van hen is Christian Horner, Max Verstappens chef bij Red Bull.

Horner erkent dat de F1 een klein wereldje is, maar dat geldt volgens hem voor de top van elke grote industrie, zegt hij op Silverstone. Toch erkent hij dat de uitdagingen voor de F1 talrijk zijn. Wereldwijd en in de UK.

Zo waart het Brexit-spook door de raceklasse. Jaarlijks steken de teams voor Europese races (dit seizoen zeven) het Kanaal over. Nu verloopt die verplaatsing van materiaal en personeel relatief rimpelloos. Dat zal na de Brexit wel anders zijn. Hetzelfde geldt voor de verstrekking van werkvisa voor Europese technici.

Maar Horner verwacht niet dat de in Engeland gevestigde teams binnen afzienbare tijd verhuizen. Horner: 'Nergens is zoveel kennis als in Motorsport Valley. Dat blijft zo. We hebben hier onze voorraden, composieten, metalen en een netwerk van aanleveringsbedrijven, waarmee we werken. Brexit heeft ons op nog geen enkele manier geraakt. Sterker: dankzij de devaluatie van de pond krijgen we veel meer ponden voor onze euro's.'

Lees verder onder de foto.

Start van de race op Silverstone, 16 juli. Foto getty

Dicht op de sport

Toch werd vorige week bekend dat Silverstone vanaf 2019 waarschijnlijk van de F1-kalender verdwijnt. Ondanks de honderdduizenden Britten die jaarlijks het circuit bezoeken, maakt de GP verlies. Volgens de eigenaren de afgelopen twee jaar 8,6 miljoen euro. Reden voor de malaise is het megabedrag dat het circuit elk jaar overmaakt naar de F1 om de race te mogen organiseren. Dit jaar zou dat naar verluidt een kleine 20 miljoen euro zijn.

Volgens de circuitleiding was het verscheuren van het contract de enige manier om de race levensvatbaar te houden. Silverstone gokt erop een betere deal te sluiten met het Amerikaanse Liberty Media, dat sinds dit seizoen de F1 bestiert. Het onderstreept dat de Amerikanen de sport opschudden. Op allerlei manieren.

Een goede zaak, vindt Horner. Hij is dankzij Silverstone verliefd geworden op de raceklasse. 'Als jongetje klom ik over het hek en sloop het circuit op om de auto's van dichtbij te zien. Die tijd is niet meer. Kijk naar deze paddock', zegt hij, terwijl hij uit het raam wijst naar de brede strook beton voor het Red Bull-gebouw. 'Er loopt helemaal niemand. Waar is de sfeer? Het moet hier vol zijn met fans. Mensen moeten dicht op de sport kunnen komen.'

Volgens Horner is F1 in de eerste plaats entertainment. 'Daarom komen mensen hiernaartoe, daarom heeft Max zoveel fans. Het is mens en machine op de limiet. Daar hoort spanning bij. Meer lawaai, minder technologie. De coureurs zijn de helden.'

Horners woorden hadden door de Amerikaanse eigenaren uitgesproken kunnen worden. Zij willen met laagdrempelig spektakel de wereld veroveren. Het wordt steeds duidelijker hoe die nieuwe koers er in de praktijk uitziet. Vorige week woensdag vond in Londen voor het eerst 'F1 Live' plaats.

De tien F1-teams gaven op Trafalgar Square een demonstratie. Het evenement trok 100 duizend fans. Volgens Horner het bewijs dat de Britse racepassie prima rijmt met de spektakelhonger uit de VS. De Amerikaanse toer kan zelfs op sympathie rekenen van een van de allergrootste Britse race-iconen: Sir Jackie Stewart, de wereldkampioen van 1969, 1971 en 1973. 'Fantastic event!', zegt hij over de Londen-demonstratie. 'De nieuwe generatie wil dit.'

Max Verstappen, met zijn 19 jaar een vertegenwoordiger van die generatie, had zich ook prima vermaakt in Londen. 'Het was mooi druk. Of dit vaker moet? Mwah, niet overal en altijd. Formule 1 moet wel een beetje bijzonder blijven.'

Een inkijkje in het imperium van de Formule 1

Met Max Verstappen is een Nederlander uitgegroeid tot een wereldster in de Formule 1, een mondiale miljardenindustrie. Maar in wat voor sport is Verstappen eigenlijk succesvol? De Volkskrant bezocht dit seizoen de races in Engeland, Italië, Maleisië, Japan en Amerika om de verschillende gezichten van de raceklasse door te lichten. Lees op onze Formule 1-pagina over het verleden, heden en de toekomst van Verstappens wereld.