Nieuws

In de stallen van de Dutch Masters voelt het nog onwennig, maar in de bak is het als vanouds

Vorig jaar ging twee uur voor aanvang van de Dutch Masters een streep door het programma. Ook dit jaar waren er zorgen – naast corona heerst ook een paardenvirus – maar er werd volop gesprongen, én gedroomd over Tokio.

Willem Greve met Carambole in actie tijdens de Dutch Masters in de Brabanthallen in Den Bosch. Beeld ANP
Willem Greve met Carambole in actie tijdens de Dutch Masters in de Brabanthallen in Den Bosch.Beeld ANP

Als de 17-jarige hengst Carembole een mens was, dan was het een ‘vriend voor het leven’, zegt springruiter Willem Greve zondagmiddag. Al acht jaar lang rijden ze topwedstrijden. ‘Dit paard betekent zo veel voor mij. Alles. Het is niet te beschrijven hoe dierbaar hij me is.’

Daarom is de 38-jarige Greve zo verrukt als hij foutloos het parcours bij de Dutch Masters, voorheen Indoor Brabant, afrondt en zich als enige Nederlander plaatst voor de barrage. Ook daar vliegen hij en Carembole zonder de hindernissen aan te tikken naar de finish. Weer foutloos. Omdat hij trager is dan de vier andere ruiters die daarin slagen, eindigt Greve als vijfde.

De Oostenrijker Max Kühner wint. Hij is met Elektric Blue P slechts 0,17 seconde sneller dan Marlon Modolo Zanotelli uit Brazilië. Derde wordt de Duitser Christian Kukuk.

Het had sneller gekund, geeft de 38-jarige Twentenaar na afloop toe. Aan het begin van het parcours had hij feller kunnen zijn. Maar dat is achteraf gepraat, vindt hij. De vijfde plaats voelt heerlijk. ‘Dit is toch een beetje het Wimbledon of Roland Garros van het springen.’

Verrast was Greve niet over de vorm waarin zijn paard. In 2016 werd de combinatie al eens derde in Brabant. En ondanks zijn voor toppaarden gevorderde leeftijd is Carembole niet minder geworden. ‘Als ik voel dat hij goed in zijn vel zit, weet ik dat hij alles kan.’ Wel moet Greve tegenwoordig de wedstrijden met Carembole veel meer doseren.

De ruiter had uitgezien naar de wedstrijd in Den Bosch, nadat de springsport begin maart volledig was stilgelegd na een uitbraak van de dodelijke virusziekte rhinopneumonie bij wedstrijden in Valencia. Zo had de sport plots met twee gevaarlijke virussen te kampen: covid-19-dreiging bij de ruiters en deze paardenziekte die in het ergste geval verlamming kan veroorzaken.

De Dutch Masters, eigenlijk gepland voor half maart, werden uitgesteld. Het was een opluchting voor de organisatie dat het geen afstel werd. Vorig jaar was het toernooi een van de eerste grote Nederlandse sportevenementen die vanwege corona werden afgeblazen. Slechts twee uur voordat de Masters zouden beginnen, ging er een streep door.

Toch had de rhinopneumonie nog steeds zijn impact in Den Bosch. Zoals er door corona geen publiek aanwezig mocht zijn en iedereen die er beroepsmatig was op anderhalve meter van elkaar moest blijven, gold dat ook voor de paarden. Afstand houden was het devies. Om die reden waren de stallen verder uit elkaar opgebouwd dan gebruikelijk. Dat kon omdat er door het ontbreken van publiek meer ruimte beschikbaar was.

Zo was het voor ruiters en paarden allemaal wat anders dan normaal, maar in de bak doet dat er allemaal niet toe, vertelt Greve. Daar heerst dezelfde wedstrijdspanning. En misschien zelfs nog wat meer, want door de verschuiving op de kalender was het deelnemersveld iets sterker dan gebruikelijk.

Wel ontbrak Maikel van der Vleuten, op plek 16 de hoogstgeplaatste Nederlander op de wereldranglijst. Routinier Jeroen Dubbeldam zou meedoen, maar meldde zich vlak voor het begin van het toernooi af.

Slechts 89 dagen voor de start van de Spelen van Tokio doemt de vraag op of Greve met zijn uitstekende rijden in Den Bosch voorsorteert op een olympische selectie. Volgens de ruiter, die nog nooit aan de Spelen deelnam, is dat nog niet aan de orde. ‘Ik heb 0,0 procent aan Tokio gedacht vandaag.’

Ook de aanwezige springbondscoach Rob Ehrens keek niet op die manier naar de wedstrijd van zondag, zegt hij. ‘Dit was vooral om de ruiters weer eens te zien.’

De beslissing voor de vier combinaties van ruiter en paard die mee mogen naar Tokio valt pas later. De deadline voor Ehrens’ keuze is op 5 juli. Hij zal de komende tijd veel wedstrijden bekijken, maar met name de landenwedstrijden in Sankt Gallen (3-6 juni), La Baule (10-13 juni) en Rotterdam (2 juli) gebruiken als testmomenten.

Ehrens staat voor een moeilijke puzzel, weet Greve, die zelf nog nooit op de Spelen was. ‘We hebben superruiters, maar we hebben het niet breed qua paarden.’ Vijf jaar geleden, bij de Spelen in Rio, liep Nederland voor het eerst sinds 1992 een olympische medaille mis. De situatie is nu niet veel veranderd.

Toch zou in Tokio de draad weer kunnen worden opgepakt, denkt Ehrens, mits het allemaal meezit. ‘We zitten er dicht tegenaan.’ Veel zal afhangen van de komende maanden, als de beste ruiters en paarden hun olympische vorm zullen zoeken. Ook Greve hoopt die te vinden, maar wil zich het hoofd niet op hol laten brengen. ‘Ik blijf rustig.’

En Carembole? ‘Ik houd daar geen rekening mee’, zegt Greve. In Tokio moet drie dagen achter elkaar – in de hitte – worden gereden. ‘Ik weet niet of hij dat aankan.’ Toch glinsteren Greves ogen bij de gedachte. ‘Met hem naar de Spelen... Dat zou fantastisch zijn.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden