'Ik heb genoeg jongens op hun rug gelegd'

Reshmie Oogink (taekwondo), Marhinde Verkerk (judo) en Jessica Blaszka (worstelen) over hun keuze te willen acteren in een vechtsport.

De Nederlandse worstelaar Jessica Blazka (rechts) tegen de Chinese Hui Li. Beeld anp

De grote poster van taekwondoka Reshmie Oogink bij de ingang van het sportcentrum in Almelo, tegenover het stadion van voetbalclub Heracles, illustreert haar status. 'Nu ben ik als enige Nederlandse deelneemster op de Spelen van Rio het boegbeeld van mijn sport. In het taekwondo draait alles om mij, het is een aparte gewaarwording. Enkele jaren geleden had ik niks toen NOC*NSF de subsidies stopzette. Ik heb overwogen om te stoppen.'

Vechten in een mannenwereld, de 26-jarige Oogink werd ermee opgevoed. 'Taekwondo is geen gebruikelijke sport voor meisjes, maar met de achtergrond van mijn ouders was het een logische keuze. Mijn Nederlandse vader had vroeger een sportschool in Apeldoorn.

Reshmie Oogink. Beeld Bastiaan Heus

Bondscoach Soung Dae Jung

'Mijn Surinaamse moeder was een beest, ze deed aan judo en taekwondo. Ik ben een kopie van haar, gemixt met het Twentse karakter van mijn vader. Hij is ook mijn trainer geweest, nu mogen papa en mama supporters zijn. Ik heb mijn eigen carrière opgebouwd.'

Ze is de regisseur van Team Oogink, met broer Michael als coach. De droom van de familie wordt in Rio gebundeld, zegt Reshmie. 'Als taekwondoka heeft Michael de Spelen niet gehaald, nu beleeft hij het als coach. Natuurlijk hebben we geregeld discussies. Ik laat me niet meer vertellen hoe het moet.' Het is de les van het verleden, toen broer en zus Oogink door de Koreaanse bondscoach Soung Dae Jung de verkeerde richting werden opgeduwd. 'Ik vond Soung een klootzak. Ik heb onder zijn leiding jaren verkeerd getraind. Als ik toen had kunnen trainen zoals ik nu doe, wil je niet weten wat voor monster ik was geweest. Dan had ik al op de Spelen van Londen gestaan. Het heeft vier jaar van mijn carrière gekost.

'Ik was een vechter, maar Soung wilde een balletdanser van me maken. Ik ben van het knokken, niet van de sierlijke bewegingen. De essentie van mijn sport is dat iemand me trapt en ik moet terugschoppen.

Reshmie Oogink vecht met de Zuid-Koreaanse In-Jong Lee op het WK taekwondo in Mexico, 2013. Beeld anp

'Als ik dat tegen Soung zei was ik egoïstisch en arrogant. Hij was een koudbloedig mens, het klikte niet. In 2011 werd Soung ontslagen. Hij heeft het taekwondo in Nederland kapotgemaakt.

'Toch heeft die periode me gevormd. Ik bepaal de strategie; daar wordt niet van afgeweken. Ik ben nu de persoon en vechter die ik wil zijn. Ik heb het voor 80procent alleen gedaan, mijn A-status terugverdiend bij NOC*NSF en mijn topsportprogramma opgezet. Ik train niet met de selectie, ik heb mijn eigen team samengesteld. Die vrijheid kreeg ik gelukkig van de bond.'

Oogink werd voor gek verklaard. Zo zou ze de Spelen nooit halen. Een maand na de mislukte kwalificatie in Mexico kreeg ze een herkansing in Istanbul. 'Niemand wist dat ik mijn hamstring had gescheurd', vertelt Oogink. 'Ik was als eerste geplaatst, hoefde alleen mijn halve finale te winnen om naar Rio te mogen. Pijn of niet, alles lukte in die partij.

'Nooit gooi ik de handdoek. Ik kan heel goed een muurtje om me heen bouwen. Dan hangt er een aura om me heen van: niet benaderbaar. Het zal de Tukker in mij zijn, dan wil ik geen gedoe. Nu ga ik in Rio knokken voor een gouden medaille. Het zal ook een statement zijn als me dat lukt.'

Tekst gaat verder onder het overzicht

Marhinde Verkerk: 'Zodra ik de controle verlies over mezelf, ben ik gezien'

Marhinde Verkerk (30), wereldkampioene judo in 2009 en Europees kampioene in 2015, was 5 jaar toen haar ouders uit elkaar gingen. 'Mijn moeder is een sterke vrouw, die vier kinderen in haar eentje heeft opgevoed. Ik was het enige meisje, we hebben een speciale band. Ze reist overal mee naartoe.' Glimlachend:'Als het mag van mij. Soms zeg ik: nu even niet. Wil ik liever alleen zijn. Maar meestal gaat mijn moeder mee en steunt ze me op de tribune.

'De scheiding van mijn ouders heeft zijn stempel gedrukt. Ik ben er door gevormd. Ik had er pas later last van, tussen mijn 12de en 15de jaar. Ik ging puberen, maar ik had niemand om me tegen af te zetten. Ik zag mijn vader wel. Om het weekend waren we bij hem. Hij is haptonoom en behandelt me soms nog. Het is moeilijk als je denkt te moeten kiezen tussen je vader en je moeder. Je wilt ze allebei blij maken en dat kan dus niet.

'Gelukkig hebben ze een goede band, mijn ouders gaan ook allebei naar Rio. Na de scheiding zagen ze elkaar niet vaak, toen lag het gevoelig. Nu is de harmonie hersteld in onze familie.

Marhinde Verkerk (links) strijdt met de Française Tcheumeo. Beeld epa

Tegen drie jongens opboksen

'Voor mijn moeder was het zwaar. Ze zei tegen mijn drie broers en mij: jullie moeten een sport kiezen en een muziekinstrument. Koos iedereen wat anders natuurlijk.

'Ik heb piano en dwarsfluit gespeeld, maar ik koos voor het judo. Ook in het judo bleef ik vaak als enige meisje over. Een typische meisjessport is het niet. Ik heb ook gehockeyd, maar een teamsport met al die meiden om me heen vond ik niks. Ik trok op school al veel met jongens op, was ik thuis ook gewend. Ik werd snel zelfstandig, fietste alleen naar de trainingen in Rotterdam-Zuid.

'Ik moest bovendien mijn moeder helpen, we hadden allemaal een taak in het huishouden. Ik moest als meisje opboksen tegen drie jongens. Ik was de een-na -jongste thuis, maar ik werd op handen gedragen door mijn broers. Zij zeiden altijd tegen mijn moeder dat ik werd voorgetrokken.

'We deden veel familiebesprekingen. Ging mijn moeder zitten met vier van die koters. Zeg maar waar je last van hebt. Daarna waren alle irritaties uit de lucht. Een broer woont nu in Engeland, de ander heeft een gezin in Oud-Beijerland. Met de feestdagen komen we bij elkaar en als het nodig is, doen we weer een interventie, zoals we dat vroeger noemden.

'Dan gaat het als in onze jeugd. Aan tafel bij mijn moeder mocht ieder zijn emoties tonen. Mijn moeder zei: we sluiten het hier af. Weglopen voor ruzies was geen optie. En dat doe ik nog steeds niet. Bij onenigheid vraag ik om een interventie.

'Kom maar sparren dan, al ben ik er fysiek beter in dan verbaal. Maar het is een goede levensles voor mij geweest. Ik moest leren praten, mijn boosheid kanaliseren. Dat moet ik nu nog op de judomat. Zodra ik de controle verlies over mezelf, ben ik gezien.

'Ik hoop dat alles samenvalt op 11augustus, mijn wedstrijddag in Rio, met mijn ouders op de tribune. Een gouden medaille op de Spelen maakt mijn erelijst compleet. Dan is de reis van het enige meisje in huis voltooid.'

Jessica Blazka: 'Vrouwelijke tegenstanders had ik niet in Nederland'

Jessica Blaszka, de eerste Nederlandse worstelaarster op de Olympische Spelen, draagt de achternaam van haar biologische vader. Haar stiefvader Michel Krauth is haar coach. 'Mijn ouders zijn gescheiden toen ik nog een baby was. Mijn moeder kreeg al vrij snel een relatie met Michel. Ik beschouw hem ook als mijn vader, al noemde ik hem aanvankelijk Michel. Daarna ben ik als vanzelf papa tegen hem gaan zeggen.

'Ik had als kind ook niet veel contact met mijn echte vader, nu weer wel. Voor mij is het nooit een belasting geweest dat ik twee vaders heb. Mijn jongste zusje heet wel Krauth, omdat zij een dochter is van mijn moeder en Michel. Mijn andere zus en ik hebben nooit de behoefte gevoeld om onze achternaam te wijzigen. Zo zijn we nu eenmaal geboren. Ik heb er ook nog twee halfbroers bij gekregen, want ook mijn echte vader is hertrouwd.'

Jessica Blaszka (links) tegen Hui Li uit China in de klasse tot 48 kg. Beeld EPA

Michel Krauth worstelde op hoog niveau, maar hij adviseerde zijn stiefdochter een andere sport te kiezen. 'In die tijd was worstelen geen olympische sport voor vrouwen', zegt Blaszka. 'Het zag er vroeger ook niet uit, twee vrouwen die met elkaar worstelden. Nu is het niveau identiek aan dat van de mannen. Ik kan me de scepsis over de sport ook wel voorstellen. Ons strakke pakje schrikt wellicht af, je vormen worden duidelijk geaccentueerd. Ik weet niet beter, al zal ik niet gaan stappen in mijn worstelpakje.'

Worstelen heeft nauwelijks bestaansrecht in Nederland en al helemaal niet voor vrouwen. Blaszka is een pionier. 'Tot mijn 13de mocht ik worstelen met jongens, daarna niet meer. Ik heb genoeg jongens op hun rug gelegd. Vaak lachten ze me uit. Haha, een meisje dat worstelt. Meestal gingen ze huilend van de mat. Vrouwelijke tegenstanders had ik niet in Nederland. We wonen in het Limburgse Landgraaf, dicht bij de grens. Daarom was het eenvoudig om de competitie te zoeken in Duitsland.'

De weg naar Rio liep tot juli langs het Zweedse Klippan, waar de 23-jarige Blaszka ruim drie jaar met de leden van de nationale ploeg trainde. Het was een eenzaam bestaan. Tijdens het Skypegesprek wijst ze op haar sober ingerichte appartement. 'In deze flat wonen vooral bejaarden, die geen Engels spreken. In het dorp is niks te beleven, soms kwamen de muren op me af. Ik heb geregeld overwogen om naar huis te gaan. Hier kan ik alleen praten met mijn konijnen. En die geven me weinig advies.'


Toch was Michel Krauth nooit ver weg, zegt Blaszka. 'Ik moet hem soms afremmen, want hij weet niet altijd wanneer hij vader of coach moet zijn. Zeg ik: nu even geen worstelen. Ik wil ook over het gewone leven kunnen praten. En dat hij niet alleen luistert als het over de training gaat.

'Negen van de tien keer dat mijn vader me belt of een bericht stuurt, gaat het over worstelen. Dan vraagt hij niet: hoe gaat het met je, maar of ik alweer een kilo kwijt ben. Wat is je gewicht? Met wie heb je getraind? Wat hebben jullie gedaan, wanneer is de volgende training? En dat allemaal in één app.


'Ik weet dat het goed bedoeld is. Het zal mijn vader zijn leven lang bijblijven dat we samen de Spelen hebben bereikt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden