Nieuws

In een tunnel van geluid vindt Alaphilippe laatste restje zuurstof voor tweede wereldtitel

Op een loodzwaar, 268 kilometer lang parcours met liefst 42 korte maar felle klimmetjes, kwam Julian Alaphilippe zondag als eerste over de finish in Leuven en prolongeerde zo zijn wereldtitel. Hij is daarmee de eerste Franse wielrenner die dat klaarspeelt.

Julian Alaphilippe ziet al zijn aanvalslust beloond met de wereldtitel. Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Julian Alaphilippe ziet al zijn aanvalslust beloond met de wereldtitel.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Vier furieuze aanvallen op evenzovele korte, maar steile hellingen in Leuven waren zondag genoeg om een waar Belgisch volksfeest grondig te bederven. In het hol van de Vlaamse leeuw werd niet, zoals zo vurig werd gehoopt, Wout van Aert, maar een wielrenner uit Frankrijk wereldkampioen op de weg.

Op ruim een halve minuut pakte Dylan van Baarle het zilver na een sprintje tussen vier murw gereden achtervolgers. Het was de eerste keer in 24 jaar dat een Nederlander na de wegwedstrijd het WK-podium beklom. In 1997, in San Sebastian, was Léon van Bon derde. Dit jaar was het brons voor de Deen Michael Valgren.

Kippenvel

Het WK op de weg liep zo uit een deceptie voor de Belgische ploeg die met Van Aert de topfavoriet in huis had om het massaal opgekomen thuispubliek te bekoren. Dat schreeuwde de renners in het blauw met het rood, geel zwart op de borst hartstochtelijk toe. Het was een tunnel van geluid waar renners, na anderhalf publiekloze jaren, kippenvel van kregen.

De Belgen kwamen niet in de buurt van de regenboogtrui. Er was niet eens een medaille. Jasper Stuyven kwam in zijn eigen stad niet verder dan de vierde plaats, Van Aert kwam als elfde over de streep.

De 29-jarige Alaphilippe, die rijdt voor het Belgische Deceuninck-QuickStep, gold als een outsider voor de regenboogtrui. Het afgelopen jaar was voor hem net wat minder succesvol verlopen dan het vorige seizoen dat hij in Imola met zijn eerste wereldtitel afrondde.

Met nog 53 kilometer te gaan naar de finish in universiteitsstad Leuven was een kopgroep van zeventien renners ontstaan, vrijwel uitsluitend gevuld met renners die vooraf waren getipt als opvolger van Alaphilippe. Maar al snel werd duidelijk dat de Fransman zelf, in gezelschap van twee landgenoten, Valentin Madouas en Florian Sénéchal, de sterkste man in koers was.

Vlijmscherp

Vijftien kilometer had hij nog af te leggen, toen bleek dat hij het beste voor het laatst had bewaard. Vlijmscherp en vol risico ging hij door de haakse bochten, voluit reed hij tegen de hellingen omhoog. Achter hem smoorden zijn landgenoten pogingen om hem te achterhalen in de kiem. Tot een paar honderd meter voor de streep keek de man met rugnummer 1 achterom, onzeker van zijn zaak. De wegwedstrijd bij het WK werd immers zonder zogenoemde oortjes gereden. Alaphilippe wist zo niet dat hij steeds een veilige voorsprong van een halve minuut had.

Na de race zei hij nog tijd nodig te hebben om te beseffen dat hij nog een jaar de regenboogtrui zal dragen. Hij had er stilletjes al vrede mee gehad dat hij hem zou moeten afstaan. Er bij voorbaat in berusten, was er niet bij. ‘Ik heb keihard gewerkt. Ik was er klaar voor.’ Dat hij na zijn reeks versnellingen in zijn eentje was overgebleven, was voor hem een verrassing geweest. Binnen de ploeg had hij een vrije rol. ‘Ik viel aan omdat ik hier niet was om het op een sprint te laten aankomen. Dat heeft wel pijn gedaan. Ik heb echt alles gegeven.’

Berusting

In het Belgische kamp overheerste berusting. Van Aert verklaarde dat hij na een eerste aanval van Alaphilippe op de steile Smeysberg ontdekte dat hij niet de scherpte had om wereldkampioen te worden. Toen de groep kanshebbers naar Leuven ging, met daarin Remco Evenepoel en Stuyven, had Van Aert nog de hoop het zelf kunnen afmaken. Maar terug op de hellinkjes in de stad, voelde hij de benen leeglopen. Over de strategie van de Belgen was hij tevreden. ‘We hebben onze verantwoordelijkheid genomen en de anderen laten afzien. Maar Alaphilippe was de sterkste. Hij heeft gedemarreerd totdat niemand meer meekon.’

Evenepoel, het grote aanstormende talent, logenstrafte speculaties dat hij voor eigen kans zou gaan rijden. Hij sleurde in dienst van Van Aert en Stuyven lang aan kop, op een snelheid die iedereen de lust tot aanvallen benam, om zich op 26 kilometer van de streep opzij te zetten. ‘Het was eigenlijk het perfecte scenario voor ons. We hadden het echt verdiend. Maar de jongen met de beste benen is weggereden.’

Het Belgische publiek begreep dat er geen redden meer aan was. De dragers van de voornamen die ze op vrijwel het volledige parcours hadden gekalkt, Wout, Remco, Jappe, moesten het afleggen tegen de ontketende Fransman. Het boegeroep dat hem aan het begin van zijn solo had vergezeld, verstomde toen duidelijk werd dat een nieuwe regenboogtrui hem niet meer kon ontgaan. Alaphilippe: ‘Ik merkte dat het publiek wilde dat ik vertraagde. Het heeft me alleen maar meer gemotiveerd.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden