In een zeilkar scheuren over het strand van Sil

Het mooiste strand van Europa ligt nabij Paal 8, bij West aan Zee. Voorbij Arjensduin, Doodemanskisten en Studentenplak, langs een aantal cranberry-veldjes, aan het eind van fietspad Longway, ontvouwt zich een panorama dat zijn weerga in Nederland niet kent....

ROLF BOS

Van onze verslaggever

Rolf Bos

TERSCHELLING

Het is weer voor hete chocolademelk en de zaterdagkrant in een beschut strandpaviljoen, maar die luxe is ons vandaag niet vergund. In de verte, aan de rand van zee en strand schieten zeilkarren heen en weer: het Nederlands Kampioenschap strandzeilen op Terschelling.

Niet alleen voor ons, maar ook voor de geharde strandzeilers zijn de elementen vandaag misschien iets tè extreem. De wind blaast met kracht zes, zeven over het strand. De karretjes schieten met 90, 100 kilometer per uur langs. In een paar seconden van nul naar honderd, accelereren zonder herrie. De lokale politie meet met een radar-gun, maar schrijft geen bonnen.

Het publiek kan slechts in de luwte van een oude caravan enige beschutting vinden. Het dapperst is de man met zijn zwart-wit-geblokte Formule 1-finishvlag. Hij trotseert aan het eind van elke race de vliegende storm. Leunend tegen de wind vlagt hij midden op het open strand de zeilwagens af.

Surrealistisch pauzebeeld: de driewielers liggen als prehistorische vogels op hun kant in het zand. De piloten lopen er tussendoor, veranderen nog wat aan de trim van hun zeilen, bestuderen de smalle wielen. Anderen scheppen zand in hun kar - met deze wind is extra ballast gewenst, anders, zo horen we roepen, 'ga je geheid de lucht in'.

Mooi volk, deze strandzeilcoureurs. In de vliegende noordwester ogen ze als soldaten van generaal Rommels Afrika-korps na een lange zandstorm. In oude droogpakken gekleed, met stevige rubberen handschoenen om de handen, met allemaal een ander type helm op het hoofd. Stof- of skibrillen voor de ogen, de huid van het gezicht rood geschuurd door het zand.

Bestaat er in Nederland een kleinere sport dan het strandzeilen? We betwijfelen het. Er zijn honderd liefhebbers die met een zeilkar met enige regelmaat over het strand snellen. Van hen zijn er dertig actief bij wedstrijden, die steevast hier, op het strand van Sil de Strandjutter, worden gehouden. Want vriend en vijand zijn het erover eens: er is geen mooier zeilstrand in de wereld dan dat van Paal 8 bij West aan Zee.

Het wekt dan ook enige verbazing dat er pas sinds 1990 een strandzeil-club op Terschelling bestaat, met, vertelt lid Jan Bloem, zo'n 35 leden. 'Niet alleen van Terschelling zelf, ze komen ook van de wal.' De naam van de vereniging, het is geen verrassing, luidt Brandaris. Jaarlijks wordt een NK gehouden, vorig jaar waren de Europese Kampioenschappen hier nog op het strand.

De enige andere strandzeilvereniging van het land huist in Noordwijk, vertelt Floor Lagerwey, voorzitter van de 27-jaar oude Nederlandse Strandzeil Federatie. De Noordwester is groter dan de Brandaris, maar beschikt niet over zo'n geweldige racebaan. Sinds het strand bij IJmuiden 'gereconstrueerd' is, is het daar minder groots zeilen.

Strandzeilers mogen alleen met een speciaal brevet in de wagen, anders wordt door de politie subiet proces-verbaal opgemaakt. Want de snelheden die deze piloten kunnen ontwikkelen liggen hoog. Het strandzeilseizoen begint uiteraard pas in september, wanneer de 'meeste Duitsers' huiswaarts zijn.

Strandzeiler Bob Köhler: 'Tegenwoordig moet je eerst lessen volgen, voordat je een brevet kunt krijgen. Het is belangrijk dat je de nodige rij-ervaring hebt, dat je een stopgijp kunt maken. Want strandzeilen is niet ongevaarlijk.'

Leendert Vink, vorig jaar Nederlands kampioen, maar dit jaar kansloos, want te lichtgebouwd voor dit zware weer: 'Je breekt eens een mast, je knalt eens tegen een paaltje of een verzonken olievat, maar bij de voetballerij gebeurt meer.' Leenderts vader, Hans Vink, en ook piloot: 'Je staat elkaar hier niet naar het leven.'

Later horen we overigens het verhaal van 'de Franse kampioen' die bij een wedstrijd de briefing vooraf miste, en daardoor bij een boei in plaats van, zoals afgesproken, naar zee te draaien, precies andersom keerde. Hij reed met grote snelheid de rest van het veld tegemoet. 'Dood.'

Strandzeilen. Dan weer een term uit de zeilerij ('overstag'), vervolgens een woord uit de luchtvaart ('piloot'), aangevuld met een begrip uit de Formule 1-racerij ('Ik rijd in een fabriekswagen'). Dat strandzeilen kenmerken van zeilsport en autoracen herbergt ligt voor de hand - de karren zijn nu eenmaal supersnelle zeilboten op wielen. De luchtvaart-achtergrond is echter vooral een historische, vertelt Lagerweij.

'Louis Blériot, de luchtvaartpionier, ontwikkelde al zeilwagens aan het begin van deze eeuw. Hij zette er piloten in om ze te laten wennen aan wind en snelheid.' Vandaar de begrippen 'brevet' en 'piloot'. In Frankrijk herinnert de naam van het strand Blériot-plage nog immer aan deze periode.

In Frankrijk is de strandzeilerij een grote sport, met zesduizend actieve beoefenaars. Ook in 'bakermat' België zijn veel strandzeilers. De sport bestaat daar over twee jaar precies honderd jaar. De gebroeders Dumont experimenteerden in 1898 voor het eerst met een 'kinderwagen met een zeil erboven'. De Belgen gaan daarom in 1998 het wereldkampioenschap organiseren.

Lagerwey grijnst als het Belgische eeuwfeest ter sprake komt: 'Dus organiseren wíj het WK in het het jaar 2000. Want dan is het precies 400 jaar geleden dat wiskundige Simon Stevin met zijn vierwieler over het Hollandse strand zeilde. Daar zijn nog oude gravures van.'

Dat Paal 8 zo'n groot evenement aankan, bewees het 'Euro' van vorig jaar. Nog steeds wordt er tijdens de borrel - het-achteraf-het-glas-heffen is een zéér belangrijke bezigheid in deze tak van sport - met veel genoegen over dit evenement gesproken.

De wedstrijden zijn een lust voor het oog, dat overigens wel lijdt vanwege de vele zandkorrels die door de wind over het strand gejaagd worden. De start: De wagens (er wordt gestreden in vier klassen) staan schuin opgesteld. Bij een fluitsignaal duwen de piloten hun zeilkarren in de juiste richting. Net als bij de autoracerij gebeuren dan veel ongelukken. Twee driewielers worden omver geblazen, met de masten innig ineengestrengeld. De piloten kruipen over het zand. Helpers snellen toe.

De strandzeilers die wel wegkomen, maken een grote lus, van boei tot boei. Er wordt twintig minuten gereden. Wie het snelst rijdt, krijgt het minste aantal punten. In totaal wordt zesmaal gestart. Net als bij de traditionale zeilerij, mag het slechtste resultaat worden weggestreept. Winnaar is hij (er zijn bijzonder weinig vrouwen die strandzeilen) die de minste punten heeft behaald.

Andere spelregel: rechts heeft voorrang. Hier geen ingewikkelde zeilwetten.

Intussen is de wind verder aangewakkerd. Hagel klettert op de helmen der piloten. Met de storm mee schieten de karretjes met grote vaart voorbij, het kruisen tegen de wind gaat echter steeds zwaarder. De echte diehards gaan door, enkele anderen vallen letterlijk om en geven op.

'Mooi-weer-zeilers', schampert het publiek en zoekt zelf vervolgens ook de borrel op.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden