In Gültstein worden alle sporen uitgewist

De uitverkoop bij de opgedoekte wielerploeg Gerolsteiner trekt honderden bezoekers. ‘Wil meneer er ook de epo-spuiten van Schumacher bij hebben?’..

Robèrt Misset

Scheld de eenzame wielrenner in de bossen rond Böblingen niet uit als je zijn naam op de fiets ziet staan. Hij is niet de Duitse profrenner, die twee etappes in de Tour de France won en twee dagen in de gele trui reed, alvorens ook hij als dopingzondaar werd ontmaskerd. Weet Falk Rübling veel, als hij zaterdagochtend tijdens de uitverkoop bij het opgedoekte Gerolsteiner de enige fiets in zijn maat (56) heeft gevonden?

Hij aait het carbonframe zonder wielen als de violist een Stradivarius en haalt 2900 euro cash tevoorschijn. Bij de kassa ontstaat plotseling grote opwinding. ‘Weet u wel van wie deze fiets is geweest?’

Rübling blijkt een fiets van Stefan Schumacher uit het rek te hebben gehaald en wordt met hoon overladen. Of meneer er ook de bijbehorende epo-spuiten bij wil hebben?

Buiten voor de opslagplaats van Gerolsteiner wordt Rübling besprongen door de media. Je zult maar vrolijk een ritje gaan maken op de fiets van de man die het Duitse wielrennen in een diepe crisis heeft gestort. Maar de nietsvermoedende amateurrenner geeft geen krimp. ‘Ik neem wel enig risico met een fiets van carbon’, zegt Rübling. ‘Een val en het ding is kapot. Maar ik hoef er geen Tour op te fietsen.’

De vorige eigenaar fietst voorlopig helemaal niet. De kerkklok in het Duitse dorpje Gültstein slaat negen keer als voor alle renners van de Duitse ploeg Gerolsteiner ook symbolisch het einde van een tijdperk wordt ingeluid. Een paar honderd mensen verdringen zich voor de ingang van de zaak, waar de inboedel van het opgedoekte team wordt verkocht.

Als warme broodjes vliegen de frames van carbon, inkoopprijs tussen 2500 en 3500 euro, over de toonbank. Een medewerker van Gerolsteiner prijst de vaseline en de massageolie van de renners aan. ‘Dankzij klootzakken als Kohl en Schumacher ben ik mijn baan kwijt’, zegt hij. ‘Hoewel de sponsor al voor de Tour had aangegeven te stoppen, hebben zij het met hun dopegebruik definitief verpest.’

Op een teamfoto van Gerolsteiner is over het portretje van Schumacher een zwart kruis gezet. Ergens op een plank staat een koffertje met rugnummer 115 van Bernard Kohl, nummer drie en tevens de bergkoning van de Tour, die twee weken geleden opbiechtte dat hij de nieuwste epo-variant (cera) heeft gebruikt.

Het was voor teammanager Hans Michael Holczer het sein om er de brui aan te geven. In het nabijgelegen Herrenberg houdt de 54-jarige Holczer zijn fietszaak aan, vandaag moeten in Gültstein alle sporen van tien jaar Gerolsteiner worden uitgewist. ‘Ik heb vijftien maanden vergeefs gezocht naar een andere sponsor’, vertelt Holczer. ‘Ik had geen andere keuze dan de boel te verkopen.’

Holczer is boos en verbitterd. ‘Ik kan niet genoeg benadrukken dat ik niets te maken had met de dopingpraktijken in het team. Desondanks neem ik mijn verantwoordelijkheid, een groot verschil met vele collega’s. Ik had diverse functies in het profwielrennen, maar ik ben overal mee gestopt.’

Holczer wil de dopegebruikers Kohl en Schumacher aanklagen. ‘Het gaat me niet om het geld. Ik wil uitvinden hoe ze aan die doping zijn gekomen en welke figuren er achter zitten. Leugens heb ik voldoende aangehoord, nu wil ik de waarheid weten.’

Een jochie in het blauwe tenue van Gerolsteiner bekijkt een zadel van 65 euro. Naast hem vecht Holczer tegen zijn tranen. ‘Deze uitverkoop raakt me diep. Ik heb de laatste tweeënhalf jaar alleen ergernis, schandalen en verdachtmakingen meegemaakt. Het frustrerende is dat ik de ideale crisismanager ben. Maar dit was niet vol te houden, ik ben er letterlijk ziek van geweest.’

Tussen het kooplustige publiek brengt Ronny Scholz een ode aan de opgedoekte wielerploeg. Acht jaar heeft hij voor Gerolsteiner gefietst. Hij betast de frames in de rekken als een gestorven geliefde.

Scholz: ‘Als ik zo rondloop, komen alle herinneringen naar boven. Van de massagebanken waarop ik gelegen heb tot de wielen en de velgen. Het is triest dat het zover gekomen is. Ik ben gekomen om te helpen, ik weet hoe zwaar deze dag is voor de manager en de vroegere mecaniciens.’

Teammanager Holczer vreest het einde van het profwielrennen in Duitsland. ‘Slechter dan nu kan het imago niet zijn. Ik vrees dat het klimaat zo is verpest dat niemand er nog geld in wil steken.’

Wel in Gültstein, waar een jonge Duitser zijn droom in vervulling ziet gaan. Aan de kassa telt hij een enorme stapel bankbiljetten voor een tijdritfiets, inclusief dicht achterwiel. ‘Ik was een verdienstelijke amateur tot een zwaar ongeluk aan alles een einde leek te maken’, zegt hij. ‘Nu wil ik het op deze fiets opnieuw proberen. Die had ik anders nooit kunnen betalen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden