Hordenloper Koen Smet moest ook buiten zijn sport obstakels overwinnen. 'Ik heb weer zin in het leven'

Gesterkt door de biecht van radio-dj Bouwman vertelt atleet Koen Smet over zijn paniekaanvallen en het zoeken naar zijn identiteit. Zaterdag staat voor hij voor eerst sinds vier jaar weer op een mondiaal toernooi.

Hordenloper Koen Smet. Beeld Novum RegioFoto
Hordenloper Koen Smet.Beeld Novum RegioFoto

Het is op een koude oktoberavond in 2016 als Koen Smet op de hoek van de straat zijn fiets tegen de grond smijt. De talentvolle hordenspecialist kan niet meer. De paar kilometer die hij door Amsterdam moet fietsen naar zijn vriendin voelen als de moeilijkste horde die hij ooit heeft moeten nemen. Hij zakt in elkaar. Na een paar minuten draait hij om. De nacht in. Zonder jas.

Op een bankje in een bos net buiten de stad overdenkt Smet het leven. Hij ziet het niet meer zitten. Wat heeft het allemaal voor zin? Al maanden komt hij het huis niet uit. Thuis maakt hij eigenlijk ook alleen nog maar ruzie. Na een paar uur verdwaasd op het bankje te hebben gezeten, ziet hij op het schermpje van zijn telefoon de twintig gemiste oproepen van zijn vriendin oplichten. Hij raapt zich bij elkaar. De volgende dag zitten ze samen bij de huisarts. De diagnose volgt niet veel later bij de psychiater: Smet kampt met een depressie, paniekstoornis en identiteitsproblemen.

In de lobby van het atletenhotel in Birmingham, waar de WK indooratletiek plaatsvinden, neemt Smet ruim de tijd voor het interview. Hij voelt zich gesteund door de bekentenissen van Q-music-dj Stephan Bouwman, die in zijn radioshow deze week vertelde met een depressie rond te lopen. 'Het kan iedereen overkomen. Ook dj's en topsporters. Daarom is het belangrijk om er over te praten', aldus de 25-jarige Smet

Zijn psychiater heeft hem veel nieuwe inzichten gegeven. 'Ik heb een paar jaar psychologie gestudeerd, mijn bachelor overigens niet afgemaakt. En ik ben een hordenloper, iemand die in zijn leven allerlei obstakels moet overwinnen. Het ligt er wel dik bovenop hè? Maar het helpt wel om over deze dingen na te denken.'

Vandaag start hij om 19.30 uur Nederlandse tijd voor series op de 60 meter horden. Het is zijn eerste mondiale toernooi weer in vier jaar. Het gaat goed met hem, hoewel hij deze ochtend nog een paniekaanval heeft gehad. 'Daar moet ik mee leren omgaan. Maar het gaat. Ik heb weer zin in het leven. Zin om te lopen. Dat is heel lang wel anders geweest.'

Smet was bij de junioren de snelste Nederlander ooit op de 60 meter horden. Aan talent geen gebrek. Maar de carrière van Smet kende daarna ook diepe dalen. Aan de hand van de vier belangrijkste toernooien uit zijn leven vertelt hij zijn verhaal.

Nederland - Westfalen (C interland, 2007)

Als 15-jarige jongen wordt Smet uitgenodigd om voor Nederland uit te komen op de 300 meter horden. Ook de jonge Dafne Schippers loopt er rond. Hij wordt aan alle kanten voorbij gelopen door zijn leeftijdgenoten, maar Smet heeft eindelijk gevoel ergens bij te horen. Voor het eerst.

'In groep 6 verhuisde ik met mijn ouders naar de Amsterdamse wijk Osdorp. Daar was ik ineens de enige blanke jongen van de klas. Zie je maar eens staande te houden dan, als klein en onzeker blond jongetje. Je bent vanzelf het pispaaltje. Mijn middelbare school lag ook in Osdorp. Ook een zwarte school, maar wel een met een speciaal topsportprogramma. Toch bleef ik altijd dat buitenbeentje.'

Volgens zijn psychiater kan het goed dat daar de kern van zijn identiteitsproblemen liggen. Smet: 'Ik werd echt stevig gepest. Ben ook fysiek mishandeld door mijn klasgenootjes. Ze scholden me uit voor kaaskop, maakten opmerkingen over mijn voortanden. Dat soort dingen. En ik was ook nog een zware puber. Echt een branieschopper. Laten we zeggen dat het niet de ideale omstandigheden zijn om op te groeien met de ambitie om topsporter te worden.'

Nederlandse Kampioenschappen Junioren (2009)

Smet wint op het NK voor junioren brons op de 110 meter horden en 400 meter horden. Op zijn slaapkamer blinken de twee medailles aan de muur, waar al zijn medailles op chronologische volgorde hangen. Hij kijkt er nog vaak naar.

'De ontlading was groot na die twee medailles. Ein-de-lijk prijs, dacht ik. Van 2004 tot 2009 heb ik wel dertien of veertien vierde plaatsen behaald. Ik werd er ziek van. Je gaat ook twijfelen aan jezelf. Maar daar liep ik ineens een limiet: voor de Jeugd Olympische Spelen nog wel.'

Het was ook vanaf dat moment dat Smet de druk begon te voelen. Druk die hij zichzelf oplegde. Maar ook druk van buitenaf. Zijn toenmalige coach was vaker de tirannieke beul dan vaderlijke sparringpartner. 'Ik wil er niet te veel over zeggen: maar ik ben die jaren fysiek en mentaal gesloopt.'

Ter Specke Bokaal (Lisse, 2016)

Koen Smet is op dat moment al een paar jaar de beste hordenloper van Nederland. Hij wordt in 2012, 2013 en 2014 Nederlands kampioen op de 110 meter horden. Na een jaar waarin hij geplaagd wordt door blessures en een moeizame trainerswissel moet 2016 zijn jaar worden. Het jaar van de Olympische Spelen in Rio de Janeiro en de Europese kampioenschappen in Amsterdam. In zijn Olympisch Stadion. De plek waar hij zijn eerste horde nam.

Bij de traditionele openingswedstrijd van het outdoorseizoen in Lisse breekt er iets in Smet. 'Ik liep die winter beter dan ooit. Mijn idee was: de EK en Olympische limiet loop ik wel even. Kan ik daarna met volle focus naar die toernooien toewerken.'

Maar hij blokkeert volledig. Hij loopt een halve seconde boven de limiet. 13,40 seconden wordt een obsessie. Een idee-fixe dat hem een diep dal in sleurt. In de weken daarna gaat het snel slechter. Smet is maniakaal bezig met die tijd. Soms loopt hij zelfs twee wedstrijden per dag. De limiet wordt niet gehaald. 'Daar in Lisse begon de ellende pas echt.'

Europese Kampioenschappen (Amsterdam, 2016)

Op de EK in Amsterdam is Smet er niet bij. De knoop in zijn maag heeft hem in een wurggreep. Zijn ouders zijn aanwezig als vrijwilligers in het Olympisch Stadion, ingeschreven met de gedachte dat ze daar hun zoon zien schitteren.

Zijn moeder zit de hele week bij de dopingcontrole. Vader Smet is verantwoordelijk voor de horden. Maar hun zoon is er niet. Die zit thuis, de gordijnen dicht. Zijn vader zet de horden die week niet klaar voor zijn enige kind, maar voor een geblesseerde Gregory Sedoc. Sedoc strandt uiteindelijk in de series.

Koen Smet na het winnen van de finale 110 meter horden tijdens het NK atletiek van 2013. Beeld anp
Koen Smet na het winnen van de finale 110 meter horden tijdens het NK atletiek van 2013.Beeld anp

'De maanden na de EK waren de hel. Ik loog tegen mijn trainer dat ik had getraind, maar ik lag gewoon de hele dag op bed een beetje series te kijken. Tot dat moment in oktober.

'Op dat bankje in het bos. Daar ging de knop om. Met hulp van buitenaf, want zoiets kun je niet alleen. Niemand kan dat alleen. En kijk eens waar ik nu ben. Op een WK. Ik ga dit jaar laten zien dat ik weer helemaal terug ben.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden