Iedereen wil wel even een Ducati-motor aanraken

Sterke verhalen hebben de Nederlandse berijders van Ducati's. Over zeldzame exemplaren, snelheden, hun helden en hun liefde voor de machine.

Randy van Maasdijk. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Tientallen Nederlandse Ducati-aanhangers zagen zondagmiddag hun helden, twee Ducati-coureurs van Italiaanse bloede, op de plaatsen twee (Petrucci) en vijf (Dovizioso) eindigen. Ze zullen meer dan tevreden op hun straatmachines zijn gestapt en misschien met iets meer toeren dan normaal naar huis zijn gereden.

Winnen of verliezen, het zal ze niet veel uit maken. De Ducati-rijder is een slag motorvolk op zichzelf. Van de ene op de andere dag kun je bekeerd zijn tot het rode merk uit Italië dat zich, net als Ferrari in de autosport, onderscheidt door productie die het midden houdt tussen ambacht en kunst. Eens gegrepen, voor altijd in de ban van de 'Duc'. Van de Ducati Club Nederland zijn meer dan 3.800 mensen lid.

Gerard van Maasdijk, trots bezitter van tal van Ducati-motoren, wordt als bijzondere klant en rijder met open armen in de fabriek te Bologna ontvangen. 'Ze leiden je daar rond. Kom er in. Het zijn die kleine gebaren die Ducati onderscheidt van andere. Het is een soort van familie. Ik was hier drie dagen voor de TT en mocht door bemiddeling van mijn dealer, Ronald van Vliet, met Andrea Dovizioso (WK-ranglijstaanvoerder na Assen, red.) aan tafel. Kwartiertje praten. Hoe mooi wil je het hebben?'

Van Maasdijk staat vijf uur voor de race bij een tankstation langs de A28 zijn verhaal te vertellen. Hij heeft zijn Superleggera meegebracht, de oranjerode machine die in een serie van 500 is gemaakt. De Gelderlander heeft nummer 41 bemachtigd, zijn favoriete getal. Bij de presentatie in Milaan, in een heus theater, kreeg hij ingefluisterd hoe dat aan te pakken. De machine werd hem thuisbezorgd en heeft pas 1.500 kilometer op de teller.

Hij had hem niet naar Assen willen meebrengen. 'Iedereen wil zo'n machine daar even aanraken.' Toen hij een speciale parkeerplaats kreeg - de Superleggera is de enige in Nederland - liet hij zich verleiden de supermachine te starten en af te reizen naar Drenthe.

Van Maasdijk senior wordt gesecondeerd door zijn zoon Randy. Hij is aan de Ducati geraakt door de drie p's, 'pa, passie en paplepel'. Hij zegt zijn Panigale af en toe de sporen te geven. Over de grens in Duitsland zijn daartoe op zondagochtenden stille Autobahnen beschikbaar. 'Het is niet verboden, hè?', zegt Randy over het aantikken van 300-plus op de kilometerteller.

De liefde van pa Van Maasdijk ontstond bij een 200-mijlsrace op Imola in 1972, gewonnen door een Ducati in handen van de Brit Paul Smart. Het was een 750cc-machine, opgebouwd vanuit een straatmachine. 'Ik kon die 750 SS Green Frame Desmo twee jaar later bemachtigen. Het is nu de meest begeerde Ducati ter wereld. Ik had hem destijds mee naar een race in Zweden. Ik haalde de tank eraf, om die enorme carburateurs te showen. De mensen bleven foto's nemen. Voor Agostini, de wereldkampioen, was minder belangstelling.'

Hij verkocht het pronkstuk ('dom'), maar enkele jaren geleden was Van Maasdijk in de gelegenheid zo'n machine terug te kopen. Hij vond er een in België. 'Niet mijn eigen motor uit 1974, maar wel net zo mooi. Ik rijd er nu weer op. Nee, ik ga niet zeggen waar ik hem heb staan. Zo'n Ducati is een vermogen waard. Er zijn er 401 gemaakt. Volgens de RDW (Rijksdienst wegverkeer, red.) ben ik de enige met zo'n 750 in Nederland.'

De leden van de Ducati Club Nederland, de grootste motorclub van Europa, treffen elkaar, buiten de vele races in de wereld en het World Ducati Weekend in Rimini, dertig keer per jaar. Eind mei zijn er traditioneel de Ducati Clubraces op Assen. Wat begon met tien deelnemers in 1978, is uitgegroeid tot een spektakel met vierhonderd deelnemers.

De Ducati 848 van Gert-Jan Blauwdraat stond daar, zonder coureur, op de streep geparkeerd. De plezierrijder, met het Ducati-virus besmet door neef en oom, vertelt erover bij het tankstation Smalhorst. Hij is een van de zeven Nederlandse bezitters van een Nicky Hayden replica. De Amerikaan, in het verleden coureur voor de fabrieksrenstal, kwam in mei om het leven toen hij bij een trainingsrit op de fiets in Italië werd aangereden door een auto.

Gert-Jan Blauwdraat en Gerard van Maasdijk Beeld Guus Dubbelman

Blauwdraat: 'Ik heb de Ducati Club Nederland toen aangeboden met mijn Hayden replica te komen. Om Nicky een laatste eer te bewijzen. Er is toen een 69 seconden durende stilte gehouden. 69 omdat het zijn startnummer was. Altijd geweest. Dat kwam door Nicky's vader. Die zei: als je valt en de machine ligt op zijn kop, dan blijft je nummer nog steeds 69.'

De anekdotes komen bij een snel kopje koffie, juist voor de afslag naar het TT-circuit. Waarom al die Duc-rijders daar toch komen? De Van Maasdijks leggen dat even uit. 'Het is hier vol tanken. Dan kunnen we na de race in één streep terug naar huis.'

Ducati-rijder Dovizioso aan kop na TT Assen

De Ducati-motor houdt het midden tussen ambacht en kunst. De liefhebbers van deze machine keerden zondag opgetogen huiswaarts na de TT Assen. Vier Ducati's zaten bij de eerste acht. Lees hier verder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden