EK Indoor 60 meter horden

In een roes snelt Nadine Visser naar de Europese titel op de 60 meter horden

In de series en de halve finale waren er nog schoonheidsfoutjes, maar in de finale komt niemand in de buurt van de agressieve Nadine Visser. In een vlekkeloze race pakt ze de Europese titel.

Nadine Visser wint de 60 meter horden tijdens het EK Indoor Atletiek 2019 in Glasgow. Beeld ANP

Nadine Visser likt aan haar vingers, springt een paar keer op en neer en neemt dan plaats in het startblok. De 60 meter tussen start en finish, de vijf horden van 84 centimeer die ze over moet: bij de EK indoor atletiek in Glasgow gaat zondagavond bijna alles als vanzelf.

Visser merkt niet dat ze onmiddellijk de leiding neemt en die in krap 8 seconden alleen maar verder uitbouwt. ‘Ik had pas op de streep door dat er niemand naast me lag.’ 7,87 staat er op het scorebord. Uittredend Europees kampioene Cindy Roleder volgt op eentiende seconde, een eeuwigheid in sprinterstermen.

De race naderde de perfectie. Juist omdat ze er zich weinig van kon herinneren, moest het wel vlekkeloos gegaan zijn, was haar redenering. Dat was anders in de series van zaterdagmorgen, toen ze de eerste horde toucheerde, en bij de halve finale op zondagochtend toen ze het laatste hekje aantikte. Het waren foutjes die ze bijna uit nonchalance had gemaakt, zo ontspannen was ze. ‘In de finale was ik agressiever.’

Het is de eerste internationale titel voor de 24-jarige Hoornse. Toch was ze van tevoren de favoriet. Dat vond ze zelf ook. Niet omdat ze vorig jaar bij de WK derde werd achter twee Amerikaanse atleten, als beste Europese, maar omdat ze zich zo sterk voelde in de aanloop naar de EK en tijdens het toernooi. ‘Ik vond dat ik moest winnen. Die druk legde ik mezelf op.’

Zenuwachtig werd ze wel van de hoge verwachtingen, merkte Charles van Commenée, technisch directeur van de Atletiekunie. ‘Ze was nerveuzer dan we haar kenden. Ze ging hier toch als favoriet van start. Dat had ze nog niet eerder meegemaakt.’

Tijdens de EK moest Visser drie keer in actie komen, op zaterdagochtend, zondagmorgen en uiteindelijk zondagavond voor het slotstuk. Tussendoor lag ze zo veel mogelijk in bed. De nacht van vrijdag op zaterdag sliep ze zelfs 10,5 uur. Overdag lag ze in bed op een laptopje tv-series te kijken. Rusten was het toverwoord.

Zondagmiddag lag ze weer in bed, maar rustig was ze niet. En die onrust verdween ook niet, zoals meestal, bij de warming-up. Ze nam die mee de baan op en stond te prutsen bij het afstellen van het startblok. Ook de proefstart die ze deed, ging moeizaam. ‘Kom op, doe eens normaal’, sprak ze zichzelf toe.

Uiteindelijk stonden de zenuwen haar prestatie niet in de weg. ‘Ik had niet eerder meegemaakt dat ik zo nerveus was, maar des te fijner is het dat ik het wel heb gedaan. Hopelijk zijn dan een volgende keer de zenuwen minder.’ En als ze niet minder zijn, dan is de les tenminste dat ze er niet bang voor hoeft te zijn, concludeerde Van Commenée. ‘Hopelijk gaat ze nog vaker als favoriet van start, en nu weet ze als dat zo is, ze daardoor niet langzamer gaat.’

Volgens haar coach Bart Bennema was het noodzaak dat ze Glasgow met goud zou verlaten. ‘Deze kans lag voor het grijpen en die krijg je misschien niet meer. Dit had ze nodig.’ Zo’n eerste internationale titel kan als katalysator werken naar meer succes, omdat het goed is voor het zelfvertrouwen.

Visser is al een aantal seizoenen aan een gestage opmars bezig, eerst als meerkampster, maar van die discipline nam ze afgelopen zomer afscheid om zich te specialiseren (net als Dafne Schippers eerder deed). Ze had er al een tijdje tegenaan zitten hikken, maar haar derde plek op de WK indoor van vorig jaar gaf het laatste zetje. Sindsdien is ze hordeloopster en maakt ze af en toe een uitstapje naar de sprint.

Ze vierde haar Europese titel niet heel uitbundig. Hoewel ze het over ‘een ontlading’ had, was daar weinig van te merken. Zo is Visser, vertelde Van Commenée: serieus en nadenkend. Niet alleen op een toernooi, maar altijd. ‘Ze is iemand die elke dag heel geconcentreerd haar werk doet. Ze verspilt geen tijd. Ze heeft een hoger dan gemiddeld gevoel van urgentie. Ze neemt het uitermate serieus.’

Opvallend, zo doceerde Van Commenée, is bovendien haar fysieke talent. ‘Als je haar ziet staan, denk je dat ze een frêle meisje is, maar die eerste aanblik zet je op het verkeerde been. Ze is een van de sterkste atleten.’

De zege was een opsteker, vond Van Commenée. Niet alleen omdat het een klinkende titel was, maar omdat Vissers tijd vergelijkbaar was met die op de WK van vorig jaar (7,84). Dat klinkt vreemd, want sporters willen altijd beter, niet blijven hangen. Maar Visser heeft de ogen niet op de 60 meter, maar de 100 meter horden gericht. Daar wil ze doorbreken.

Uit analyses van haar wedstrijden van het afgelopen outdoorseizoen was gebleken dat ze tijd liet liggen tussen de zevende en tiende (en laatste) horde. Daar had ze de afgelopen maanden haar trainingen op afgestemd. ‘Het is mooi om te zien dat het eerste gedeelte daar niet onder lijdt.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.