In België is veldrijden topsport én folklore

Natuurlijk is veldrijden topsport. Ga maar kijken naar het WK in Zolder. Zondag is de hoogmis: de Belgen tegen de rest van de wereld. Met Sven Nys, de hoop van Vlaanderen, tegen Mathieu van der Poel, de titelverdediger.

null Beeld Klaas Jan van der Weij
Beeld Klaas Jan van der Weij

Hugo Camps zegt dat veldrijden hem doet denken aan '14-'18. Dat klinkt als een flinke gedachtesprong. Aan de ene kant een sport die 'in mayonaise en bier is gedrenkt', zoals Camps dat zelf formuleert. Aan de andere kant een in bloed gedrenkte wereldoorlog.

De Belgische columnist is geen man die de gedachtesprong schuwt en hij heeft een rijke woordenschat als polsstok. Sprekend over veldrijden heeft hij het bijvoorbeeld over wreed labeur, over onherbergzame landschappen en over slijk. Natuurlijk heeft hij het over slijk. Als de ploeterende veldrijder en de arme frontsoldaat in één woord te vangen zijn, dan is het slijk.

De beste plek daarvoor is Zonnebeke in het zuidwesten van België. Daar werd twee weken geleden de Kasteelcross verreden. Na de start in de Berten Pilstraat draaide het pelotonnetje het park van het plaatselijk kasteel in. Dat park is gewijd aan de Eerste Wereldoorlog. Meteen rechts staat een museum dat herinnert aan de Slag van Passendale, in de naslagwerken omschreven als een hel van modder en vuur.

Verderop hebben alle betrokken naties een eigen herinneringstuin ingericht. Mijn laarzen zuigen zich vast in het slijk bij het lezen van een huiveringwekkend oorlogsgedicht over opbloeiende rozen en de onbarmhartige dood, opgetekend door frontsoldaat Ernst Stadle. Ter hoogte van de Duitse herinneringstuin zal de Belgische koploper Diether Sweeck straks onderuit gaan. In datzelfde slijk.

'Buitenaards'

Begin dit jaar schreef Hugo Camps in NRC Handelsblad een kwade column over de minachting van Nederland voor het veldrijden. Altijd maar dat eeuwige schaatsen in de wintermaanden en tegenwoordig ook nog eens een gekkigheid die ze darts noemen. Nooit oog voor echte sport, voor de kracht en de acrobatiek die cyclocross vereist, nota bene met Nederlanders op dit moment in de hoofdrol.

Camps, zelf als kind vermoedelijk gedrenkt in een badje lyriek, geeft hoog op van de Nederlandse wereldkampioen Mathieu van der Poel, een jongeman van net 21 jaar. Zijn gezicht is dat van een engel, zijn talent is alleen vergelijkbaar met dat van de jonge Johan Cruijff. 'Buitenaards', verzucht Hugo Camps in stille bewondering. Onvergeeflijk dat diens landgenoten er achteloos aan voorbij gaan.

Dit weekeinde verdedigt Mathieu van der Poel zijn wereldtitel. Naast hem gaat Lars van der Haar bovendien van start als outsider. Het is de enige wedstrijd van het jaar waarmee een Nederlandse veldrijder echt in het nieuws kan komen. De rest van het jaar speelt zijn sport zich af in de marge van de media.

Zoals de Eerste Wereldoorlog een eeuw geleden aan de Nederlandse grens voorbijtrok, zo houdt veldrijden op een volksport te zijn ter hoogte vaan Hazeldonk. Twee jaar geleden werd het WK in Hoogerheide gehouden, net aan deze kant van de grens. Vlaams was twee dagen de voertaal.

Een zondag in Zonnebeke is koersen, juichen voor Sven Nys en een pintje. Beeld Klaas Jan van der Weij
Een zondag in Zonnebeke is koersen, juichen voor Sven Nys en een pintje.Beeld Klaas Jan van der Weij

Onbehouwen ploeteraar

Dit keer vormt Zolder het decor, net aan de andere kant van de grens. Naar verwachting 65 duizend toeschouwers worden rond het parcours verwacht. Nu al geldt het WK veldrijden als het drukst bezochte sportevenement in België van het jaar. Nog eens anderhalf miljoen Vlamingen zullen zich voor de televisie scharen. 'En als het regent, zijn dat er twee miljoen', zegt verslaggever Carl Berteele. De weervoorspellers verwachten regen.

In de liefde voor veldrijden ziet Hugo Camps de Vlaamse ziel gereflecteerd worden. Behalve topsport is veldrijden folklore. Terwijl het wielrennen steeds meer gestroomlijnd wordt, kleeft aan de Vlaamse veldrijder nog het beeld van de Flandrien, de onbehouwen ploeteraar die zich te pletter fietst voor een grijpstuiver. Bij dergelijke symboliek is de Eerste Wereldoorlog, nog altijd een open wond in de Belgische samenleving, niet ver weg.

Veld van eer is in dat verband de veelzeggende titel van een boek dat de Vlamingen Luc Lamon en Mark Van Hamme vorig jaar schreven. In 2015 vierde het WK zijn 65-jarig bestaan. Maar de sport gaat terug tot begin vorige eeuw, vertelt Lamon. Met name in Frankrijk en België trok'cyclo-pédestre', de combinatie van fietsen en hardlopen, veel publiek. 'Een Tourwinnaar als Sylvère Maes verdiende in de winter veel geld met veldrijden.'

null Beeld Klaas Jan van der Weij
Beeld Klaas Jan van der Weij

Erik De Vlaeminck

Toch zou het tot 1966 duren voordat België zijn eerste wereldkampioen kon vieren. Aanvankelijk was de concurrentie groot. Veldrijden was in meer Europese landen een sport van belang. Voor 1966 was Frankrijk toonaangevend. Na 1966 leverde Zwitserland een reeks wereldkampioenen af. Overigens zou het tot 1981 duren voordat Hennie Stamsnijder als eerste Nederlander op de erelijst kon worden bijgeschreven.

Erik De Vlaeminck, die vijftig jaar geleden de ban brak, is een spilfiguur in het Belgische veldrijden. Eerst was hij zelf zeven keer de beste ter wereld. Daarna stond hij als bondscoach aan de basis van de huidige hegemonie.

Deze eeuw kent het veldrijden als een sport die slechts in één land serieus wordt genomen. Van de zestien wereldkampioenen zijn er tien Belgisch. Alle keren behoorde een Belg tot de top-3. Vijf keer stond het erepodium zelfs vol Belgen. Lees voor Belgen: Vlamingen. Als de Brabançonne dit weekeinde klinkt in Zolder, dan is dat voor het Vlaams gewest.

De omwenteling werd in 1994 in gang gezet. De Vlaamse kustplaats Koksijde was dat jaar volgestroomd met Vlamingen, hongerend naar succes. Zij zagen de Nederlander Richard Groenendaal op het laatste moment achterhaald worden door hun landgenoot Paul Herygers. Bij het passeren legde Herygers triomfantelijk zijn hand op de schouder van Groenendaal.

Dat gebaar is in de Vlaamse herinnering opgeslagen als een zoete wraak op Hollandse arrogantie waarvan Groenendaal als een toonbeeld gold. 'Ja, dat was wel een beetje stout van mij', stelt Herygers ruim twintig jaar later vergenoegd vast. Met Groenendaal en later Lars Boom als ongewenste buitenlanders werd het veldrijden een vehikel voor Vlaamse trots. Voor Vlaams verdriet trouwens ook. In 2000 werd Richard Groenendaal wereldkampioen in zijn eigen Sint-Michielsgestel. Achter hem zaten de Belgen Sven Nys en Mario de Clercq elkaar in de haren. Het werd een nationaal schandaal.

null Beeld Klaas Jan van der Weij
Beeld Klaas Jan van der Weij

Successen

Inmiddels lijkt zelfbewustzijn het te winnen van wrok en is het veldrijden alleen maar populairder geworden. Wat in Nederland nog altijd wordt weggezet als een gemankeerde vorm van wielrennen, is in Vlaanderen een hoog gewaardeerde sport. 'Eerst en vooral komt dat natuurlijk door de successen', zegt Herygers. 'Dat is de motor voor alles.'

Maar de successen zijn slechts een deel van het verhaal. Veldrijden is ook een sport die zich naadloos voegt in het morsige decor van het Vlaamse platteland. In tegenstelling tot wielrennen op de weg heeft wielrennen in het veld altijd zijn volkse karakter behouden.

'Met de laarzen aan het veld in, een biertje bij de biertent, een frietje bij de friettent, een worst bij de worsttent. Je favoriet aanmoedigen. Dat is en blijft de essentie van het veldrijden', zegt Hennie Stamsnijder in het onlangs verschenen naslagwerk Meesters van de modder.

In al die elementen komt de Kasteelcross aan de liefhebber tegemoet. Zelfs de laarzen komen eindelijk eens van pas in een winter die nooit winter wilde worden. Straks zal de winnaar een slijkduivel zijn, op het ereschavot geflankeerd door de mooiste meisjes van het dorp. 'Felliniaans', zegt Hugo Camps, een verwijzing naar de Italiaanse filmregisseur Fellini en zijn hang naar het burleske.

(Tekst gaat verder onder de foto).

Sven Nys in actie tijdens de Kasteelcross van Zonnebeke. De 39-jarige Belg is bezig aan zijn afscheidstournee en is nog nooit zo populair geweest. Beeld Klaas Jan van der Weij
Sven Nys in actie tijdens de Kasteelcross van Zonnebeke. De 39-jarige Belg is bezig aan zijn afscheidstournee en is nog nooit zo populair geweest.Beeld Klaas Jan van der Weij

Kermis

In Vlaanderen, en in Vlaanderen alleen, verandert de veldrit in een absurde kermisattractie. De deelnemers strijken met hun huifkarren en campers neer op het dorpsplein van Zonnebeke. Anders dan in het wegrennen geen bussen als forten of multinationals als gulle geldschieters. Dit is nog het domein van de middenstand.

Mathieu van der Poel , de winnende slijkduivel, fietst zich warm onder de luifel van een reusachtige camper. Het publiek wordt met een lint op afstand gehouden. Berne Vankeirsbilck houdt het droog in een portiek. Hij wordt ongemoeid gelaten.

Sven Nys neemt de meeste ruimte in beslag op de Langemarktstraat. De ongekroonde koning van het veldrijden is gearriveerd in een buitenformaat motorhome. Wanneer hij een kwartier voor de start tevoorschijn komt, klinkt een luid gejuich op. De 39-jarige Nys is bezig aan zijn afscheidstournee en is nog nooit zo populair geweest.

Dat gejuich zal de tweevoudig wereldkampioen ook in de wedstrijd als in een wave achtervolgen. Overal op het parcours is te horen waar Sven Nys zich in de wedstrijd bevindt. Aanvankelijk is dat in de voorhoede, maar een steentje in zijn derailleur werpt hem achteruit. Nys eindigt op ruim drie minuten van de 18 jaar jongere Van der Poel, maar het enthousiasme is er niet minder om.

Fluittoon

Vrijdagmorgen krijgt Sven Nys een nationaal tricot waarop al zijn successen in twintig jaar veldrijden staan genoteerd. Hij is teruggekeerd op de plek waar hij veertien jaar geleden derde werd op het WK, achter twee landgenoten.

Het is een zoete herinnering. 'De eerste keer dat de cross bij ons echt ontplofte: 45 duizend mensen die in je oren schreeuwden. Alleen bovenop de Sacramentsberg was het stil en zat er een fluittoon in je oren van al die aanmoedigingen. De impact van het publiek was geweldig.'

Waarschuwend: 'Ik hoop wel dat het positief blijft dit keer. In 2002 reed even een Nederlander voorop en je hoorde alleen maar boegeroep. Dat is heel vervelend, ook voor ons Belgen. De cross moet wel een feest blijven.'

De Belgische journalisten zijn even stil van die boodschap. Dan zegt Sven Nys: 'Ik neem het niet op voor de Nederlanders, hoor. Natuurlijk hoop ik dat een Belg wint.'

Mathieu van der Poel nog een jaar in de regenboogtrui?

Van favoriet naar huizenhoog favoriet, hoe houdt een sportman zich daaronder? Goed. Zie Mathieu van der Poel. Hij kent het woord stress, maar weet niet wat het betekent. Zondag staat zijn wereldtitel op het spel, maar voor hem is het een wedstrijd als de andere. 'Althans, zo benader ik het.' Natuurlijk zou het jammer zijn als hij de regenboogtrui verloor. Aan de andere kant: 'Ik heb er toch een jaar in mogen rijden.'

Vorig jaar werd Van der Poel in zijn eerste jaar als senior wereldkampioen. Als het al verrassend was, dan vooral de manier waarop. Gedurende een groot deel van de wedstrijd hield hij in zijn eentje een voorsprong, hoe gering ook, op zijn Belgische rivaal Wout van Aert. Nu kan het alleen maar tegenvallen. In de laatste veldritten was zijn wil wet. Van Aert heeft dus alle reden zich vrijdag in de rol van underdog te manoeuvreren. Mathieu van der Poel gnuift wanneer hij het hoort. Kansberekeningen zijn voor hem een woordenspel. 'Van Aert heeft zijn hele seizoen hierop afgestemd. Die zal echt wel goed zijn', zegt hij in zijn karakteristieke tongval. Zelf heeft Van der Poel de afgelopen week rust genomen, voor zover hij zichzelf dat toestaat. 'Ik ben toch twee dagen behoorlijk diep gegaan, anders word je lui.' Daarmee denkt hij net iets beter te zijn dan de afgelopen wedstrijden. 'Dat moet ook. Bij het WK moet je 110 procent zijn.' Bij die laatste uitspraak hoort een zelfverzekerde blik.

Mathieu Van Der Poel. Beeld afp
Mathieu Van Der Poel.Beeld afp

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden